James Earl Ray veroordeeld voor aanslag op Martin Luther King

Op 10 maart 1969 werd de vermoedelijke moordenaar van Martin Luther King, James Earl Ray, veroordeeld tot een gevangenisstraf van 99 jaar. De uitspraak werd gedaan nadat Ray bekende dat hij Martin Luther King vermoord had. Enkele dagen later trok hij deze bekentenis weer in. Tot aan zijn dood in 1998 is er veel onduidelijkheid blijven bestaan over de aanslag.

Als oudste uit een gezin van acht kinderen kreeg James Earl Ray al jong te maken met problemen. Zijn vader werd regelmatig gezocht door de politie voor kleine vergrijpen en een zusje kwam te overlijden door brand nadat ze speelde met lucifers. Deze gebeurtenissen beïnvloedden de jonge Ray. Na een kortstondige militaire carrière werd Ray in 1948 op 21-jarige leeftijd uit het leger gezet, hij had moeite met de gedragsregels en overtrad deze dan ook herhaaldelijk. Tot 1960 hield Ray zich bezig met kleinere criminele vergrijpen, meestal gevolgd door een celstraf. Toen hij drie supermarkten beroofd werd Ray opgepakt en veroordeeld tot een celstraf van twintig jaar. 

De moord op Martin Luther King

In 1967 wist de gewiekste Ray te ontsnappen uit de Missouri State Penitentiary. Via Canada, Mexico en Los Angeles kwam hij in april 1968 terecht in Memphis. Onder de naam John Willard huurde Ray een hotelkamer tegenover de verblijfplaats van Martin Luther King, het Lorraine Motel. Terwijl King op het balkon van zijn motel stond haalde Ray vanuit de badkamer van zijn hotelkamer de trekker over. Waarom hij King wilde vermoorden is tegenwoordig nog steeds een punt van discussie. Eén van de theorieën is dat Ray racistische gedachtes zou hebben en beroemdheid willen vergaren door de moord op Martin Luther King. Direct na de moord zagen ooggetuigen Ray het motel verlaten en op de vlucht slaan.

Veroordeling van James Earl Ray

De moord op Martin Luther King veroorzaakte een klopjacht die meer dan twee maanden duurde. Op 8 juli 1968 werd James Earl Ray op Heathrow aangehouden voor de moord. Tijdens het proces, op 10 maart 1969, bekende James Earl Ray dat hij  de aanslag had gepleegd, direct daarna werd de gevangenisstraf van 99 jaar uitgesproken. Drie dagen later kwam Ray terug op zijn bekentenis. Naar eigen zeggen had hij bekend om de doodstraf te voorkomen. Hij verklaarde dat hij dacht dat hij daarna genoeg tijd en mogelijkheden had om zijn veroordeling in twijfel te trekken.

Schuldig?

Na de veroordeling bleven er nog veel vragen bestaan over de betrokkenheid van Ray. In tegenstelling tot eerdere verklaringen opperde Ray dat hij betrokken was, maar dat er met hem meerdere personen achter de moord zaten. Hij verklaarde dat hij in Canada iemand had ontmoet met de naam “Raoul” die de hele aanslag had gepland. Hij zou er door deze man ingeluisd zijn. Een theorie die weinig voeten in de aarde had omdat de vingerafdrukken van Ray op het moordwapen waren gevonden. Hoewel Ray door verschillende advocaten verdedigd werd, is deze bewering nooit bewezen. In de jaren '90 deed een nieuwe theorie de ronde. Er zou sprake geweest zijn van een samenzwering vanuit de overheid.

Steun

Hoewel meerdere mensen geloofden in de onschuld van Ray was het bijzonder dat de familie van Martin Luther King dezelfde mening had. Dexter King, de zoon van Martin Luther King, kwam in 1997 persoonlijk langs bij Ray om hem te vragen naar de waarheid. Ray was zwak als gevolg van Hepatitis C, maar sprak toch met Dexter en overtuigde hem van zijn onschuld. Na de openbare steunbetuiging van de familie King werd het onderzoek nog eenmaal heropend. Er werd echter geen nieuw bewijs gevonden dat Ray vrijpleitte. Als gevolg van zijn ziekte overleed Ray in 1998.

Meer weten

En mis nooit meer de mooiste historische verhalen!

Neem nu een abonnement en krijg schitterende cadeau's!