Home » Reportage
Greyfriars Bobby, de hond uit Edinburgh

Greyfriars Bobby was de trouwste hond van Edinburgh

Honden staan vaak bekend als ‘trouwe viervoeter’. De dieren zijn immers erg loyaal en gehecht aan hun baasje en laten dat graag zien. Sommige honden zijn zelfs zo trouw dat ze écht geen afscheid kunnen nemen van hun baas. Dat gold ook voor Greyfriars Bobby, de bijnaam van een Schotse Skye terriër die na de dood van zijn baasje maar liefst veertien jaar zijn graf bleef bewaken.

Rond 1850 kwam John Gray van het platteland van Schotland naar Edinburgh. Hij was tuinman en kwam naar de stad omdat hij op zoek was naar werk. Dat lukte echter niet, althans niet als tuinman. Om te voorkomen dat hij naar een werkhuis moest, een soort opvang waar arme en werkloze mensen toch iets van werk konden uitvoeren, nam hij een baan aan als nachtwaker bij de politie van Edinburgh. Voor nachtwakers was het verplicht een waakhond te nemen en Gray koos voor een Skye terriër. Hij noemde de hond, toepasselijk voor een Britse politiehond, Bobby.

Bobby ging elke avond mee met Gray tijdens zijn nachtwakersdienst. Echter, na een aantal jaren verslechterde de gezondheid van Gray. Waarschijnlijk had Gray een vorm van tuberculose, een ziekte die toen nog onder de naam ‘witte pest’ bekendstond. Uiteindelijk werd de ziekte Gray fataal op 15 februari 1858 en stierf hij. Hij werd begraven op de begraafplaats van Greyfriars Kirkyard in Edinburgh. Bobby vergezelde hem bij de reis naar zijn laatste rustplaats.


Het beste van IsGeschiedenis in je inbox? Schrijf je in voor onze nieuwsbrief! Helemaal niks missen? Volg ons op Facebook!


Greyfriars Bobby

Het overlijden van zijn baasje dompelde Bobby in diepe rouw. De hond was zo gehecht aan Gray dat hij weigerde het graf te verlaten. Ondanks vele pogingen van de verzorger en tuinman van Greyfriars Kirkyard om Bobby van het kerkhof te verdrijven bleef Bobby op zijn post zitten. In alle weersomstandigheden hield hij vol en week hij niet van zijn plek. Nadat de tuinman zo vaak had geprobeerd om de hond bij het graf weg te halen en op een andere plek onder te brengen, legde hij zich erbij neer en besloot hij een soort schuilplaats voor Bobby te bouwen. Hij legde twee stenen zo neer zodat Bobby daar onder kon schuilen.

Het verhaal van de trouwe Bobby verspreidde zich snel in Edinburgh en hij werd een ware attractie in de stad. Mensen uit de hele stad kwamen kijken hoe Bobby, die inmiddels bekend stond als Greyfriars Bobby, de wacht hield bij het graf van John Gray. Vooral rond één uur stonden er veel bezoekers bij het graf. Op dat tijdstip werd er namelijk een schot gelost zodat de kapiteins in de haven van Edinburgh hun chronometers konden instellen. Dit wordt nog steeds gedaan en het was voor Bobby het teken dat het etenstijd was, het enige moment op de dag dat Bobby het graf verliet. Hij volgde meubelmaker William Dow die dan vertrok richting het koffiehuis dat Bobby altijd bezocht met zijn oude baasje. Hier kreeg Bobby zijn dagelijkse maaltijd en vertrok hierna weer trouw naar het graf.

Halsband

In 1867, negen jaar na het overlijden van Gray, werd er een nieuwe verordening aangenomen in Edinburgh. Alle honden moesten vanaf nu ingeschreven worden en alle zwerfhonden zouden worden ingeslapen. Bobby had geen baasje, en daarom was er niemand die hem inschreef. Desondanks werd hij niet meteen gevangen. Omdat Bobby iedere dag ging eten bij het koffiehuis werd er door de politie van Edinburgh gedacht dat de eigenaar, John Traill, ook de eigenaar van Bobby was. Hij werd daarop gedagvaard omdat hij geen licentie voor de hond had aangevraagd. John Traill legde uit dat niet hij, maar de overleden Gray nog altijd de eigenaar was. Daarmee voorkwam hij dat hij de licentie en een boete moest betalen, maar het lot van Bobby hing nu echt aan een zijden draadje. Formeel zou de hond moeten worden ingeslapen.

Toen Sir William Chambers, de Lord Provost van Edinburgh,  over de dagvaarding en de consequenties van de uitspraak hoorde, greep hij in. Sir William Chambers had als Lord Provost -een functie vergelijkbaar met burgemeester- niet alleen veel invloed in het bestuur van de stad, hij was ook bestuurder van de Scottish Society for Prevention of Cruelty to Animals, een dierenwelzijnsorganisatie. De Lord Provost zou de licentie betalen zodat Greyfriars Bobby in leven bleef. De Lord Provost, vergelijkbaar met een burgemeester, overhandigde Bobby een halsband met een koperen plaatje waarop ‘Greyfriars Bobby from the Lord Provost 1867 Licensed’ stond gegraveerd. Deze halsband bestaat nog steeds en is te bewonderen in het Museum van Edinburgh

Overlijden

Ook nadat Bobby zijn halsband had gekregen bleef hij op zijn post op Greyfriars Kirkyard. Ondanks de soms barre weersomstandigheden hield Bobby het lang vol. Hij overleed uiteindelijk op zestienjarige leeftijd in 1972. Maar de naam van Bobby zou niet in de vergetelheid raken. Een Britse dierenrechtenorganisatiewaar barones Angelia Georgina Burdett-Coutts voorzitter van was, zorgde ervoor dat er een standbeeld kwam te staan pal tegenover het kerkhof. Er werd geprobeerd om de hond naast zijn baasje te begraven maar de regels van het Greyfriars Kirkyard stonden dit niet toe. Hij werd wel begraven op het kerkhof, zo dicht bij het graf van John Gray als volgens de regels mogelijk was. Aan de rand van de begraafplaats, maar niet al te ver van het graf van Gray, werd een plek gevonden. Ook het graf van Bobby kreeg een steen. Het verhaal over Bobby bleef ook na diens dood de harten van de Britten roeren. In de jaren na het overlijden van de hond, lieten diverse rijke dierenvrienden extra monumenten bouwen ter nagedachtenis aan de trouwe hond. Nog altijd staat er op de Greyfriars Kirkyard een standbeeld van Bobby, inclusief fontein.

Bronnen:

Ook interessant: 

Rubrieken: 

Landen: 

Tijdperken: 

Ga mee op ontdekkingstocht naar archeologische vindplaatsen in binnen- en buitenland!

Lees Ons Amsterdam

Iedere maand meeslepende en prachtig geïllusteerde verhalen over de de geschiedenis van Amsterdam.

Meld je nu aan voor onze nieuwsbrief. Het is gratis!

Ontdek Geschiedenis Magazine!