Demografische Revolutie en de groei van de Aziatische tijgers

Vanaf de tweede helft van de twintigste eeuw voltrok zich in Azië een economisch wonder. Nadat Japan zich vanaf de jaren zestig internationaal op de kaart had gezet als exportland, volgden meer Aziatische landen. Deze kenden in de jaren tachtig en negentig een economische groei van zeker 5 procent per jaar. Deze economische groei zorgde in die landen voor verschillende Demografische Revoluties.

De oorzaak van een Demografische Revolutie

Een demografische revolutie is de overgang van een hoog sterfte- en geboortecijfer naar een laag sterfte- en geboortecijfer. Bijkomstig groeit daarbij de bevolking in eerste instantie sterk. Wil een demografische revolutie plaats vinden dan dienen de leefomstandigheden van de bevolking sterk te verbeteren. Zijn deze levensomstandigheden niet optimaal, dan zal het geboortecijfer hoog blijven omdat ouders hun levensvoorziening voor de oude dag veilig willen stellen. Door ziekten blijft echter ook het sterftecijfer hoog. Als levensomstandigheden verbeteren kan het sterftecijfer dalen, maar het geboortecijfer blijft aanvankelijk nog steeds even hoog.

Demografische Revolutie in Europa

In Europa vond de demografische revolutie plaats vanaf het begin van de Industriële revolutie. Dankzij betere landbouwmethoden nam de productie van gewassen sterk toe. Tegelijkertijd werd er steeds meer gedaan aan hygiëne in de steden, zoals de aanleg van rioleringen. Daarnaast ontwikkelde de geneeskunst zich ook steeds verder. De industriële revolutie zorgde ook voor meer werkgelegenheid. Dankzij de verzorgingsstaat die na de Tweede Wereldoorlog werd opgebouwd, werd de demografische revolutie extra aangejaagd. Tot de jaren vijftig bestonden gezinnen vaak uit zeer veel kinderen. Deze kinderen kregen echter een stuk minder nakomelingen, waardoor het geboortecijfer afnam.

Demografische Revolutie in Azië

Ook in andere delen van de wereld vonden dus dergelijke demografische revoluties plaats. In landen als India en China daalde het sterftecijfer vanaf de jaren zestig door toedoen van westerse medische hulp tot wel 50 procent. Bij sommige landen speelde echter een snelle industrialisering een veel grotere rol. Deze landen, te weten Hongkong, Singapore, Zuid-Korea en Taiwan, worden ook wel Aziatische tijgers of Newly Industrialising Country’s, genoemd. In navolging van Japan, waar zich al eerder een demografische revolutie had voorgedaan, maakten deze landen vanaf de jaren tachtig een zeer sterke industrialisatie mee en groeiden ze uit tot belangrijke internationale exporteurs van voornamelijk elektronische luxegoederen.

Werkwijze van de Tijgerlanden

Met behulp van een sterke regering, werd er in deze landen geïnvesteerd in mechanisatie van landbouw, waardoor er veel werknemers beschikbaar kwamen om te gaan werken in nieuw opgezette industrieën. Aanvankelijk ging het hierbij om eenvoudige verbruiksgoederen, zoals kleding of schoenen. Omdat deze landen zeer goedkoop waren bleken westerse bedrijven zeer geïnteresseerd in deze goederen en konden deze producten uiteindelijk ook geëxporteerd worden. Door arbeiders beter te scholen en steeds ingewikkeldere industriële producten te produceren, maar tegelijkertijd lonen laag te houden, konden de tijgers steeds meer geld aan de export verdienen.

Maatschappelijke situatie

Hoewel de landen op economisch vlak grote sprongen maakten bleven zij op sociaal vlak vaak een beetje hangen in oude gewoonten. In Singapore werd het verboden voor arbeiders om zich te groeperen in vakbonden, of te staken. De omstandigheden in fabrieken van de tijgerlanden waren vaak verre van ideaal. Buitenlandse multinationals die werden uitgenodigd waren ook weinig geïnteresseerd in hun medewerkers. Langzaamaan verbeterde de situatie in de landen zich. Een land als Zuid-Korea heeft tegenwoordig een vergelijkbaar voorzieningenniveau als Westerse landen.

Verschuiving

Er komen steeds meer tijgerlanden bij, die een zelfde industriële ontwikkeling meemaken als de eerste vier. Deze tijgerlanden worden meestal ingedeeld in drie generaties, waarvan de eerste generatie bekend is. Bij de tweede generatie horen landen als Thailand, Maleisië en Indonesië. De derde generatie wordt gevormd door Vietnam, Filipijnen, China, India en Turkije. Door de stabiele politieke situatie in die landen groeit de economie hier soms tot wel 10 procent per jaar.

Meer weten

Neem nu een abonnement en krijg schitterende cadeau's!

Neem nu een abonnement en krijg schitterende cadeau's!