Wie is Ceija Stojka?

Biografie van Ceija Stojka

Ceija Stojka (1933–2013) was een Oostenrijkse Roma die tijdens WOII in drie concentratiekampen terechtkwam, en uiteindelijk bekend werd als kunstenares. Door middel van poëzie, autobiografische verhalen, schilderijen en tekeningen vertelde Stojka over de worstelingen van de Roma tijdens de Holocaust.

Ceija Stojka’s jeugd

Ceija Stojka werd in 1933 geboren in Kraubath an der Mur, een gemeente in de Oostenrijkse deelstaat Stiermarken. Ze groeide op in een Lovari familie, een subgroep van de Roma. Ze was een van zes kinderen van moeder Maria Rigo Stojka en vader Karl Horvath. Die laatste was een paardenhandelaar en zodoende reisde de familie met een woonwagen door het Oostenrijkse platteland. 

In hetzelfde jaar dat Stojka werd geboren kwamen politici samen voor een overleg over de zigeuners in Oostenrijk. Er kwam een voorstel om de 11,000 zigeuners in het land naar onbewoonde eilanden in de grote Oceaan te deporteren. Het deporteren van zo’n groot aantal mensen naar een overzees gebied werd echter als onhaalbaar gezien. Maar deze bijeenkomst zorgde wel voor nieuwe anti-zigeuner wetten. 

In 1938, inmiddels was Ceija vijf jaar, verbleef het gezin op een terrein in Wenen, juist toen zich de Anschluss voltrok. Onder het nieuwe nazi-bewind kreeg het Romagezin te maken met de rassenwetten van de nazi’s en het gezin mocht niet meer verder trekken met de woonwagen. 

De vervolging van de Roma

De Nazi’s bestempelden de Roma als Untermenschen. Hierdoor moesten de Roma zich Van 1940 tot 1944 registreren als een apart ras. Het kampeerterrein van de Stojka’s stond onder toezicht van de Gestapo. De Duitsers namen Stojka’s vader mee toen zij acht was. Een paar maanden later ontving haar moeder een doos gevuld met de as van haar man. Vervolgens namen de Duitsers Stojka’s zus Kathi mee. In maart 1944 werd Stojka met de rest van haar familie naar Auschwitz gedeporteerd, dit zou de eerste van drie kampen zijn waar Stojka terecht zou komen.

Stojka’s tijd in Auschwitz

Dagenlang moest Stojka met haar familie in een volgepropte trein staan, zonder eten of water. Zwangere vrouwen en baby’s stierven door de uitputting en hun lichamen werden in de hoeken opgestapeld en tegen de deuren geduwd. Toen de deuren bij aankomst openden vielen de doden naar buiten. In een poging om de dorst te lessen, hapten sommige passagiers tijdens het uitstappen naar regenwater. Een enkeling stapte daarbij te ver uit de rij en werd ter plekke neergeschoten door de SS. 

De familie moest werken in steengroeven en werd met de dag zwakker door uitdroging en dagelijkse lijfstraffen. Binnen drie maanden werd Stojka’s zevenjarige broertje het slachtoffer van medische experimenten in Auschwitz. Hij overleed hierdoor aan tyfus. In juni 1944 werd Ceija Stojka samen met haar moeder en een zus overgeplaatst naar concentratiekamp Ravensbrück. Haar twee overgebleven broers en zus bleven achter in Auschwitz. 

Het concentratiekamp voor vrouwen

Ravensbrück was een concentratiekamp voor vrouwen. De vrouwelijke bewakers van het kamp waren niet minder wreed dan hun mannelijke collega’s in andere kampen. De bewaakster die Stojka het meest vreesde was Dorothea Binz. De 24-jarige Binz werd in 1944 gepromoveerd tot de rang van ‘’Stellvertretende Oberaufseherin’’. Deze leidinggevende functie gaf haar veel macht, ze trainde andere kampbewaaksters en was vrij om de gevangen te martelen. In die hoedanigheid ontpopte Binz zich als een wreed en wraakzuchtig persoon. Toen een oudere gevangene was gestruikeld had Binz het hoofd van de vrouw ingetrapt. Ze liep vaak door het kamp met een zweep in de ene hand en haar Duitse herdershond aan de lijn in de ander, zoekend naar redenen om een gevangene te martelen.

