De keizer brandt zijn vingers in Broek in Waterland

Op 15 oktober  1811 bezoekt eerst Napoleon Broek in Waterland en een aantal uren later, op aanraden van haar echtgenoot, ook Marie Louise dit voor toeristen al eeuwen zo aantrekkelijke dorp vlakbij Amsterdam. Burgemeester Bakker ontvangt hen en doet verslag.

Door Roy de Beunje

Broek in Waterland, vaak afgekort tot Broek, is een schilderachtig dorp in de gemeente Waterland, op een kleine 16 km ten noorden van Amsterdam. Het heeft een beschermd dorpsgezicht. In de zeventiende en achttiende eeuw behoorde Broek in Waterland tot één van de meest welvarende dorpen van Waterland, het landelijke gebied tussen Amsterdam-noord, Zaandam, Hoorn en het Markermeer. Veel reders, kapiteins en rijke kooplieden verlieten Amsterdam om buiten te gaan wonen. Hier konden ze openlijk uitkomen voor hun rijkdom en lieten ze deftige huizen met prachtige interieurs bouwen. Vanwege de slappe veenbodem wordt het dorp gekenmerkt door houtbouw.

Broek in Waterland was een verplicht nummer voor de buitenlandse toerist in de 18e en 19e eeuw. In hun verslagen verbazen deze reizigers zich vooral over de uitzonderlijke properheid van het dorp, de tuintjes in postzegelformaat en de pastelkleuren waarin de houten huizen geverfd zijn. Broek was op dat moment geen schippersdorp meer, veepest en overstromingen hadden een einde gemaakt aan de veehouderij. Begin 19e eeuw, tijdens Napoleons bezoek, waren het vooral de handel en het verzekeringswezen waarmee de inwoners hun geld verdienden. Dan is het een stuk makkelijker de boel proper te houden.

Hoogst vereerd

Keizer Napoleon werd op dinsdagochtend 15 oktober 1811 feestelijk welkom geheten door burgemeester Harmen Janz. Bakker (1754-1821) en notaris Gerrit de Ruyter. Er waren, zoals overal op zijn reis door Holland, voorbereidende maatregelen genomen. Er stonden erebogen in het dorp, de klok werd geluid, er hingen vlaggen op de kerk en het weeshuis, schrijft burgemeester Bakker, en

de eigenaar van de meelmolen […] alsmede de vaartuigen, die zich alsdan op onse plaats bevinden’ werd bevolen ‘ dat zij hunne vreugde ten duidelijksten te kennen geven.’

Het lijkt er op dat dit bezoek aan Broek in Waterland een puur toeristisch bezoek was voor Napoleon. Hij kan er van gehoord hebben of over gelezen in een van de vele reisverhalen van Engelsen, Fransen, Italianen en andere Europeanen. De keizer lijkt onder de indruk te zijn, want hij schrijft die dag een brief aan Marie Louise, die begint met ‘Mijn vriendin’ en eindigt met ‘Geheel de jouwe, je NAP’,waarin hij haar aanraadt het dorp ook te bezoeken: ‘Ik wil je zeggen het dorp Broek te bezoeken, je kunt ook naar Haarlem gaan.’

Het bericht van de keizer is waarschijnlijk met grote spoed aan zijn gemalin overgebracht, want al dezelfde dag besluit ook zij naar Broek in Waterland te gaan. Daarbij bezoekt zij een woning, volgens de overlevering zou ze die via de porte fatale hebben betreden. Sommige van de houten huizen in Broek hebben een ceremoniële voordeur die alleen werd gebruikt bij bruiloften of begrafenissen, de zogenaamde dooddeur. ‘Dood en bruid gaan de voordeur uit,’ luidt een rijmpje. Verder is Marie Louise mogelijk in de sierlijke koepel aan het water geweest (waarschijnlijk die van Bakker).

Die 15e oktober was voor iedereen een feestelijke en mooie dag geweest, zo kunnen we lezen in een schrijven van 18 oktober 1811 van burgemeester Bakker aan de onderprefect van het arrondissement, waarin hij trouwens ook van een komisch gevoel voor understatement blijk geeft:

Wel Edele Gestrenge Heeren,

Ter voldoening van EwEd. missieve gedateerd Hoorn 23 september 1811 nr 10 opsichtelijk met de helft van iedere maand opgaaf te doen aan Uw edgestr. van al wat belangrijk is dat op onze plaats gebeurd, zo hebben de eer UwEdGestr. te berichten dat niets belangrijks op onse plaats is voorgevallen dan alschoon het niet tot de bedoelde opgaaf mogt behoren. Evenwel niet kunnen nalaten Uw Ed Gestr. te berichten, dat onse plaats op den 15e dezen des s' morgens ruim half Negen uur op 't hoogst is vereerd geworden met een bezoek van zijne Majesteit den Keizer onse Souverein.

