Rampen in de visserij

De geschiedenis van vissersrampen

Het NFI gaat samen met de politie het onderzoek naar vermiste visserslieden uitbreiden. Op die manier wordt gehoopt dat er alsnog mensen kunnen worden geïdentificeerd. Daarmee zou er ook duidelijkheid komen voor de nabestaanden van op zee omgekomen vissers. Door de eeuwen heen hebben vele Nederlandse vissers het leven gelaten op zee.

De ramp van Moddergat

Het beroemde gezegde ‘de zee geeft en de zee neemt’ is altijd van toepassing geweest op de dorpen aan de Nederlandse kust. De bevolking was vaak aangewezen op de visserij voor inkomsten. Dat was soms een goede verdienste, maar het kon ook goed mis gaan. Een bekende vissersramp is de ramp van Moddergat van 1883. In het vroege voorjaar ging het gerucht dat er een schip met een lading graan was vergaan in de buurt van het eiland Borkum. De lading van het schip zou grote hoeveelheden vis aantrekken. Hoewel het visseizoen nog niet begonnen was, besloten de vissers uit te varen om van dit buitenkansje gebruik te kunnen maken. De vissers werden echter overvallen door een felle storm. In één nacht verdronken 83 mensen uit het kleine dorpje. In totaal kostte die storm 121 Nederlandse vissers het leven.

Platbodems vormden een risico

Stormen waren in deze tijd de aardsvijand van de vissersvloten. Veel dorpjes langs de kust hadden geen haven. Daarom voeren de vissers op platbodems die op het strand getrokken werden als ze niet voeren. Door die platte bodem waren de schepen ideaal voor tochten in de ondiepe wateren voor de Nederlandse kust. Maar als de golven te hoog werden vormde die platte bodem een groot risico. Door de platte bodem waren de schepen op hoge golven niet stabiel genoeg, waardoor ze snel omsloegen. Vaak verging het schip dan met man en muis. Dit overkwam ook de vissers van Moddergat. Voor de nabestaanden van de omgekomen vissers waren er vaak geen voorzieningen. Dat betekende dat wanneer hun man of vader niet meer terug kwam, zij vaak geen inkomsten meer hadden. Om het hoofd boven water te houden waren de nabestaanden aangewezen op de liefdadigheid. Om de vissersvrouwen niet helemaal aan hun lot over te laten, verschenen er in de negentiende eeuw verenigingen die fondsen wierven voor de nabestaanden van omgekomen vissers.

Tijdens de Eerste en Tweede Wereldoorlog

In de Eerste Wereldoorlog waren stormen niet meer het grootste gevaar voor de vissers. De platbodems waren vervangen door stabiele zeewaardige loggers, maar de oorlog bracht risico’s met zich mee. Hoewel Nederland neutraal was, vielen er toch nog doden door de oorlogshandelingen. De Noordzee lag vol zeemijnen die niet alleen de strijdende partijen raakten. Ook Nederlandse vissers voeren meer dan eens op een mijn. De vissersschepen hadden geen schijn van kans tegen de zware explosieven en vergingen na zo’n aanvaring met man en muis. In de jaren na de Eerste Wereldoorlog bleven de zeemijnen een probleem vormen voor de vissers. In de Tweede Wereldoorlog werd een groot deel van de Nederlandse vissersvloot gevorderd door de Duitsers. De modernste trawlers werden door de Duitsers ingezet als begeleidingsschip bij konvooien of als mijnenveger. Ondanks de oorlog konden de schepen die niet gevorderd waren, nog  blijven vissen. Daarbij werden ze wel onder strenge controle gesteld en konden de schepen niet ver uit de kust varen. Waren zeemijnen tijdens de Eerste Wereldoorlog nog het grootste gevaar voor de schippers, nu waren dat vliegtuigen. Om de Duitse economie zo veel mogelijk lam te leggen werden ook vissersschepen aangevallen door de geallieerde luchtmacht. Ondanks dat, verdienden de vissers in deze tijd redelijk. Zeker in vergelijking met de crisis van de jaren ’30. De vraag naar vis vanuit Duitsland leverden een redelijke boterham op.


Titel: Hollandse vis - Historisch Tijdschrift
Redactie: -
ISBN: 9070403552
Uitgever: Verloren
Prijs: €15,-

 

 


Spionage

Sommige vissersschepen werden ook ingezet als spionageschip. Een normaal vissersschip werd dan uitgerust met extra radioapparatuur en een speciaal opgeleid bemanningslid dat via de radio geallieerde scheepsbewegingen doorseinde naar het Duitse commando op het vaste land. Een aantal bemanningen van een van deze schepen kwam echter in opstand. Ze overmeesterden de Duitse spionnen en voeren naar Engeland.

Onderzoek met DNA-profielen

Na de oorlog werden de schepen groter, krachtiger en steviger. Grote rampen zoals de ramp van Moddergat komen nauwelijks meer voor. Desalniettemin groeit de lijst met namen van omgekomen vissers nog altijd. Ongelukken aan boord, ziekte en storm blijven levens eisen. De afgelopen maanden hebben het NFI en de politie DNA-profielen verzameld van meer dan honderd lichamen die sinds 1920 zijn aangespoeld op de Nederlandse kust. Die worden vergeleken met DNA-profielen van nabestaanden. Zo wordt gehoopt duidelijkheid te krijgen over het lot van een groot aantal vermiste vissers. In 2015 worden de eerste resultaten verwacht.  

Meer weten

De Barbaren geeft een schitterend overzicht van de voorouders van de hedendaagse Europeanen.

En mis nooit meer de mooiste historische verhalen!