general strike

Algemene staking in Groot-Brittannië in 1926

In Engeland hebben diverse bezuinigingsmaatregelen ertoe geleid dat er plannen worden gesmeed voor een grootschalige, algemene staking. Nu de twee grootste vakbonden Unite en Unison, die samen goed zijn voor 2,7 miljoen leden, hebben aangegeven achter de plannen te staan, worden op voorhand al vergelijkingen gemaakt met de grootste staking uit de Engelse geschiedenis: de General Strike van 1926.

De eerste decennia van de 20e eeuw vormden een onrustige periode voor de Engelse industriële sector. Vanwege werkloosheid en slechte arbeidsomstandigheden sloegen in 1913 de ontevreden mijn-, spoor- en transportbonden de handen ineen. Zij vormden een triple alliance en beloofden elkaar steun te bieden in het geval van een eventuele staking. In de naoorlogse jaren ‘20 werd de situatie er niet rooskleuriger op: Engeland kwam terecht in een ernstige economische depressie, waardoor de internationale handelspositie behoorlijk verzwakte en vooral de mijnindustrie een gevoelige tik moest incasseren.

Conflict in de mijnindustrie

Vanaf 1921 lagen mijneigenaren en mijnwerkers dan ook voortdurend met elkaar in de clinch. Mijnwerkers klaagden over erbarmelijke arbeidsomstandigheden. Zo moesten zij vrijwel al het werk doen met een ouderwets pikhouweel – slechts een vijfde van de kolen werd verwerkt met een machine. De mijneigenaren bleken niet erg gevoelig te zijn voor de roep om modernisering: zij kondigden aan vanwege de depressie de lonen met dertien procent te verlagen en bovendien de dagelijkse arbeidsuren op te schroeven van zeven naar acht. Hierop dreigde de triple alliance met een algemene staking, waar in eerste instantie nog niets van terecht kwam.

Staking in mei 1926

Halverwege 1925 stelde de overheid een tijdelijke subsidie in om de lonen enigszins op peil te houden. Nadat vervolgens een poging van de regering om tot een compromis te komen (zelfde uren, minder loon) mislukte, de subsidie vanwege de malaise noodgedwongen werd stopgezet en mijneigenaren voet bij stuk hielden, kondigde de overkoepelende Britse vakcentrale Trade Union Congress (TUC) op 1 mei 1926 een algehele staking aan, die twee dagen later in Londen van start ging. Dit betekende dat niet alleen leden van de triple alliance de barricades op gingen: ook dokwerkers, arbeiders uit de gas- en elektriciteit-, print- en bouwsectoren kwamen vanaf maandag 3 mei 1926 niet opdagen op hun werk.

Mijnwerkers, buiten bij de mijnwerkershal in Tyldesley (1926) Mijnwerkers, buiten bij de mijnwerkershal in Tyldesley (1926)

 

Overheidsmaatregelen

De dagen die volgden stonden in het teken van voortdurende protestmarsen en hevige rellen tussen stakers en het leger – niet alleen in Londen, maar ook in steden als Hull, Middlesbrough, Newcastle, Preston en Glasgow. In totaal waren er gedurende negen dagen ongeveer 1,7 miljoen arbeiders op de been. Toen de General Strike steeds serieuzere vormen aan leek te nemen, besloot de Engelse regering orde op zaken te stellen door in grote getale politie- en legereenheden in te zetten om de staking de kop in te drukken. Ook werd op initiatief van toenmalig minister van Financiën Winston Churchill de media ingezet om de publieke opinie aan de kant van de overheid te krijgen. Omdat er vanwege de staking geen dagbladen meer verschenen, publiceerde de regering vanaf 5 mei een eigen propagandistische krant, The British Gazette, waarin de staking werd veroordeeld en bovendien het gevaar van een communistische revolutie werd benadrukt. Zo werd geprobeerd de Britse middenklasse angst in te boezemen en ze te overtuigen de stakingen te veroordelen.

Mislukte staking

De Britse premier Stanley Baldwin maakte op 6 mei nog een extra statement door de staking te bestempelen als een aanval op de democratie. Bovendien verklaarde de katholieke kerk de staking drie dagen later ‘zondig’. Op 10 mei werden 374 communisten gearresteerd omdat zij zouden streven naar een algehele revolutie. Uiteindelijk zette TUC-leider J.H. Thomas op 11 mei een punt achter de staking toen bleek dat de strijd niet te winnen viel. De teleurgestelde mijnwerkers bleven zich vervolgens op eigen houtje nog tot en met november 1926 verzetten, maar hadden uiteindelijk geen andere keuze weer aan het werk te gaan – voor minder geld en langere dagen.

Het is vooralsnog onduidelijk of de plannen voor een grote protestmars en aansluitende staking in 2013 worden doorgezet, maar verscheidene vakbondsbewegingen in zowel de publieke als private sector hebben aangegeven er toe bereid te zijn. In de loop van april worden de besprekingen hierover hervat tijdens een bijeenkomst van het Trades Union Congress.

Bronnen

- Independent, Britain's biggest unions put (...), 4-4-2013

- Economic Times, Britain faces first big (...), 5-4-2013

- BBC History, The General Strike 1926

- Libcom, 1926: British general strike

 

Afbeeldingen

- Wikimedia, Tyldesley, miners outside of (...), 1926

 

Leestips - Boeken

Nederlands arbeidsrecht in een internationale context Nederlands arbeidsrecht in een internationale context

€ 27.50

 

Meer weten

8x per jaar de beste geschiedenis in de bus

Neem nu een abonnement en krijg drie schitterende cadeau's!

En mis nooit meer de mooiste historische verhalen!

Neem nu een abonnement en krijg schitterende cadeau's!