Nee, er was niets belangrijks voorgevallen, behalve het bezoek van een keizer!

Bakker schrijft verder dat bij aankomst van de keizer de ‘aanschouwers’ hem

met de levendigste toejuichingen’ hebben begroet. Twaalf ‘jonge vrijsters’ hebben de weg met bloemen bestrooit en ik mogt dien Eer Erlangen om zijne Majesteit na mijne Wooning te geleiden. Dan aldaar mogt ik die bijzondere genoegens genieten dat zijn Majesteit de aangeboden ververschinge volwaardig en op ’t minnelijkst aannam en dezelve gebruijkten en na een klein uurtje op onse plaats doorgebracht te hebben is hoogstdezelfs onder de herhaalde toejuigingen vertrokken. Zijne Majesteit gaf op het nadrukkelijkst de duydelijkste blijken van weltevredenheid en voldaanheid te kennen.

Wonderlijk, Napoleon zou hier wel genomen hebben van de klaargemaakte verversingen en die in Medemblik geweigerd hebben uit angst vergiftigd te worden?

Bakker vervolgt:

Dan des s’middags ten half twee uur wierd dezer vreugde als weder vernieuwd, Haare Majesteit den Keizerin geliefde onze plaats ook mede met een bezoek te vereeren. Bij hoogst des zelfs aankomst wierd zij ook mede als hoogstdeszelfs haar gemaal door mij, de adjunct en municipalen raden verwelkomt en door toejuichingen begroet, den weg door de gemelde vrijsters met bloemen bestrooit en na het bezigtigen van eenige huisen vertrok haar Majesteit na ook meede een klein uurtje vertoeft te hebben. Haare Majesteit gaf op ‘t minsaamst haare byzonde­re genoegens te kennen.

De vriendelijkheid en minnelijkheid die zijne Majesteit den Keizer en hare Majesteit den Keizerin in het doorwandelen der plaats aan de aanschouwers betoonden trok Liefde, Hoogachting en bewondering van ieder op ’t nadrukkelijkst tot zich. Deze voor onse gemeente zo hoog vereerende dag van den 15e october zal bij een ieder lange in geheugenisse blijven.

Een en al enthousiasme klinkt door in deze brief. Wat schoonheid, in dit geval van een dorp, teweeg kan brengen. De burgemeester (koopman en verzekeraar) Harmen Janz Bakker kreeg na het bezoek van Napoleon het Legion d’honneur (in december 1811) en zijn kleindochter een horloge.

[caption id="attachment_38040" align="alignleft" width="376" caption="Gezicht op de noordwesthoek van het Havenrak, 1806, kopergravure, maker: Evert Maaskamp (Noord-Hollands Archief)"][/caption]












Het Beroemde Huis

Rondom het Havenrak, een natuurlijke verwijding van het watertje de Ee dat vroeger als havenbekken dienst deed, liggen de oude houten huizen van Broek losjes gegroepeerd. Vanwege de slappe ondergrond bestaan de huizen uit een houten constructie. Het huis van burgemeester Bakker, waar keizer Napoleon het ‘noenmaal’ gebruikte met een aantal genodigden, was van steen. Helaas bestaat het niet meer. Het was een groot landhuis aan De Erven en heette ‘Het beroemde Huis’. (Ook Alexander I van Rusland is er geweest in 1814.) Nu heet een ander huis aan De Erven (10-14) Het Beroemde Huis. Ook dat huis heeft een belangwekkende geschiedenis. In 1789 overleed hier de vermogende koopmansvrouw Neeltje Pater (1730-1789). Ze was kinderloos gebleven en liet miljoenen na (onder andere 24 pakhuizen in Amsterdam, maar ook goud en contant geld). Een van haar erfgenamen verkocht haar huis in 1791. De nieuwe eigenaar moderniseerde het, bij het water verrees een theekoepel. In het begin van de twintigste eeuw was de latere burgemeester van Broek (van 1923 tot 1946), Pieter Jan Peereboom de eigenaar. Hij noemde het pand Het Beroemde Huis, op dat moment was het ‘echte’ Beroemde Huis al afgebroken.

Dat neemt niet weg dat bijna nergens ‘het plaatje’ dat Napoleon in 1811 heeft gezien, nog zo intact is als in Broek in Waterland. Dat is mooi te zien op het schilderij ‘Gezicht op Broek’ van Antoine-Ignace Melling (zie kader op p. [XX]). Aan het Havenrak in Broek in Waterland is op een bord een kopie geplaatst, ongeveer op de plek vanwaar Melling zijn gezicht op Broek geschilderd heeft. In het water ligt een eendenhuis en aan de overzijde staat een theehuis in Japanse stijl. Napoleon schijnt genoten te hebben van het pagode-achtige prieel, zo gaat de overlevering. Er wordt beweerd dat Napoleon daar op de thee is geweest. Verder was er het plan om de keizer die dag ‘’t Diaconie-armenhuis en de kerk te laten bezigtigen’, schrijft burgemeester Bakker. Of dat inderdaad allemaal gelukt is, weten we niet. En ook weten we niet of de keizer inderdaad zijn schoenen heeft uitgetrokken bij het binnengaan van een of meerdere huizen. Dat zou in die tijd wel van elke bezoeker geëist zijn door de propere Broekse vrouwen. Hilarisch tenslotte is het (verzonnen?) verhaal dat Napoleon in de keuken van de burgemeester een deksel van een pan oplichtte, die nog roodgloeiend was van het vuur, en zijn vingers brandde. De burgemeester zelf schrijft er niets over.

