De Engelsman Charles Darwin werd wereldberoemd met zijn evolutietheorie.

Charles Darwin: Bedenker van de evolutietheorie

“Het is niet de sterkste soort die overleeft, noch de meest intelligente. Het is degene die zich het beste kan aanpassen.” Er is in de geschiedenis vermoedelijk geen wetenschapper geweest die het menselijk denken meer heeft doen veranderen dan Charles Darwin. Met zijn evolutietheorie en het mechanisme van de natuurlijke selectie – beide beschreven in zijn boek The Origin of Species – legde hij de basis voor alle moderne biologische kennis.

Charles Darwin werd geboren op 12 februari 1809 in de Engelse stad Shrewsbury, gelegen aan de grens met Wales. Hij was het vijfde kind uit het huwelijk van vrijdenker Robert Waring Darwin en diens streng gelovige vrouw, Susannah Wedgwood. Als gevolg van deze combinatie kreeg Charles van huis uit zowel een religieuze opvoeding als een wetenschappelijke geest mee. Vader Robert was namelijk arts en zijn grootvader, Erasmus Darwin, stond bekend als een belangrijk medicus, natuurkundige en filosoof.

Natuurlijke historie

In de hoop dat zijn jongste zoon in zijn voetsporen zou treden besloot Robert hem in oktober 1825 op zestienjarige leeftijd in te schrijven voor een studie medicijnen aan de Schotse universiteit van Edinburgh. Charles liet deze opleiding echter al snel verwaarlozen toen hij ontdekte dat hij de neiging had om misselijk te worden en flauw te vallen bij het zien van bloed. Het enige wat hem nog wel kon interesseren waren de bijeenkomsten van de Plinian Society, een studentenvereniging die zich richtte op de studie van de natuurlijke historie. Zijn vader nam hier echter geen genoegen mee en besloot dat Darwin in plaats van arts dan maar dominee moest worden.

Wetenschappelijke reis

In 1831 voltooide Darwin zijn studie theologie aan het Christ’s College, maar hij besloot zich nog niet direct tot priester te laten wijden. In plaats daarvan maakte hij plannen om met een groep medestudenten een biologische reis naar Tenerife te maken. Als voorbereiding op deze trip volgde hij onder meer een cursus geologie en bestudeerde hij steenlagen in Wales. Voor hij vervolgens naar Tenerife kon vertrekken deed zich echter een nog interessantere optie voor. Darwin kreeg een plaats aangeboden op het schip de HMS Beagle van kapitein Robert Fitzroy, die van plan was om in twee jaar de gehele kust van Zuid-Amerika te verkennen. Vader Robert was aanvankelijk fel tegen, maar besloot uiteindelijk met tegenzin om de deelname van Charles toch te financieren.

HMS Beagle

Gedurende zijn reis aan boord van de Beagle, die uiteindelijk bijna vijf jaar zou duren (1831-1836), maakte Darwin nauwkeurig aantekeningen van alle planten, dieren en fossielen die hij tegenkwam. Details van de nieuwe soorten stuurde hij vervolgens door naar zijn oud docenten en medestudenten in Groot-Brittannie, waardoor zijn naam al snel bekend werd binnen de wetenschappelijke kringen. Darwin verbaasde zich vooral over de grote variëteit aan soorten die hij ontdekte in afgelegen gebieden. Het beste voorbeeld hiervan kwam hij tegen op de Galapagoseilanden, waar er op ieder van de tien eilanden een andere soort spotlijster voorkwam.

Evolutietheorie

Na zijn terugkeer in Groot-Brittannië in 1836 besloot Darwin de rest van zijn leven te besteden aan de bestudering van zijn ontdekkingen tijdens de reis met de Beagle. Na verloop van tijd kwam de Brit hierbij tot de conclusie dat zijn bevindingen niet overeenkwamen met de heersende theorieën. De meeste wetenschappers uit zijn tijd hadden inmiddels wel erkend dat er zoiets bestond als de evolutie, maar er was nog geen consensus bereikt over hoe deze nieuwe soorten dan precies tot stand kwamen.

Een van de meest gangbare theorieën was het ‘saltationisme’, dat stelde dat nieuwe soorten ontstonden uit een plotselinge mutatie van één dier dat zich vervolgens voortplantte als een nieuwe soort. Andere wetenschappers stelden dat de evolutie veroorzaakt werd door God of door de interne eigenschappen van een diersoort. Op basis van zijn bevindingen formuleerde Darwin echter een geheel nieuwe theorie: de natuurlijke selectie. De Britse bioloog stelde dat diersoorten gedurende generaties in staat waren om zich aan te passen aan hun specifieke omgeving, en dat alleen degenen die hiertoe het beste in staat waren zouden overleven: ‘survival of the fittest’.

The Origin of Species

In samenwerking met andere wetenschappers, waaronder botanist Joseph Hooker en geoloog Charles Lyell, besteedde Darwin uiteindelijk ruim twintig jaar aan de verdere uitwerking van zijn theorie. Pas in 1858 durfde hij zijn bevindingen voor het eerst voor te leggen aan de wetenschappelijke Linean Society, een jaar later gevolgd door de publicatie van zijn boek The Origin of Species (De oorsprong der soorten). De aandacht voor zijn nieuwe evolutietheorie bleek overweldigend en al op de eerste dag werden alle 1250 exemplaren van het boek verkocht. Darwin bleef ook na de publicatie van zijn grootste werk de wetenschappelijke discussie rondom de evolutieleer nauwgezet volgen. Zo las hij iedere recensie van zijn werk en correspondeerde hij nog veel met andere wetenschappers. Door zijn verslechterende gezondheid was hij echter niet in staat om nog veel lezingen te geven. Charles Darwin overleed op 19 april 1889 op 73-jarige leeftijd aan de gevolgen van hartfalen.

Meer weten

Neem nu een abonnement en krijg schitterende cadeau's!

De Barbaren geeft een schitterend overzicht van de voorouders van de hedendaagse Europeanen.