Harm Wiersma: een wereldkampioen in de Kamer

In maart 2002 presenteerde Pim Fortuyn, de politiek leider van de Lijst Pim Fortuyn (LPF), zijn kandidatenlijst. Op nummer 18 prijkte zesvoudig wereldkampioen dammen, de Fries Harm Wiersma (Leeuwarden, 1953).

Zoals zovelen op de lijst, had ook Wiersma geen politieke ervaring, maar hij vond het tijd voor ‘nieuwe sportiviteit, vooral in het politieke debat’. Na beëindiging van een dienstverband van twintig jaar als Nederlands dambondscoach, kwam het politieke avontuur precies op het goede moment.

Al eerder had Wiersma blijk gegeven van politieke ambities. Hij stond in de jaren zeventig op een kansloze elfde plaats op de kandidatenlijst voor de Boerenpartij. In 2002 deed hij deze poging af als een geintje. Met de LPF had Wiersma echter serieuze plannen. ‘Dammen is net als politiek, je moet de chaos bezweren die de tegenstander juist bij je wil oproepen.’

Op 15 mei 2002, ruim een week na de moord op Fortuyn, waren er de verkiezingen voor de Tweede Kamer. De LPF kwam vanuit het niets met zesentwintig zetels in de Kamer. In verschillende media liet Wiersma doorschemeren dat hij, als de LPF zou gaan meeregeren, staatssecretaris van Sport zou willen worden. Binnen zijn partij was er nog iemand die deze post ambieerde: oud-ijshockeyinternational en chauffeur van Fortuyn, Hans Smolders. Na lange onderhandelingen kwam de LPF in het kabinet-Balkenende I, het staatssecretariaat voor Sport werd echter door Clémence Ross-Van Dorp (CDA) vervuld.

Wiersma hield zich in de Kamer onder meer bezig met Buitenlandse Zaken, Sociale Zaken en Sport. Het LPF-Kamerlid sprak alleen in commissievergaderingen, nooit in de plenaire zaal. Midden december 2002 leek het moment aangebroken waarop Wiersma zijn maidenspeech zou houden. Hij had veel werk gestoken in een rede over normen en waarden. Vlak voor het debat kreeg hij echter te horen dat fractievoorzitter Mat Herben het woord zou voeren.

In commissievergaderingen viel Wiersma op door vragen dikwijls te eindigen met ‘zo ja, waarom?’ en ‘zo nee, waarom niet?’. Dat kwam hem op een reprimande van commissievoorzitter Tineke Netelenbos (PvdA) te staan. Bewindslieden begrepen de vragen zonder de toevoegingen ook wel. Als Kamerlid benoemde Wiersma twee persoonlijk medewerkers, zoon Joeri en zijn psychotherapeut en naaste vriend Engel Vrouwe. Het nieuwbakken Kamerlid voelde zich niet op zijn gemak in de Kamer. De denker moest nu doener worden en dat in een fractie waar continu onenigheid heerste.

De interne conflicten tussen de ministers Bomhoff (VWS) en Heinsbroek (EZ) hadden tot gevolg dat de fractievoorzitters van de VVD en het CDA het vertrouwen in het kabinet-Balkenende I opzegden. Enigszins teleurgesteld besloot Wiersma zich weer volop op zijn oude sport en het blinddammen in het bijzonder te gaan richten. In 2006 stond Wiersma toch, zij het als lijstduwer, op de LPF-lijst voor de gemeenteraadsverkiezingen in Leeuwarden. Zoon Joeri voerde de lijst aan en ook Engel Vrouwe was er op te vinden. Om stemmen te winnen, speelde Wiersma senior in verkiezingstijd in het centrum van Leeuwarden een aantal partijen simultaan onder het motto Wij zijn nu aan zet! Desondanks leverden de verkiezingen geen zetels op.

 Openbaar Bestuur) Wiersma met speelbord (Bron: Openbaar Bestuur)

Toen de LPF op sterven na dood was, besloten vader en zoon Wiersma de Nederlandse Klokkenluiders Partij op te richten. Edwin de Roy van Zuydewijn, de ex-echtgenoot van prinses Margarita, was beoogd lijsttrekker, maar hij trok zich uiteindelijk terug. Engel Vrouwe verving hem, maar ook hier bleef electoraal succes uit. Wiersma junior benoemde zichzelf tot ‘buitenparlementair’ raadslid. Hij legde vrijwel het hele ambtenarenapparaat van Leeuwarden lam met zijn voortdurend beroep op de wet openbaarheid van bestuur en de verantwoordingsplicht. Eind april van dit jaar maakte Wiersma senior met zijn zoon bekend dat zij kandidaat zijn voor het Europees Parlement. Zij staan bovenaan de lijst van de Europese Klokkenluiders Partij. Ook Engel Vrouwe is weer van de partij.

 

Artikel geschreven door: Drs. C.J.M. Brand, Centrum voor ParlementaireGeschiedenis, Radboud Universiteit Nijmegen.

Artikel afkomstig van

De portretten in de Curiositeitenkamer zijn geschreven door medewerkers van het Centrum voor Parlementaire Geschiedenis (CPG).

 

Het CPG, gevestigd te Nijmegen, is een samenwerkingsverband van de Radboud Universiteit en de Stichting Parlementaire Geschiedenis te Den Haag. Het Centrum doet wetenschappelijk onderzoek op het gebied van de parlementaire geschiedenis van Nederland na de Tweede Wereldoorlog.

 

In de Curiositeiten Kamer wordt tweewekelijks een kleurrijk Kamerlid geportretteerd. De rubriek verschijnt zowel op de website van het CPG als op IsGeschiedenis.nl en dit artikel verscheen eerder in Openbaar Bestuur (6/7-2009). Meer informatie over het CPG

Meer weten

En mis nooit meer de mooiste historische verhalen!

Neem nu een abonnement en krijg schitterende cadeau's!