De reis van Ibn-Battuta door de Sahara

De Sahara mag dan extreem droog zijn aan het oppervlak, Britse wetenschappers beweren dat diep onder de grond veel water te vinden is. De academici hebben een kaart opgesteld waarop te zien is waar Afrikaans grondwater zich bevindt en in welke hoeveelheden. Ibn-Battuta had hier vast gebruik van willen maken, tijdens zijn laatste grote reis, dwars door de Sahara in het jaar 1352.

Ibn-Battuta is een van de meest bekende wereldreizigers uit de geschiedenis. Hij werd geboren op 25 februari 1304 in de Marrokaanse stad Tangier. Zijn familie was rijk, wat hem in staat stelde zijn grootste droom te verwezenlijken, namelijk het maken van verre reizen door de islamitische wereld. Voor zichzelf stelde hij twee regels op: binnen de moslim wereld te blijven en geen enkele weg tweemaal te bereizen. Zijn laatste grote reis ging door de Sahara, op de rug van een kameel.

Voorbereiding

In de herfst van 1351 verliet Ibn-Battuta de Marokkaanse stad Fez om zich in Sijimasa, gelegen aan de rand van de Sahara, voor te bereiden op zijn tocht door de woestijn. Vier maanden lang verzamelde hij een stel kamelen en maakte hij zichzelf gereed. “Een prachtig stadje. Er zijn hier veel zoete dadels”, schreef Ibn-Battuta over Sijimasa in zijn dagboek. In februari 1352 begon zijn reis. Na 25 dagen kwam de karavaan aan bij het opgedroogde zoutmeer van Taghaza. Het plaatsje was een commercieel centrum. In het dagboek staat: “De zwarten snijden het zout in stukjes en verhandelen het vervolgens”. Vervelend vond Ibn-Battuta dat het water bij Taghaza zo bitter smaakte en het er krioelde van de vliegen.

De oase van Tasarahla

Na een tiendaags bezoek trok de karavaan met Ibn-Battuta weer verder, op weg naar de oase van Tasarahla. Hoewel het een dor gebied was, had Ibn-Battuta geluk: “we vonden veel water in poelen, achterlaten door de regen”. Onderweg zag Ibn-Battuta veel truffels groeien. In Tasarahla verbleef de karavaan drie dagen en maakten ze zich klaar voor het moeilijkste en laatste deel van de reis. Ze doorkruisten een groot deel van de Sahara, op weg naar het koninkrijk van Mali. Op de route naar Oualata stonden veel bomen langs de weg, waar de karavaan regelmatig kon uitrustten in de schaduw. “In sommige bomen zitten bijen en honing en sommige mensen halen honing uit deze bomen”, nam Ibn-Battuta waar.

Gharti

Ook zag hij fruit hangen aan de bomen dat hij niet eerder had gezien. “Ze lijken op pruimen, appels, perziken en abrikozen, hoewel ze niet echt hetzelfde zijn. Sommige bomen hebben fruit dat lijkt op komkommer”. Zodra dit komkommerachtige fruit rijp was, ontplofte het als het ware en kwam er zoiets als bloem uit, waarmee de lokale bevolking kookte en handelde. Een andere inheemse fruitsoort was de gharti. “Gharti is een fruit dat lijkt op een pruim en deze is heel erg zoet en schadelijk voor blanke mensen als ze hem eten”. De harde pit vermaalde men en de olie die de gharti opbracht werd gebruikt voor het branden van lampen, het maken van zalf en het koken en bakken van voedsel.

Nijlpaarden

Onderweg naar Oualata stopte Ibn-Battuta nog bij het dorpje Zaghari, “een groot plaatsje met zwart-getinte handelaren”.  Na een poos reizen, bereikte de karavaan eindelijk de grote rivier de Niger; Ibn-Battuta zag deze rivier onterecht aan voor de Nijl. “Ik kwam hier een krokodil tegen, het leek op een kleine kano”. Ibn-Battuta vertrok vervolgens verder richting het zuiden. Op 28 juni 1352 bereikte hij Mali. Al gauw kwam Ibn-Battuta aan bij de plaats Timboektoe, toen nog een klein en onbelangrijk oord. Hier raakte hij bevriend met de lokale handelaar Abu Bakr Ibn Qaqub, en samen verkenden ze de omgeving van Timboektoe. Bij een rivierbedding stond Ibn-Battuta vol verbazing. “ik zag zestien beesten met enorme lichamen.” Abu Bakr vertelde hem dat het nijlpaarden waren. “Hun hoofden zagen eruit als paarden en hun benen als olifanten”, schreef Ibn-Battuta.

Drinkwater

In Mali bleef hij maanden lang rond reizen, voordat hij aan de terugreis begon door de woestijn. In 1354 keerde Ibn-Battuta terug in zijn geboorteland, niet wetende dat hij had gereisd over een grondwater-rijk gebied. Het waterreservoir onder de Sahara, dat volgens de Britse wetenschappers aanwezig is, zou een oplossing kunnen bieden voor de schaarste aan drinkwater in de regio.

Meer weten

Meer lezen over: 

Landen: 

Personen: 

Tijdperken: 

Neem nu een abonnement en krijg schitterende cadeau's!

De Barbaren geeft een schitterend overzicht van de voorouders van de hedendaagse Europeanen.