Home » Reportage
VOC India Reizen

Sporen van de VOC in India

In de zeventiende eeuw stichtten de Nederlanders een uitgebreid handelsimperium in India. Indische luxegoederen zoals thee, textiel en specerijen waren in deze periode zeer gewild in Europa, waardoor er goud geld te verdienen viel met de verkoop deze producten. De Nederlandse handelaren sloegen in 1602 de handen ineen in de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC). Deze onderneming kreeg het alleenrecht op alle handel ten oosten van Kaap de Goede Hoop. Al gauw schoten Nederlandse handelsposten en forten als paddenstoelen uit de grond langs de gehele Indische kust. Ruim twee eeuwen bleven de Nederlanders prominent aanwezig in het subcontinent. Dit handelsimperium heeft zijn sporen nagelaten in India, die toeristen vandaag de dag nog steeds kunnen bewonderen.

Fort Geldria: bastion tegen de Portugezen

Begin zeventiende eeuw verrezen Nederlandse handelsposten langs de gehele Coromandelkust (de zuidoostkust van India). De kuststrook was namelijk een goudmijn aan luxegoederen. De ivoor, edelstenen, textiel parel en wierook uit deze streek vonden gretig aftrek in Europa. Deze lucratieve handel was echter niet zonder risico’s. Naast het gevaar van piraten lagen ook Portugezen voortdurend op de loer. Voor de komst van de Nederlanders beheerste Portugal namelijk de handel met India en de Portugese handelaren waren niet van plan hun positie zonder slag of stoot op te geven.

Toen de Nederlanders in 1610 een stenen pakhuis in Pallicatta (het huidige Pulicat) bouwden, vernielden de Portugezen het gebouw twee jaar later alweer. De VOC kreeg daarop toestemming van de plaatselijke autoriteiten om een versterking in de stad te bouwen. In 1613 was de vesting klaar, die de naam Fort Geldria kreeg. Het fort bewees meteen zijn waarde: in de 20 jaar daarop weerstond het vier Portugese aanvallen. Van 1613 tot 1689 was Fort Geldria dan ook het hoofdkwartier van de VOC aan de Coromandelkust. In het fort kochten de Nederlanders katoenen kleding van Indische handelaars, die ze in Indonesië voor specerijen ruilden. Eind achttiende eeuw veroverden de Britten Fort Geldria en ze bliezen de vesting in 1806 grotendeels op. De overblijfselen van het fort zijn echter bewaard gebleven, evenals het kerkhof. Geïnteresseerden kunnen de indrukwekkende grafmonumenten nog steeds in Pulcat (Madras) bewonderen.

Nederlandse Paleis Kochin Visum

Kochi (Cochin): oudste Nederlandse paleis buiten Nederland

Ook in de zuidwestkust van India streken de Nederlanders neer, in Malabar (in de huidige deelstaat Kerala). Hier zette de VOC haar zinnen op Kochi, na Goa de voornaamste Portugese nederzetting in de regio. In 1663 namen de Nederlanders de stad in na een lang beleg. Tot begin negentiende eeuw bleven de Hollanders de dienst uitmaken in de stad. Dit Nederlandse bewind is na 350 jaar nog steeds terug te zien. Met name in de wijken Fort Kochi en Mattancherry zijn veel koloniale gebouwen terug te vinden. Wie helemaal op wil gaan in het verleden, kan de nacht doorbrengen in het Bolgatty Palace. Dit landhuis werd in 1747 gebouwd voor de gouverneur van de VOC en is daarmee een van de oudste Nederlandse paleizen buiten Nederland. Sinds 1947 valt het gebouw onder het beheer van de Indische staat, die besloot het complex als hotel te gebruiken. Een stijlvolle locatie voor je vakantie.

Surat toeristen Nederland India

Surat: katoen en indigo

In 1616 ontzegde de Sultan voor Atjeh de Nederlanders de toegang tot zijn koninkrijk, waardoor de VOC haar voornaamste bron van katoen kwijtraakte. De Nederlanders moesten deze waardevolle grondstof nu ergens anders vandaan zien te halen. Hiervoor kwamen ze uit bij Surat, in de tegenwoordige deelstaat Gurajat. De VOC-koopman Pieter van den Broecke stichtte er in 1616 een handelspost, die naast katoen ook de kostbare kleurstof indigo exporteerde. Surat ontwikkelde zich al gauw tot de spil van de Nederlandse handel in noordwest India. Er ontstond dan ook een flinke Nederlandse gemeenschap in de stad. De duidelijkste restanten van hun aanwezigheid is het Nederlandse kerkhof. Hier zijn grote Indische grafmonumenten op de laatste rustplaatsen van Nederlandse hoogwaardigheidsbekleders neergezet. Deze constructies vertonen duidelijk Europese invloeden, met hun zuilen en Romeinse bogen. De voorspoed van Surat duurde echter niet eeuwig. Vanaf 1759 verschoof de handel steeds meer naar het Britse Bombay, waardoor de Nederlandse handelspost aan belang inboette. In 1795 droeg de VOC haar kolonie dan ook over aan de Britten.

Praktisch:

Wie deze monumenten met eigen ogen wil bekijken, moet daarbij wel op een paar zaken letten. Zo wordt het sterk aanbevolen om je tegen DTOP en hepatitis a te laten inenten. Bovendien moet je over een geldig visum beschikken om India in te komen. Na het boeken van je vlucht dus direct een visum aanvragen! Zonder visum kun je India absoluut niet betreden. Het visum voor India heeft een flink aantal regeltjes. Alles over de “geldigheid” is hier nog even terug te lezen En vergeet ook niet je euro’s om te wisselen voor roepies!

Bronnen:

Afbeeldingen:

Partners: 

Lees Ons Amsterdam

Iedere maand meeslepende en prachtig geïllusteerde verhalen over de de geschiedenis van Amsterdam.

Ga mee op ontdekkingstocht naar archeologische vindplaatsen in binnen- en buitenland!

Bekijk het gehele programma van de Week van de Koloniale Geschiedenis met thema ‘Aan het Werk’.

Meteen op de hoogte van de nieuwste historische verhalen!

Ontdek Geschiedenis Magazine!