Home » Reportage
Philips II schulden

Philips II: Europa’s beruchtste wanbetaler

Nationale staten halen tegenwoordig hun meeste inkomsten uit belastingen. Vijf eeuwen geleden ging dat er behoorlijk anders aan toe. Vorsten en staten beschikten toen niet over de bureaucratie om vaste belastingen te heffen. In plaats daarvan moesten ze vaak hun toevlucht nemen tot leningen om hun oorlogen en extravagante levensstijl te kunnen bekostigen. Dit kon behoorlijk uit de hand lopen. Berucht is het geval van de Spaanse koning Philips II, die Spanje in zijn regeerperiode vier keer failliet liet gaan.

Spaanse hegemonie

Toen Philips in 1555 de Spaanse troon besteeg, heerste hij over het machtigste rijk van Europa. Door veroveringen en strategische huwelijken heerste hij naast Spanje ook over de Nederlanden en grote delen van Italië. In 1580 voegde hij bovendien Portugal aan zijn rijk toe, evenals al haar koloniale bezittingen. Daarnaast heersten de Spanjaarden ook over Latijns-Amerika. Uit de mijnen in Mexico en Bolivia werden steeds groter hoeveelheden zilver gedolven, die jaarlijks met de Zilvervloot naar Europa werden vervoerd. Het Spaanse Rijk leek een glorieuze toekomst tegemoet te gaan.

Spanje overbelast

Deze schijn was echter bedrieglijk. Het enorme rijk van Philips werd namelijk van alle kanten belaagd. In 1568 brak in de Nederlanden de opstand tegen het Spaanse gezag uit, die uiteindelijk zou uitmonden in de Tachtigjarige Oorlog. In de Middellandse Zee rukten de Ottomanen op, die de Italiaanse gebieden bedreigden. Daarbovenop raakte Spanje ook in een oorlog met Frankrijk verwikkeld. Het overbelaste Spaanse Rijk werd op alle fronten in het defensief gedrongen.

Slag bij Lepanto

Philips voortdurend in geldnood

Al deze oorlogen waren niet bepaald goedkoop. Het soldij van de Spaanse soldaten werd immers betaald uit de koninklijke schatkist. Ook draaide de kroon op voor de bouw van alle oorlogsschepen, die op de Middellandse Zee de strijd met de Turken aangingen. Zelfs de zilvervloten brachten niet genoeg in het laatje om dit allemaal te kunnen bekostigen. Daarom moest Philips voortdurend zijn toevlucht nemen tot het lenen van geld. Met name de bankiers uit de Italiaanse stadstaat Genua leenden grote bedragen aan Spanje. Daarnaast staken ook kleinere beleggers hun spaargeld in Spaanse staatsleningen. Gezien de grote hoeveelheden zilver die de koninklijke schatkist binnenstroomden, gingen de geldschieters ervan uit dat Philips zonder meer in staat zou zijn het geleende geld terug te betalen.

Spanje failliet

De kredietverstrekkers kwamen echter al snel bedrogen uit. Philips' vader Karel V had namelijk tijdens zijn bewind al een enorme schuldenberg opgebouwd, door de vele geldverslindende oorlogen. Hij liet zijn zoon een schuld van 20 miljoen dukaten na. Deze schuld bleef onder Philips alleen maar verder groeien. Bovendien moest over al het geleende geld rente worden betaald. In 1556 waren de rentelasten tot zo’n duizelingwekkende hoogte gestegen dat ze de staatsinkomsten overtroffen. Het zilver uit Latijns-Amerika bleek veel te weinig om de schuldenlast te kunnen verlichten. Daardoor was Philips gedwongen op 10 juni 1557 de betaling van de rente te staken. In feite betekende dit dat Spanje failliet was.

Dalend vertrouwen

Het Spaanse faillissement veroorzaakte economische chaos. Duizenden kleine beleggers waren al hun ingelegde geld kwijt. Verbazingwekkend genoeg ging  Philips de jaren daarop op zoek naar nieuwe geldschieters. De oorlogen gingen immers onverminderd door en de Spaanse legers moesten toch ergens van betaald worden. Het vertrouwen van de kredietverstrekkers in de Spaanse kroon was om begrijpelijke redenen behoorlijk gedaald. Alleen tegen hogere rentes waren zij nog bereid Philips geld te lenen. Dit veroorzaakte een neerwaartse spiraal, waarin Spanje steeds hogere rentes moest betalen, die het steeds moeilijker kon opbrengen.

Nog meer faillissementen

Pogingen om met hogere belastingen de schulden terug te betalen brachten geen verlichting. Tussen 1559 en 1598 stegen de belastingen in Spanje met 430%. Wonderbaarlijk genoeg bracht dit no steeds te weinig op om de schuldenberg te kunnen verkleinen. Tot zijn grote vernedering moest Philips Spanje nog drie keer failliet verklaren tijdens zijn bewind: in 1560, 1575 en 1596. Dit leidde ertoe dat bankiers vaak maar een gedeelte van hun aan Spanje uitgeleende geld terugzagen. Eind de zestiende eeuw waren geldschieters dan ook  alleen nog bereid om tegen duizelingwekkend hoge rentes aan Europa’s beruchtste wanbetaler te lenen. Bij zijn dood in 1598 bleek Philips zijn vader in elk geval op een punt te hebben overtroffen: hij liet een schuld van 85.5 miljoen dukaten achter.

Tegenwoordig

Gelukkig komt het tegenwoordig nog maar heel zelden voor dat staten in een halve eeuw tijd vier keer bankroet gaan. Dit komt deels door de regels en instituten die zijn opgezet om de gelstromen te reguleren. Dit is niet alleen het geval bij staatsobligaties, maar ook bij een persoonlijke lening. Verder hebben ook de technische ontwikkelingen nieuwe mogelijkheden geschapen. Iedereen kan nu bijvoorbeeld eenvoudig online de rente vergelijken. De risico’s van het geld uitlenen zijn de afgelopen vijfhonderd jaar daardoor een stuk minder geworden.

Bronnen:

Afbeeldingen:

https://commons.wikimedia.org/wiki/File:Philip_II.jpg

https://commons.wikimedia.org/wiki/File:Bakhuizen,_Battle_of_Vigo_Bay.jpg

Meer inspiratie

En mis nooit meer de mooiste historische verhalen!

De Barbaren geeft een schitterend overzicht van de voorouders van de hedendaagse Europeanen.