Robert Hanssen dubbelspion van de FBI

‘Grootste ramp uit de Amerikaanse inlichtingengeschiedenis’

De meest beschamende episode uit de Amerikaanse inlichtingengeschiedenis is ongetwijfeld de spionageperiode van FBI-agent Robert Hanssen tijdens de Koude Oorlog. 25 jaar lang werkte Hanssen voor de FBI, maar al die tijd speelde hij waardevolle informatie door aan Russische inlichtingendiensten. 

Robert Hanssen werd geboren op 18 april 1944 in Chicago, Illinois. Aanvankelijk volgde hij een opleiding tot tandarts, maar besloot daar na een tijdje mee te stoppen omdat hij erachter kwam dat hij ‘speeksel niet zo leuk vond’. Uiteindelijk studeerde hij in 1971 af met een diploma in informatiebeheer en kreeg hij vijf jaar later een baan bij de FBI.

Ramon Garcia

Na slechts drie jaar werkzaam te zijn geweest bij de FBI begon Hanssen al met zijn spionageactiviteiten. In 1979, terwijl hij namens de FBI werkte aan een database van alle Sovjet spionnen, nam hij onder de codenaam ‘Ramon Garcia’ contact op met de Russische inlichtingendienst GRU. In ruil voor een bedrag van 30.000 dollar verraadde hij Dmitri Polyakov, een Russische generaal die al ruim 20 jaar actief was als spion voor de Amerikanen. Hanssen werd echter al snel gesnapt door zijn vrouw die hem betrapte terwijl hij in de kelder een brief schreef naar de Russen. Hij wist zichzelf te redden door zijn vrouw te verzekeren dat hij alleen misinformatie doorstuurde, maar besloot vervolgens wel direct te stoppen met spioneren.

KGB

Pas op 1 oktober 1985 hervatte Hanssen zijn spionagepraktijken. Ditmaal benaderde hij de KGB en vroeg hij 100.000 dollar in ruil voor zijn diensten. Hanssen gaf de Russen onder andere informatie over drie dubbelagenten die voor de Amerikanen werkten, namelijk Yuzhin, Martynov en Motorin. Twee jaar later kreeg hij van de FBI de opdracht om onderzoek te doen naar de reden waarom deze drie spionnen ontdekt waren. In feite moest hij dus onderzoek doen naar zichzelf. Hanssen slaagde er vervolgens niet alleen in om zijn eigen rol in het incident te verbergen, maar hij wist ook nog het bruikbare gedeelte van het rapport door te sluizen naar de Sovjets. Verder lichtte hij de KGB ook in over de laatste Amerikaanse spionagemiddelen en het FBI plan om een afluistertunnel te graven onder de Sovjet ambassade. In 1990 maakte de schoonbroer van Hanssen, Mark Wauck, melding van het feit dat hij dacht dat Hanssen een dubbelspion was. Dit vermoeden was onder andere gebaseerd op het feit dat Hanssen altijd veel cash geld in huis had en dat hij vaak sprak over het feit dat hij met pensioen wilde gaan in Polen, dat tot voor kort nog onder grote invloed van de Sovjet-Unie stond. De FBI nam het rapport van Wauck echter niet serieus.

Kleurenprinter

Robert Hanssen dubbelspion van de FBINa het uiteenvallen van de Sovjet-Unie in december 1991 kwam er een einde aan zijn samenwerking met de KGB. Hanssen probeerde daarop weer in contact te komen met zijn eerdere werkgever, de GRU. In 1992 ging hij zelfs persoonlijk naar de Sovjet ambassade, waar hij zich voorstelde als ‘Ramon Garcia’, een ontevreden FBI-agent. De Sovjets vermoedden echter dat hij een dubbelspion was en dienden een officiële klacht in bij de Amerikaanse overheid. Ondanks dat de FBI nu informatie bezat dat één van hun eigen agenten spioneerde onder de codenaam ‘Ramon Garcia’, kon Hanssen gewoon verder werken. In 1997 werd hij wederom bijna betrapt toen IT personeel een programma op zijn computer ontdekte waarmee hij geavanceerde paswoorden kon kraken. Hanssen hield echter vol dat hij dit programma alleen gebruikt had om het administrator wachtwoord te omzeilen bij de installatie van een kleurenprinter. Het hoofd van het onderzoeksteam, Johnie Sullivan, weigerde deze verklaring te geloven, maar de FBI besloot het onderzoek te sluiten. Later bleek dat Hanssen het interne netwerk van de FBI had gekraakt om uit te vinden of hij al onder toezicht stond. Ondanks meerdere overduidelijke zoekpogingen op zijn eigen naam en adres werd Hanssen ook hierbij nooit ontdekt.

Arrestatie

Al in 1994 waren de FBI en de CIA een gezamenlijke zoektocht gestart naar de spion, maar aanvankelijk hielden zij de verkeerde man in de gaten. Pas in 2000 kwamen zij voor het eerst op het spoor van Hanssen, nadat zij een Russische spion ruim 7 miljoen dollar hadden betaald voor zijn identiteit. Op dat moment hadden ze echter alleen de codenaam ‘Ramon Garcia’, die nog steeds niet in verband was gebracht met Hanssen. Pas toen een FBI-agent in één van de overgedragen documenten de uitdrukking “de paars-pissende Japanners” herkende als een George S. Patton citaat dat Hanssen graag gebruikte, viel alles op zijn plaats. Vervolgens was het vrij eenvoudig om de beschikbare informatie over de dubbelspion in verband te brengen met de FBI-agent. Op 18 februari 2000 werd Hanssen na 22 jaar actief te zijn geweest uiteindelijk in de val gelokt. In totaal had hij gedurende zijn loopbaan meer dan 1.4 miljoen dollar verdiend met zijn spionageactiviteiten. Inmiddels heeft Robert Hanssen een bekentenis afgelegd in maar liefst 15 spionagezaken en is hij veroordeeld tot een levenslange gevangenisstraf, zonder uitzicht op gratie. De zaak Hanssen werd in een FBI rapport later omschreven als 'misschien wel de grootste ramp uit de Amerikaanse inlichtingengeschiedenis.'

Afbeeldingen:

  • Spullen van Robert Hanssen. Federal Bureau of Investigation (FBI) (May 2016: Robert Hanssen) [Public domain], via Wikimedia Commons
  • Foto van Hanssen na zijn arrestatie. Federal Bureau of Investigation (Federal Bureau of Investigation) [Public domain], via Wikimedia Commons

 

Meer weten

Neem nu een abonnement en krijg schitterende cadeau's!

Neem nu een abonnement en krijg schitterende cadeau's!