Maintaining the Balance

Balance of power retoriek in Engelse pamfletten tijdens de Spaanse Successieoorlog

Gedurende de geschiedenis heeft Engeland zich vaak sterk gemaakt voor een machtsbalans op het Europese vasteland. Bij het sluiten van de vrede van Utrecht in 1713 hanteerden diplomaten dit principe voor het eerst. De voorafgaande Spaanse successieoorlog had de dreiging van een allesoverheersend Frankrijk namelijk zorgwekkend reëel gemaakt. Uit Engelse pamfletten over die oorlog wordt duidelijk welke denkbeelden ten grondslag lagen aan haar buitenlandpolitiek.

Michiel Lemmers

In 2013 stond Utrecht grotendeels in het teken van de viering van de Vrede van Utrecht, precies 300 jaar geleden. Met een tentoonstelling in het Centraal Museum, een ‘VJ op de Dom’, een openingsspektakel op het dak van de A2 en tal van kleinere activiteiten werd stil gestaan bij de vredesonderhandelingen van 1713. Tijdens die onderhandelingen kwamen diplomaten vanuit heel Europa naar Utrecht. Na maanden van onderhandeling, maakten ze hiermee een einde aan de Spaanse Successieoorlog. Verschillende Utrechtse historici roemen de Vrede van Utrecht om haar vernieuwende methoden van conflictbeheersing. Het was de eerste vrede die door middel van onderhandelingen tot stand werd gebracht en diende tevens als model voor het Congres van Wenen.[1] De voorafgaande Spaanse Successieoorlog was ook de eerste oorlog waarin Europese diplomaten gingen werken met het idee van een machtsevenwicht, het principe dat staten in Europa met elkaar in balans moeten zijn om zo de vrede te bewaren. Toch werd in officiële documenten nauwelijks gesproken over deze balance of power. In slechts twee van de dertien verdragen die in 1713 in Utrecht zijn gesloten, wordt de term expliciet genoemd. Dat deze theorie wel degelijk een belangrijke rol speelde, blijkt uit de pamfletten die over de Spaanse Successieoorlog geschreven zijn.[2]

 

Als de katholieken zich zouden verenigen zouden ze het protestantisme van de kaart vegen

 Pamfletten waren aan het einde van de zeventiende eeuw en begin van de achttiende eeuw het belangrijkste medium om de publieke opinie te beïnvloeden. Rond deze tijd werd de publieke opinie iets waar de regering steeds meer rekening mee diende te houden. De regerende partij had namelijk de gunst van de kiezer nodig om herkozen te worden.[3] Via het pamflet raakte ook de balance of power theorie verspreid, een theorie die tot ver na de Spaanse Successieoorlog van invloed zou blijven voor de buitenlandpolitiek van Engeland. Het behouden van de Europese machtsbalans werd een van de belangrijkste argumenten voor Engelse deelname aan de Spaanse Successieoorlog. Uit analyse van de pamfletten blijkt dat de Engelsen tal van redenen hadden om de machtsbalans in Europa belangrijk te vinden: niet alleen politieke, maar ook bijvoorbeeld economische en religieuze redenen. Elk van deze onderdelen draagt bij aan het begrijpen van het belang van de balance of power voor de Engelse publieke opinie.

Bedreiging voor de machtsbalans

Engeland was nog een opkomende mogendheid in de  zeventiende eeuw. De landen waar de internationale politiek uiteindelijk om draaiden, waren Spanje en Frankrijk. Spanje was onder Karel V en diens opvolger Filips II veruit het machtigste land in Europa geweest. Aan het einde van de regeerperiode van Filips II was de Spaanse monarchie echter in verval geraakt en werd juist Frankrijk gezien als de machtigste staat op het continent. Door verschillende oorlogen en een expansionistische buitenlandpolitiek gingen de andere machten de Franse koning Lodewijk XIV zien als de grootste bedreiging voor de machtsbalans in Europa. Lodewijk XIV manifesteerde zich als een vorst met pretenties om van Frankrijk een ‘Universele Monarchie’ te maken. Hij had geen machtsbalans, maar de totale Franse overheersing van het internationale systeem voor ogen.

