Home » Node

De ChristenUnie

De lage kiesdrempel en het evenredig kiesstelsel nodigen ertoe uit: politieke partijen kunnen vrij gemakkelijk één of meer zetels in de Tweede Kamer bemachtigen. Die nieuwkomers zijn niet allemaal blijvertjes, sommige zijn niet meer dan eendagsvliegen, andere houden het langer uit. In de rubriek Debutanten op het Binnenhof verhalen Charlotte Brand en Anne Bos over nieuwe partijen die in het parlement voor beroering zorgden.

Handelen in dienst van God

Sinds 15 maart 2001 werken de fracties van het Gereformeerd Politiek Verbond (GPV) en de Reformatorisch Politieke Federatie (RPF) in de Tweede Kamer samen onder de naam ChristenUnie. De beginselpartijen GPV en RPF gingen niet over één nacht ijs; de eerste gezamenlijke vergadering hielden de fracties al in 1989.

De RPF, opgericht in 1975 en voornamelijk bestaand uit orthodox gereformeerden, had al eerder fusiepogingen ondernomen met de al in 1948 opgerichte vrijgemaakt gereformeerde GPV. De vrijgemaakt gereformeerden voelden daar aanvankelijk niets voor. In de loop van de jaren negentig groeiden de partijen naar elkaar toe en vonden ze elkaar in een gezamenlijk streven naar samenleving die meer en meer ‘naar Gods wil’ functioneert. De bijbel is voor de ChristenUnie het uitgangspunt van handelen en daarnaast zijn de ‘drie formulieren van eenheid’ uit de Gereformeerde geloofsbelijdenis van belang. Wel hecht de partij aan de scheiding van kerk en staat, waarmee wordt voorkomen dat de twee elkaar de regels voorschrijven.

Teleurstelling 

De eerste verkiezingen na de fusie, op 15 mei 2002, draaiden uit op een grote teleurstelling. Uit voorafgaande peilingen viel op te maken dat de ChristenUnie behalve op de trouwe achterban van GPV en RPF, ook kon rekenen op een nieuwe kiezersgroep van twee tot drie zetels die met een stem op de CU hun ongenoegen over de ‘zedenloosheid’ van het paarse beleid tot uitdrukking wilde brengen. In het stemhokje besloot deze groep toch anders. Bovendien liet een deel van de vaste aanhang, de oudere GPV’ers, verstek gaan, omdat de ‘wereldse’ aanpak van de ChristenUnie hen niet aanstond.

De partij behaalde slechts vier zetels, terwijl GPV en RPF voor de verkiezingen samen nog vijf zetels hadden. Na dit debacle maakte lijsttrekker Kars Veling plaats voor André Rouvoet. Bij de verkiezingen in 2003 verloor de partij nog een zetel. Daarna ging het beter. Rouvoet wist aanmerkelijk meer kiezers aan te spreken, ook stemgerechtigden voor wie de streng christelijke uitgangspunten niet zo relevant waren. In 2004 was hij uitgeroepen tot ‘politicus van het jaar’ en voerde hij succesvol campagne .

In 2006 keerde het tij. De partij kreeg zes zetels en werd gezien als een serieuze kandidaat om met CDA en PvdA een kabinet te vormen. Op 6 februari 2007 stemden de fracties van de drie partijen in met het conceptregeerakkoord en was regeringsdeelname voor de CU een feit. André Rouvoet werd vice-premier en minister van Gezinszaken, Eimert van Middelkoop minister van Defensie en Tineke Huizinga-Heringa staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat. Arie Slob werd fractieleider van de CU in de Kamer.

Concessie doen 

De orthodox-protestantse identiteit kwam vanwege de kabinetsdeelname onder een vergrootglas te liggen en bracht de partij diverse malen in een lastig parket. Dat politiek bedrijven vanuit het evangelie zich soms lastig met het bedrijven van coalitiepolitiek laat combineren, demonstreerde de kwestie over de embryoselectie in het voorjaar van 2008.

In het coalitieakkoord van het kabinet was een paragraaf medische ethiek opgenomen die duidelijk van CU-hand was. Daarin werd gerept van ‘rechtsbescherming waarop ongeboren menselijk leven aanspraak heeft’ en het voornemen van het kabinet met maatregelen te komen die op het bieden van alternatieven voor afbreking van zwangerschap zouden zijn gericht. Dat dit niet bij een loze kreet bleef, werd duidelijk toen toenmalig staatssecretaris van Volksgezondheid Bussemaker (PvdA) buiten medeweten van minister van Gezinszaken Rouvoet een brief naar buiten bracht over de uitbreiding van de selectie van embryo’s bij genetische vormen van kanker.

De CU was zeer ontstemd en eiste dat de staatssecretaris de brief onmiddellijk introk. Hoewel Bussemaker toegaf dat zij een ‘verkeerde inschatting’ had gemaakt door te verzuimen de brief in het kabinet te bespreken, bleek een meerderheid in de Kamer de inhoud van de brief te ondersteunen. Twee maanden later was binnen het kabinet een ‘compromis’ bereikt. Bij de verkiezingen in 2010 verloor de partij één zetel en in 2012 handhaafde zij dat aantal van vijf zetels. Voor kabinetsdeelname kwam zij niet meer in aanmerking, al sloot fractievoorzitter Slob in oktober namens zijn partij met D66 en SGP een akkoord met het kabinet-Rutte II, dat kan worden beschouwd als een gedoogconstructie.

<h3>Extra informatie</h3>
<p>Artikel afkomstig van <a title="Centrum voor Parlementaire Geschiedenis" href="http://www.ru.nl/cpg/blogs-rubrieken/debutanten-binnenhof/christen-unie/" target="_blank">Centrum voor Parlementaire Geschiedenis</a>.</p>

Meer weten

De Barbaren geeft een schitterend overzicht van de voorouders van de hedendaagse Europeanen.

Neem nu een abonnement en krijg schitterende cadeau's!