Door de Franse tijd kwam ook in Broek in Waterland een einde aan de grote bloei. De oorzaak lag vooral in het continentaal stelsel. Veel Broeker geld was belegd in Engelse effecten en door maatregelen van Napoleon verloren deze effecten hun waarde.

In 1938 werd Broek in Waterland door de aanleg van Rijksweg N247 vrij lomp in tweeën gehakt. Het oude gedeelte is echter nog steeds een bezoek waard. Het is een levend en bruisend openlucht museum, met tientallen Rijksmonumenten. Van sommige monumentale woningen zijn de originele interieurs nog te bezichtigen, zoals van het prachtig gerestaureerde ‘Het Beroemde Huis’ aan De Erven 10-14, waar Napoleon dus niet binnen is geweest maar wel langs gelopen op die dinsdagochtend 15 oktober 1811.

[caption id="attachment_38051" align="aligncenter" width="376" caption="Het Beroemde Huis van burgemeester Bakker, waar Napoleon is ontvangen op 15 oktober 1811, litho van Frères Buffa"][/caption]

Kunstenaar in dienst van Napoleon

De Duitse kunstschilder Antoine-Ignace Melling (1763-1831) heeft in zijn jonge jaren tekenkunst, beeldhouwkunst, wiskunde en bouwkunde gestudeerd. Zijn reislust bracht hem in 1782 in Italië, Egypte, Klein-Azië, de Krim en Smyrna. In 1784 vestigt Melling zich in Konstantinopel, waar hij voor de sultane Hadidgé tuinen, gebouwen en decors ontwierp. Mede door de Egyptische expeditie van Napoleon (1798) verslechterde de relatie van Melling met sultane Hadidgé en sultan Selim III en hij vertrekt naar Parijs. Hij bewerkt zijn tekeningen tot de publicatie: Voyage pittoresque de Constantinople et des Rives du Bosphor, opgedragen aan Napoleon Bonaparte. Josephine, toen nog de vrouw van Napoleon, is onder de indruk en Melling geniet haar bescherming. De enige officiële positie die Melling verwerven zal is die van permanente leverancier van prenten aan het ministerie van Buitenlandse Zaken, de opdrachtgever van de meeste van zijn reizen.

In 1812 bezoekt Melling de departementen in het noorden, waaronder Holland (waarschijnlijk tussen april en eind augustus), nog net op tijd omdat Napoleon pas begin december van zijn fatale veldtocht uit Rusland terugkeerde. Lebrun schreef in de zomer van 1812 naar Parijs: ‘We hebben hier de meest volmaakte rust. De regering werkt zonder nodeloze wrijving en de politie lijkt niets te hebben om zich zorgen over te maken.’ Mellings reis van1812 wordt niet alleen gedocumenteerd door een groot aantal tekeningen die zijn overgeleverd en hadden moeten leiden tot Voyage pittoresque aux Pays du Nord, maar ook door de brieven die hij naar zijn familie in Parijs heeft verzonden.

Melling bezocht onder andere Amsterdam, Den Haag, Rotterdam, Arnhem en Middelburg. En dus Broek in Waterland, waar hij ‘Gezicht op Broek’ maakte. Melling maakte de tekening (op basis waarvan later een gouache is gemaakt) kijkend over het havenrak, terwijl hij met zijn rug naar het dorp stond. Met enige zekerheid kan worden gesteld dat de oudere heer links van ‘het balkon’ de burgemeester Harmen Jansz Bakker is (1754-1821). Melling bleef reizen en tekenen en stierf in Parijs in 1831.

Artikel afkomstig uit

© Roy de Beunje / Stichting ThemaTijdschriften

Dit artikel verscheen in Napoleon in Nederland 1811-2011, nummer 2. In 2011 gaf Stichting ThemaTijdschriften zes ThemaTijdschriften uit waarin de reis die keizer Napoleon in 1811 maakte door Nederland beschreven wordt. De zes tijdschriften zijn nog verkrijgbaar:

Titel: Napoleon in Nederland 1811-2011
Jaargang: 2011
Nummer: 1
Uitgever: ThemaTijdschriften

Meer weten

Tijdschriften: