De slag aan de Boyne tussen Jacobus II van Engeland en Willem III van Oranje. Een schilderij van Jan van Huchtenburgh.

De Battle of the Boyne / Slag aan de Boyne

Twaalf juli, in Engeland kortweg 'The twelfth' genoemd, is voor de Engelse en Ierse protestanten een belangrijke dag. Op die dag herdenken zij de overwinning van de protestantse koning-stadhouder Willem III op de katholieke Jacobus II van Engeland.

Conflicten tussen katholieken en protestanten

De perikelen tussen katholieken en protestanten in Engeland gaan al terug tot de middeleeuwen. In 1534 stichtte Hendrik VIII van Engeland de Anglicaanse kerk, en vanaf dat moment stonden de twee kerkrichtingen tegenover elkaar. In de zeventiende eeuw was de vijandschap tussen hen alleen maar groter geworden. In 1685 probeerde koning Jacobus II wetten voor gelijkberechtiging van katholieken en protestanten door het parlement te krijgen. Met harde middelen, zoals intimidatie en het gevangenzetten van Anglicaanse bisschoppen.


Het beste van IsGeschiedenis in je inbox? Schrijf je in voor onze nieuwsbrief! Helemaal niks missen? Volg ons op Facebook!


Willem wordt William

De protestanten voelden zich zo bedreigd dat zij stadhouder Willem III van Oranje-Nassau, de stadhouder van de Nederlanden, verzochten om in te grijpen. Deze was namelijk getrouwd met Maria Stuart, dochter van Jacobus II. Mary was dus een kroonpretendent. Omdat een katholieke troonopvolger van Jacobus op komst was, moest er snel gehandeld worden. In 1688 stak Willem met een leger van meer dan 20.000 soldaten over naar Engeland, waar hij op 15 november aan land ging. Jacobus sloeg enkele dagen later op de vlucht en William and Mary werden de nieuwe koning en koningin van Engeland. Deze machtsgreep wordt de Glorious Revolution genoemd.

Slag bij de Boyne

Toch waren Willem III en Mary nog niet helemaal zeker van hun zaak, want Jacobus had nog veel steun, met name in Ierland en Schotland. Willem stuurde in 1689 een van zijn getrouwen met een leger van 20.000 man richting Ierland, om de dreiging van Jacobus het hoofd te bieden, maar dat leger kon weinig uitrichten. Hoewel er in het najaar van 1689 en de daaropvolgende winter weingi gevochten werd, werd de strijd wel ideologisch. Waar het voor Jacobus en Willem vooral om hun politieke macht ging, was de strijd voor veel Ieren juist religieus getint. De protestanten in Ierland kozen massaal partij voor Willem, zij vreesden dat zij hun geloof in een katholiek Ierland niet meer konden uitoefenen, of zoals een paar decennia eerder, te maken zouden krijgen met lynchpartijen door katholieken. De katholieken onder Jacobus vochten voor min of meer hetzelfde. Zij wilden van de al jarenlange protestantse overheersing af en kregen daarnaast van Jacobus de belofte dat er op langere termijn meer politieke vrijheid voor de Ieren zou komen.

Willem besloot het heft in eigen hand te nemen en trok zelf met een leger richting Ierland. Zijn leger dat bestond uit 36.000 Engelsen, Denen, Schotten, Nederlanders, Franse Hugenoten en fanatieke Ierse protestanten landde bij Carrickfergus en vanaf daar marcheerde het leger zuidwaarts richting Dublin. Bij de Ierse plaats Drogheda, bij een doorwaadbare plaats aan de rivier de Boyne troffen de legers elkaar. Willem moest de rivier over om verder te kunnen en daarom was dit voor Jacobus een ideale plek om een verdediging op te zetten. Jacobus' leger had ook hulp uit het buitenland gekregen, de Franse Lodewijk XIV had een paar duizend man gestuurd om Jacobus bij te staan. Het grootste deel van Jacobus' 23.500 man tellende leger bestond echter uit slecht tot matig getrainde Ierse katholieken en dienstplichtigen, terwijl Willems leger voor een groot deel uit geharde beroepssoldaten bestond.