Onder leiding van stadhouder-koning Willem III probeerde Engeland de bedreiging van Frankrijk in te dammen. Het land fungeerde als een zogenaamde balancer state: een staat die als primair doel het waarborgen van de balance of power heeft. In de hoogtijdagen van de Spaanse hegemonie hadden de Engelsen de Hollanders gesteund in hun opstand tegen het Spaanse gezag. Nu waren het wederom de Engelsen die probeerden zo veel mogelijk allianties te vormen om de Franse hegemoniale ambities het hoofd te bieden. Doordat Engeland zich verenigde met kleinere staten in het Europese systeem kon het diens gecombineerde macht inzetten om de bedreiging van Frankrijk te beteugelen. Engeland werkte hierbij nauw samen met de Republiek der Verenigde Nederlanden, diens voornaamste protestantse bondgenoot. [4] 

Lodewijk XIV had geen machtsbalans, maar de totale Franse overheersing van het internationale systeem voor ogen

 In het laatste decennium van de zeventiende eeuw waren wederom alle ogen op Spanje gericht. Ditmaal was het niet de macht van Spanje die een bedreiging vormde voor Europa, maar juist de zwakte. De ziekelijke Spaanse koning Karel II lag op sterven en omdat hij geen directe erfgenaam had, zou de Spaanse tak van de Habsburgers met hem uitsterven. Door verschillende huwelijken maakten de Oostenrijkse Habsburgers en de Franse Bourbons beide evenveel aanspraak op de Spaanse troon. Omdat een vereniging van Spanje en Frankrijk net zo desastreus zou uitpakken voor de machtsbalans in Europa als een hereniging van Spanje en Oostenrijk, besloot Engeland als balancer state dat er naar een oplossing gezocht moest worden. Samen met Frankrijk en de Republiek besloot Engeland om de Spaanse erfenis te verdelen tussen de beide pretendenten. Karel II wilde zijn rijk echter niet opdelen en liet bij zijn overlijden in november 1700 het gehele Spaanse wereldrijk na aan Filips van Anjou, de kleinzoon van Lodewijk XIV, onder de voorwaarde dat de nieuwe Spaanse koning zijn claim op de Franse troon zou opgeven. Op deze manier probeerde Karel te voorkomen dat Spanje en Frankrijk in de toekomst alsnog samengevoegd zouden worden.

Lodewijk XIV aarzelde geen moment en riep zijn kleinzoon uit tot opvolger van de overleden Spaanse koning, waardoor hij brak met het verdelingsverdrag dat hij zelf met de Engelsen en Hollanders had opgesteld. De Oostenrijkse Habsburgers, die de gehele Spaanse erfenis aan hun neus voorbij zagen gaan, verklaarden Frankrijk en de nieuwe Spaanse koning meteen de oorlog. In Engeland ging het minder snel. Eerst moest er een consensus komen over een eventuele oorlogsdeelname. Maar waar sommigen in eerste instantie nog hoopten op een vreedzame oplossing voor de situatie bleek al snel dat dit hoogst onwaarschijnlijk was. Lodewijk XIV leek zichtbaar controle te nemen over de Spaanse monarchie door bijvoorbeeld zijn leger naar de Spaanse Nederlanden, het huidige België, te sturen en troepen van de Republiek die daar in verschillende barrièresteden gelegerd lagen te interneren totdat de Staten-Generaal zijn kleinzoon als koning van Spanje erkende. In Engeland werden deze provocaties hoog opgevat en de pamflettendiscussie over deelname aan de oorlog barstte in alle hevigheid los. Voor het eerst zou de balance of power een grote rol gaan spelen in het publieke debat.[5]

