Home » Reportage
geschiedenis plaagbestrijding

Effectiever dan de mens: de herontdekking van natuurlijke plaagbestrijders

Al sinds de mensheid aan landbouw doet, wordt de mensheid geconfronteerd met plagen. Bijvoorbeeld dieren die de oogst opeten, of planten die de akkers overwoekeren. Het bestrijden van zulke plagen heeft een slechte naam gekregen. De bestrijding van onkruid of ongedierte is in de afgelopen honderd jaar namelijk vaak gepaard gegaan met het gebruik van allerlei chemische middelen. Maar daarbij bleek vaak dat het middel – op de lange termijn – vaak net zo erg was als de plaag, zo niet nog erger. Maar juist in diezelfde eeuw werden er ook veel ontdekkingen gedaan op het gebied van biologische bestrijding. Die soms effectiever bleek dan elk menselijk verzinsel. 

Muggen in Panama

Een van de plekken waar zulke ontdekkingen een hoofdrol speelden, was het Panamakanaal. In 1880 waren de Fransen begonnen met de bouw van het kanaal, maar in 1889 staakten ze de werkzaamheden. De arbeiders die het kanaal groeven, werden geteisterd door Gele Koorts en Malaria. Die twee ziektes gingen al bijna twee eeuwen rond, maar Panama was ten tijde van de bouw van het kanaal erg dun bevolkt. Daardoor konden de parasieten die de ziektes veroorzaken, niet in genoeg aantallen voorkomen om de ziekte snel door te geven. 
Dat veranderde met de bouw van het kanaal. Tienduizenden arbeiders kwamen naar Panama toe en woonden vaak dicht opeengepakt in arbeidersnederzettingen langs het kanaal. De twee ziektes die tot dan toe slechts sporadisch voorkwamen, groeiden uit tot ware epidemieën en in een mum van tijd overleden duizenden arbeiders. In 1898 en 1900 werd ontdekt welke rol de muggen in de verspreiding van die twee ziektes spelen en de Amerikanen, die de bouw hadden overgenomen, zetten groots in op de bestrijding van muggen. Deels werd dat met chemicaliën gedaan, maar ook door de inzet van dieren. Het bleek namelijk onmogelijk om de muggen met alleen chemicaliën te bestrijden. Zolang er water stilstaand water in de buurt was, konden de muggen zich voortplanten. In poelen en meren met stilstaand water, werden roofvissen uitgezet die de muggenlarven opaten. Gecombineerd met andere vormen van bestrijding bleek dit een gouden greep. Binnen een jaar na de start van de muggenbestrijding, waren de epidemieën opgelost. 

Insecten als bestrijders

Natuurlijke vijanden inzetten om plagen te bestrijden, bleek dus een effectieve manier te zijn. Eigenlijk wordt op die manier het natuurlijke ecosysteem een beetje hersteld. En daarbij kunnen insecten soms juist goed van pas komen. Een goed voorbeeld daarvan is de “Prickly pear”-plaag in Australië. In de achttiende eeuw werden deze uit Midden- en Zuid-Amerika afkomstige vijgcactussen door Britse kolonisten meegenomen naar Australië. Daar kwamen ze goed van pas. Enerzijds omdat de cochenilleluis die op de cactus leeft werd gebruikt in de textielindustrie, maar de cactussoort bleek ook handig als natuurlijke omheining. Echter, de cactus bleek iets té goed te gedijen in het Australische landschap. Gigantische delen van het land werden vrijwel ontoegankelijk door de woekerende cactus, die haar Engelstalige naam prickly pear (letterlijk vertaald: stekelige peer) eer aan doet. Op het hoogtepunt was meer dan 24 miljoen hectare land onbruikbaar voor landbouw. Grote projecten om de cacti uit te graven of te verbranden, leidden tot niets. Tot in de jaren 20 een insectensoort, bekend onder de latijnse naam Cactoblastis cactorum naar Australië werd gebracht. De rupsen van dit kleine motje eten zich door de harde buitenkant van de plant heen, om zich in de cactus vol te eten met het zachte materiaal aan de binnenkant. Het bleek een succes. In 1930 was 80% van het overwoekerde land weer bruikbaar. 

Insecten die insecten eten 

Insecten kunnen ook worden gebruikt om andere insecten te bestrijden. Bekend is het voorbeeld van lieveheersbeestjes die bladluizen oppeuzelen. Daarom worden lieveheersbeestjes vaak al ingezet in de glastuinbouw. Daarbij wordt overigens vaker gebruik gemaakt van de larven, dan van de volgroeide lieveheersbeestjes. De larven hebben namelijk een nog grotere eetlust. Maar ook in moestuinen kunnen op die manier plaaginsecten bestreden worden. Winkels zoals Rootsum kun je larven van lieveheersbeestjes kopen voor gebruik in je eigen moestuin. 

Overigens zijn lieveheersbeestjes niet de enige insecten die andere insecten kunnen bestrijden. Roofmijten van de familie Phytoseiidae zijn bijvoorbeeld erg effectief tegen spint en kunnen w orden ingezet in moestuinen. Andere soorten roofmijten zijn dan weer een handig als bij het bestrijden van rouwvliegjes, waarvan de larven vaak kamerplanten teisteren. 

Het inzetten van zulke insecten kun je zien als het herstellen van een klein stukje ecosysteem. In de natuur komen bloemen en planten alleen voor in een ecosysteem, maar dat ecosysteem is tegenwoordig vaak niet meer compleet. Bepaalde natuurlijke vijanden van planten of dieren komen niet meer voor en daardoor kunnen die soorten zich ongehinderd voortplanten, of in het geval van planten gaan woekeren. Door de introductie van bijvoorbeeld roofmijten wordt eigenlijk een stukje ecosysteem hersteld. Tenminste – als je een inheemse soort roofmijten gebruikt natuurlijk. 

Partners: 

Ga mee op ontdekkingstocht naar archeologische vindplaatsen in binnen- en buitenland!

Covers OA

Iedere maand meeslepende en prachtig geïllusteerde verhalen over de geschiedenis van Amsterdam.

Nu in de winkel

Het nieuwe nummer is verschenen. Koop dit nummer bij een kiosk of boekhandel bij jou in de buurt

Meld je nu aan voor onze nieuwsbrief. 

Cover komend nummer

Het komende nummer van Geschiedenis Magazine verschijnt omstreeks 7 maart. 

Aanbieding

Lees het eerste jaar Geschiedenis Magazine extra voordelig én kies een welkomstcadeau!