Willem zette een slimme afleidingsmanouvre op door een klein deel van zijn leger naar een andere doorwaadbare plaats te sturen. Jacobus vreesde dat hij in zijn rug aangevallen zou worden, en zette een grote tegenaanval in, maar daardoor had hij eigenlijk te weinig troepen over om de verdediging bij Drogheda in stand te houden. Daardoor kon een elite-eenheid uit de Nederlanden de rivier oversteken. De Ierse cavalerie van Jacobus kon de overstekende infanteristen in eerste instantie nog tegenhouden, maar toen Willems cavalerie de rivier overgestoken was en in formatie kon aanvallen, was er voor Jacobus nauwelijks nog een houden  aan. Hoewel de Ierse cavalerie de troepen van Willem heel wat verliezen toebracht, moest de infanterie van Jacobus terugtrekken. Daardoor brak de moraal van het leger, waarna het hele leger van Jacobus zich langzaam begon terug te trekken. Het werd echter geen wilde vlucht. Willem verbood een massale achtervolging op de terugtrekkende Ieren. Vaak eindigde zo'n achtervolging in een massale moordpartij en Willem wilde niet dat Jacobus in het onoverzichtelijke krijgsgewoel om zou komen. De katholieke koning was immers zijn schoonvader. 

Nasleep in Noord-Ierland

Ondanks de overwinning werd de strijd nog voortgezet. Zo moest Willem de stad Limerick nog twee keer belegeren, maar het Ierse katholieke leger verloor snel aan mankracht. Na de slag beloofde Willem een pardon voor de dienstplichtige Ierse soldaten, die daardoor veilig naar huis konden na verloren gevechten. Veel van hen verloren na Willems overwinning het geloof in Jacobus. Datzelfde gold ook voor veel veel Engelse, Ierse en Schotse katholieken, waardoor opflakkerende katholieke opstandjes al vrij snel uitdoofden. Ook Jacobus zelf verloor de hoop op een overwinning dankzij een militaire campagne. Hij trok zich terug uit Ierland, waardoor Willem Dublin zonder slag of stoot kon innemen. Willem zette echter naast zijn legers vooral zijn grootste talent in: diplomatie. Het leger waarmee Willem de Slag aan de Boyne won, had hij voor een groot deel te danken aan zijn aansluiting bij de Liga van Augsburg, een grote Europese alliantie tegen Lodewijk XIV, waar zelfs de Paus zich bij aansloot en waardoor dit het eerste bontgenootschap tussen protestantse en katholieke Europese mogendheden was.

Herdenking van de Slag aan de Boyne

Al vanaf 1691 wordt de overwinning van King Billy, zoals de Engelse protestanten Willem noemen, ieder jaar door hen gevierd. In 1795 werd in Noord Ierland de Oranjeorde opgericht, vernoemd naar Willem III, prins van Oranje. Deze orde is alleen toegankelijk voor protestanten en is zeer anti-katholiek. Vanaf 1796 organiseerde de orde zogenaamde Oranjemarsen om de protestantse overwinning te herdenken. Het hoogtepunt van deze marsen is op 12 juli. Omdat de katholieken deze marsen als zeer provocerend beschouwen, doen zich geregeld incidenten voor tijdens het marsseizoen doordat fanatieke aanhangers van beide kanten elkaar provoceren en elkaar uitdagen de confrontatie aan te gaan. 

Afbeelding

Ook interessant: 

Rubrieken: 

Landen: 

Personen: 

Tijdperken: 

Ga mee op ontdekkingstocht naar archeologische vindplaatsen in binnen- en buitenland!

Lees Ons Amsterdam

Iedere maand meeslepende en prachtig geïllusteerde verhalen over de de geschiedenis van Amsterdam.

Meld je nu aan voor onze nieuwsbrief. Het is gratis!

Ontdek Geschiedenis Magazine!