In januari 1945 arriveerde een konvooi vrachtauto’s uit concentratiekamp Bergen-Belsen om werklieden te verzamelen uit Ravensbrück. De familie Stojka vluchtte naar de vrachtauto’s om aan Binz te ontsnappen. Stojka’s zusje bereikte de eerste vrachtauto, Stojka en haar moeder bereikten de tweede vrachtauto en werden naar Bergen-Belsen gebracht. Het zou later blijken dat de eerste vrachtauto niet naar Bergen-Belsen reed. Waar Stojka’s zusje terecht was gekomen wisten ze niet. 

De bevrijding van Bergen-Belsen

Het eerst gedeelte van de reis was met de vrachtauto. Het laatste gedeelte moesten Stojka en haar moeder lopen, een tocht van twee dagen. Het was winter en moeder en dochter raakten tijdens de tocht onderkoeld. Bij aankomst zagen zij dat er twee stapels waren gemaakt van recent overleden gevangenen. De enige manier om warm te kunnen blijven was om tussen deze lijken te slapen, die nog laatste beetjes warmte met zich meedroegen. Stojka’s moeder hield hen levend door gras,  aarde en leren riemen van overleden gevangenen te eten. Andere gevangenen waren zo wanhopig door de honger geworden dat zij de overledenen zelf aten. 

In april 1945 werd Bergen-Belsen bevrijd door de Britse troepen. Gelukkig, want bewaakster Binz was net overgekomen vanuit Ravensbrück. Stojka en haar moeder dachten hierdoor dat hun dagen geteld zouden zijn. Bewaker Dorothea Binz werd tijdens het Proces van Neurenberg opgehangen voor haar misdaden. Ze was verantwoordelijk voor meerdere mishandelingen en moorden van Ravensbrücks gevangenen.

Ceija Stojka’s leven na de Holocaust

Na de bevrijding van Bergen-Belsen reisde Stojka en haar moeder 1126 kilometer naar de stad Linz, in Oostenrijk. Voor de familie Stojka was Linz een plek waar de hele familie elkaar een keer per jaar ontmoette. Een jaar na de bevrijding wist het gezin zich hier te herenigen. Ze zouden hierna nog steeds een leven van armoede leiden. Stojka zou haar geld verdienen met het verkopen van stoffen en tapijten. In 1949 kreeg Stojka een zoon en in 1951 een dochter. Haar zoon Jano was een jazzmuzikant maar stierf jong in 1979 aan de gevolgen van een overdosis.

Stojka begon haar carrière als kunstenares toen zij 56 was. Ze gebruikte haar vingers en tandenstokers om te schilderen, maar gebruikte ook dingen als karton, glazen potten, ansichtkaarten en zoutdeeg om haar kunst te maken. Dit gaf haar schilderijen iets kinderlijks en laat de kijker zien hoe het was om als jong meisje in de concentratiekampen geleefd te hebben. Hitler en Binz schilderde zij als monsterlijke figuren. Op mooiere dagen schilderde Stojka velden met bloemen en aardbeien, die zij met haar familie tijdens hun reizen waren tegengekomen. 

Stojka schreef drie autobiografieën. In september 2014 werd het plein voor de Altlerchenfeld-kerk in Wien, Oostenrijk naar de Roma-kunstenares vernoemd. Voor haar overlijden in 2013 had Stojka de kerk namelijk vaak bezocht. Het Ceija Stojka Platz is het eerste plein in Europa dat vernoemd is naar een Roma. Vanaf 15 februari 2019 heeft Museum Het Valkhof een uitgebreide tentoonstelling over haar werk.

Bronnen:

Afbeelding:

  • Austrian writer and painter Ceija Stojka during a book presentation at the Camineum of the Austrian National Library in Vienna: Manfred Werner - Tsui [CC BY-SA 3.0, via Wikimedia Commons
Meer weten

En mis nooit meer de mooiste historische verhalen!

Neem nu een abonnement en krijg schitterende cadeau's!