Oorsprong van de 12 Nederlandse provincies

Vandaag op 11 juni 2014 gaan de VVD, D66 en GroenLinks onderhandelen over het plan om één ‘superprovincie’ te maken van Noord-Holland, Utrecht en Flevoland. Het project, de zogenaamde Noordvleugel, stuit op veel verzet bij de lokale bestuurders en bevolking. De provinciale indeling van Nederland zoals wij die nu kennen werd voor het laatst gewijzigd door de benoeming van de provincie Flevoland in 1986.

Provincies

Het woord provincie stamt af van de Latijnse term provincia en betekent wingewest. Later stond het voor een ambtsgebied, een onderdeel binnen een grotere staat. Het moderne begrip provincie zoals wij deze nu gebruiken komt uit de grondwet van 1814. Na de Franse Tijd werd Nederland een koninkrijk en werden er onder de centrale overheid provincies aangewezen. Deze provincies hadden minder macht dan de voormalige gewesten. Elke provincie kreeg een Commissaris des Konings, die diende als tussenpersoon tussen het rijk en de provincie.

Provinciale Wet

De wijziging in de grondwet in 1848 maakte de Provinciale Wet in 1850 mogelijk. Bij de grondwetswijziging werd de macht van de koning ingeperkt en werd ingevoerd dat de Tweede Kamer en de gemeentebesturen rechtstreeks gekozen konden worden. Door de Provinciale Wet in 1850 kregen de Provinciale Staten aanzienlijk meer taken: ze gingen over hun eigen begroting en de standenvertegenwoordiging werd afgeschaft. Deze Provinciale Wet heeft, met uitzondering van een aantal wijzigingen, dienst gedaan tot 1962, toen de Provinciewet werd ingevoerd.


Titel: Unie - Bestand - Vrede - Drie fundamentele wetten van de Republiek der Verenigde Nederlanden
Auteur: S. Groenveld , H.L.Ph. Leeuwenberg en H.B. van der Weel
ISBN: 9789087041274
Uitgever: Verloren
Prijs: €19,-

 

 


Afscheiding België

Een zeer belangrijke factor in de vorming van het tegenwoordige Nederland was de afscheiding van België. In de periode 1815-1830 heette Nederland het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden en omvatte het zowel het huidige Nederland als het huidige België. Door aanhoudende verschillen werd de roep van zuidelijk Nederland om autonoom te worden steeds groter en in 1830 leidde dit tot de Belgische Revolutie.

De in datzelfde jaar uitgeroepen onafhankelijkheid werd pas in 1839 door Nederland erkend door het Verdrag van Londen. In eerste instantie behoorde Limburg aan België toe, maar door het Verdrag van Londen werd de provincie in een Nederlands en een Belgisch deel opgedeeld.

Splitsing Holland

Het gebied dat het huidige Zuid-Holland en Noord-Holland omvat, heette lange tijd Holland en was een machtig, rijk gewest. De ‘superprovincie’ van de negentiende eeuw als het ware. Al sinds 1814 functioneerde de grote provincie Holland alsof ze uit twee provincies bestond: er waren twee colleges, twee gouverneurs en vergaderingen werden afwisselend in Den Haag en Haarlem gehouden. Pas in 1840 werd de scheiding officieel. Een belangrijke reden hiervoor was dat Holland te groot was en te rijk aan bevolking en welvaart.

Nieuwe provincie Flevoland

In de negentiende eeuw kwam er steeds meer aandacht voor plannen om de Zuiderzee, waar nu Flevoland ligt, te temmen. Na de watersnoodramp in 1916 werden de plannen voor de afsluiting en de drooglegging van de Zuiderzee een feit en werd in 1918 de Zuiderzeewet opgesteld. De inpoldering en het droogmalen begon en de eilanden Urk en Schokland werden onderdeel van het vasteland. De drooggelegde, nieuwe regio werd op 1 januari 1986 officieel benoemd tot de twaalfde en jongste provincie van Nederland. De plannen van de regering voor een 'superprovincie' zouden de provinciale kaart van Nederland na bijna dertig jaar weer doen veranderen.

 

 

Meer weten

Neem nu een abonnement en krijg schitterende cadeau's!

En mis nooit meer de mooiste historische verhalen!

8x per jaar de beste geschiedenis in de bus

Neem nu een abonnement en krijg drie schitterende cadeau's!