Balance of commerce

Een veelvoorkomend argument in pamfletten die oorlogsdeelname propageerden was gericht op het gevaar van de troonsbestijging van Filips van Anjou voor de handel van Engeland. Franse invloed op Spaanse havens zou de handel ernstig kunnen belemmeren, iets wat uiteindelijk ook gebeurde. In het pamflet The Duke of Anjou’s Succession considered[6], gaat Daniel Defoe, bekend als de schrijver van het boek Robinson Crusoe, uitvoerig in op het gevaar waar de Engelse economie zich in verkeerde. Een gecombineerde Spaanse en Franse vloot zou de Engelsen de toegang tot de Middellandse Zee kunnen ontzeggen en de trans-Atlantische handel tussen Afrika en het Caribische gebied, waar Engeland een grote rol in speelde, ernstig kunnen ontwrichten. Defoe zag het somber in voor de Engelse handel: “The profit we reap by it, is computed at two millions per annum, and so much we are in danger of losing by the Exorbitant Greatness of France.”[7] Kortom, de gehele Engelse handel zou verloren gaan op het moment dat er niets gedaan werd aan de vereniging van Frankrijk en Spanje.

[caption id="attachment_60270" align="alignleft" width="188"]Daniel Defoe Daniel Defoe[/caption]

Andere pamflettisten zagen het gevaar niet zo zeer in de verzwakking van de Engelse economie maar juist in de groei van die van Frankrijk. In het in 1702 geschreven pamflet Anguis in Herba: or the Fatal Consequences of a Treaty with France[8] gaat het voornamelijk over het gevaar wanneer er geen oorlog maar juist een vredesovereenkomst tussen de zeemogendheden, Engeland en de Republiek, en Frankrijk zou komen. Filips van Anjou als koning van Spanje erkennen zou er voor zorgen dat Frankrijk zich kon sterken met de rijkdom van het Spaanse wereldrijk, zodat het uiteindelijk onverslaanbaar zou worden. “Shall we by an inglorious Treaty, add the Trade and Treasure of Spain and the Indies, to the already exorbitant Power of France? [...] that she may reduce Us, and all Europe to a State of Slavery?”[9] Handel en economie speelden dus een grote rol bij het bewaren van het machtsevenwicht in Europa en in het bijzonder bij het beteugelen van “the exorbitant power of France”, een term die veelvuldig gebruikt werd in discussies over de balance of power.

Balance of religion

Het streven van Lodewijk XIV naar een Universele Monarchie werd vaak in verband gebracht met het roomse katholicisme. Zo sprak Daniel Defoe in zijn al genoemde pamflet over de Franse wens: “to establish an Universal Monarchy, and to root out what they call the Northern Heretic.”[10] Deze tegenstelling van Paapse Zuid-Europeaan versus de protestantse Northern Heretic kwam veelvuldig voor. Men maakte zich ernstig zorgen over wat de vereniging van Frankrijk en Spanje zou betekenen voor het protestantisme in Europa. De enige protestantse staten die nog enige rol van betekenis speelden op het Europese toneel waren Engeland en de Republiek. In 1701 verscheen The Danger of the Protestant Religion consider’d dat uitvoerig inging op het gevaar voor het protestantisme in Europa.[11] De schrijver zag het dan ook als de taak van Engeland om de katholieken in Europa te verdelen. Als de katholieken zich zouden verenigen zouden ze het protestantisme van de kaart vegen. Dat zat immers in de aard van katholicisme en de Universele Monarchie. Samen met de katholieke Habsburgse keizer ten strijde trekken was volgens de auteur dan ook “the only possible Means to prevent the Union between the Popish Powers of Europe, and therein the Ruin of the Protestants.”[12] Ten strijde trekken met de zwakste speler tegen de hegemoniale bedreiging, een basisprincipe van de balance of power theorie, werd hier dus voorgesteld om een godsdienstoorlog te voorkomen.

Engeland als balancer state

Veel pamflettisten voerden de onwettigheid van de troonsbestijging van Filips van Anjou aan om Engels ingrijpen te rechtvaardigen. Zelfs al zouden de Bourbons recht hebben op de Spaanse troon, dan zouden de vader van Filips van Anjou, de Dauphin, en Filips oudere broer, de hertog van Bourgondië, nog steeds eerder in aanmerking moeten komen voor de Spaanse troon. In An Argument for War, gepubliceerd in 1701, werd zelfs gesteld dat de successie onrechtmatig was omdat de Spaanse Cortes, het parlement, er geen toestemming voor had gegeven. Wat vergeten werd was dat het in Engeland misschien zo werkte, maar dat dit in Spanje niet het geval was. Toch was dit volgens de auteur reden genoeg om het testament van Karel II onrechtmatig te verklaren.[13]

[caption id="attachment_60271" align="alignleft" width="206"]Danger of Religion The Danger of the Protestant Religion consider’d[/caption]

Een andere veel voorkomende manier waarop balance of power retoriek werd ingezet om een oorlog met Frankrijk te rechtvaardigen was de rol van Engeland als balancer state. Deze rol was voor veel Engelsen iets waar ze trots op waren en wat dus ook waargemaakt moest worden. In het in 1701 gepubliceerde The best Choice of Parliament-Men considered[14] gaf de auteur een stemadvies betreffende de op handen zijnde parlementsverkiezingen. Er hing veel af van deze verkiezingen: “the Eyes of all Europe are fix’d upon you; you have the Balance of Power in your Hands, and may turn the Scales to which side you please.”[15] In hetzelfde jaar verscheen The Treaty of Partition defended[16] waarin de schrijver stelde dat Engeland de historische taak had om de Universele Monarchie te bestrijden en het Protestantisme te beschermen. Dit deed hij met de volgende metafoor: “Here stands a huge Tree [Frankrijk], that with its troublesome Shade disturbs all the Lower Wood. […] ‘tis high time to think of Lopping off some of his vexatious Branches and keep them within more moderate Bounds.”[17] Voor veel Engelsen was het behouden van de machtsbalans in Europa simpelweg een prestigekwestie en op zichzelf dus al reden genoeg om zich in een oorlog met Frankrijk te storten.

Angst voor de Pretender

Toch was er nog steeds geen consensus over Engelse deelname aan de oorlog. Hier kwam in de herfst van 1701 abrupt een einde aan met de zwaarste provocatie van Lodewijk XIV tot dan toe. Lodewijk besloot om de Pretender, de zoon van de in 1688 door Willem III verdreven koning Jakobus II, te erkennen als rechtmatige erfgenaam van de Engelse troon. Willem III had geen kinderen en bij zijn overlijden zou de Engelse troon overgaan op zijn schoonzus Anna. Zij was echter ook kinderloos dus was het parlement al geruime tijd op zoek naar een geschikt protestants vorstenhuis dat na haar de Engelse troon over kon nemen. De beste kandidaat werd gevonden in een Duitse keurvorst, George van Hannover. In 1701 werd hij met de Act of Settlement bekrachtigd als volgende in lijn voor de Engelse troon.[18] Waar men in sommige gevallen de Spaanse opvolgingskwestie nog wel wilde beschouwen als een ver-van-mijn-bed-show en een kwestie waar Engeland in principe niets mee te maken had, was dat bij de Hannoveriaanse successie een heel ander verhaal. Niemand kon nu garanderen dat Lodewijk XIV zich niet ook met de Engelse successie zou gaan bemoeien en Engeland, net als Spanje, in een Franse marionetstaat wilde veranderen. Waar mensen zich in eerste instantie nog voornamelijk druk maakten om de handel was er nu een acute bedreiging voor het voortbestaan van Engeland. In de woorden van Daniel Defoe: “the next, and indeed the main thing to be done for our security, is to bring France to such a condition, that she hall not be able either to impose that Pretender upon us, or to Support or Incourage any of our future Princes in their Arbitrary Designs against us.”[19] Zelfs toen Engeland volgens de publieke opinie in een staat van acute dreiging verkeerde bleef men het handhaven van de balance of power zien als de meest voor de hand liggende oplossing voor het probleem.

Het principe van de Balance of Power vond vanuit de pamfletten een weg naar de officiële Engelse oorlogsverklaring

 Koning Willem III overleed in 1701 na een val van zijn paard toen deze over een molshoop struikelde. Hij werd opgevolgd door zijn schoonzuster Anna en zij besloot in 1702 om eindelijk de oorlog te verklaren aan Frankrijk en Spanje. Met Willem in gedachte verklaarde zij “to enter into solemn Treaties of Allyance with the Emperor of Germany, the States general of the United Provinces, and other Princes and Potentates, for reducing the Exorbitant Power of France.” Dit alles werd gedaan voor “the Preservation of the Liberties and Ballance of Europe.”[20] Het principe van de balance of power vond dus vanuit de pamfletten een weg naar de officiële oorlogsverklaring van Engeland aan Lodewijk XIV. Gedurende de hele Spaanse Successieoorlog zou de buitenlandpolitiek van Engeland in het teken blijven staan van het waarborgen van de Europese machtsbalans. Bij de sluiting van de Vrede van Utrecht in 1713 kon men dan ook met zekerheid zeggen dat hetgeen waar de Engelse publieke opinie zo bezorgd over was, het economische, religieuze en politieke gevaar van Frankrijk, succesvol was bestreden. Dankzij de grote rol van de pamfletten en de publieke opinie had Engeland diens reputatie als balancer state waargemaakt, een rol die Engeland eeuwenlang zou blijven vervullen.

Afkomstig uit:

Titel:  Historisch Tijdschrift Aanzet
Nummer:  1
Jaargang:  29

 

Kijk voor meer informatie op onze website::

Voetnoten

[1] D. Onnekink, R. de Bruin, De Vrede van Utrecht (1713) (Hilversum 2013).

[2] Alle pamfletten dit in dit artikel worden gebruikt zijn afkomstig uit de collectie van de Koninklijke Bibliotheek in Den Haag. Deze collectie van ruim 300.000 pamfletten is gecatalogiseerd door Wout Knuttel. Elk van de gebruikte pamfletten is in de voetnoten voorzien van het bijbehorende pamfletnummer waarmee het via de zoekmachine van de Koninklijke Bibliotheek te vinden is.

[3] R. Harms, De Uitvinding van de Publieke Opinie (Utrecht 2010) 13-24.

[4] M. Sheehan, Balance of Power. History and theory (Londen 1996).

[5] Onnekink, De Vrede van Utrecht.

[6] D. Defoe, The Duke of Anjou’s Succession further consider’d (Londen 1701) Pamfletnummer: 14605.

[7] Defoe, The Duke of Anjou’s, 23.

[8] H. Maxwell, Anguis in Herba; or, The fatal Consequences of a Treaty with France (Londen 1702) Pamfletnummer: 14662.

[9] Maxwell, Anguis in Herba, 65.

[10] Defoe, The Duke of Anjou’s, 24.

[11] Anon, The Danger of the Protestant Religion consider’d (Londen 1701) Pamfletnummer: 14542.

[12] Anon, The Danger of the Protestant Religion, 24.

[13] Anon, An Argument for War, (Londen 1701), 13.

[14] Anon, The best Choice of Parliament-men considered (Londen 1701) Pamfletnummer: 14555.

[15] Anon, The best Choice, 6.

[16] Anon, The Treaty of Partition defended (Londen 1701) Pamfletnummer: 14597.

[17] Anon, The Treaty of Partition, 21.

[18] G. Clark, The Later Stuarts 1660-1714 (Oxford 1956) 189-190.

[19] D. Defoe, The Dangers of Europe, from the growing Power of France (Londen 1702) Pamfletnummer: 14661,  42-43.

[20] Oorlogsverklaring Engeland (Edinburgh 1702).

Meer weten