Mayaanse kalender

Van oudsher heeft de mens de behoefte gehad om een systeem te vinden in de wisseling van de jaargetijden. Met name na de opkomst van de landbouw was het essentieel om te weten in welke periode van het jaar men leefde, zodat men wist wanneer men moest zaaien en oogsten. In de loop der tijd hebben verschillende beschavingen daarom hun eigen kalenders en jaartellingen opgesteld. De Mayaanse kalender is vandaag de dag vooral bekend vanwege de vermeende voorspelling van het einde der tijden in 2012.

De Mayaanse beschaving kende minstens zeven verschillende kringlopen van tijdsberekening. De belangrijkste kalender voor het dagelijkse leven was de Haab, de burgerlijke kalender. Deze telde in totaal 365 dagen, verdeeld over 18 maanden, die Uinals heetten. Iedere maand was vernoemd naar een bepaalde god en had in totaal 20 dagen, met uitzondering van de laatste maand ‘Uayeb’, die vijf dagen telde. Aan het eind van iedere Uinal werd een maandfeest gehouden, waarbij onder andere offers aan de goden werden gebracht. Omdat de Haab geen ingebouwd schrikkeljaar had, liep de kalender iedere vier jaar één dag vertraging op ten opzichte van de zonnekalender. De Maya hielden er daarom waarschijnlijk nog een andere kalender op na om de zonnewendingen bij te houden.

De tweede belangrijke kringloop van de Maya was de Tzolkin kalender. Bij deze telling werd iedere dag aangeduid met een getal en een naam, bijvoorbeeld ’12 - Dag van de Blauwe Adem’. Omdat er in totaal dertien getallen en twintig namen waren, kreeg de veertiende dag weer het getal 1, maar liepen de namen gewoon door. Op deze manier ontstond een cyclus waarin dezelfde combinatie van naam en getal slechts eens in de 260 dagen voorkwam. De Maya geloofden dat iedere combinatie een eigen karakter had en gebruikten de Tzolkin kalender dan ook vooral voor waarzeggingen.

De derde kalender die de Maya’s handhaafden was de zogenaamde ‘Lange Telling’. Deze tijdsaanduiding was onderverdeeld in steeds verder oplopende tijdseenheden. Zo bestond er naast de dag ook de uinal (20 dagen), de tun (18 uinal), de katun (20 tun) en de baktun (20 katun, oftewel 144.000 dagen / 394,3 jaar). Volgens de Mayaanse mythologie leven wij op dit moment in de vierde wereld, nadat de eerste drie werelden door de goden vernietigd werden om dat ze ‘mislukt’ waren. De Maya concludeerden dat de vierde wereld begon in 3114 voor Christus, nadat de derde wereld 13 baktun had bestaan.

Op 21 december 2012 bereikte onze vierde wereld eveneens de leeftijd van 13 baktun, een gegeven dat veel mensen deed vermoeden dat na deze dag de wereld zou vergaan. In de Mayaanse mythologie is verder echter weinig terug te vinden over een mogelijk einde van de vierde wereld op 13 baktun. Slechts één inscriptie vermeld de datum; niet als het begin van de armageddon, maar als de terugkeer van de god Bolon Yokte, waarover verder weinig bekend is.

Ook interessant: 

Beschavingen: 

Landen: 

Tijdperken: 

Onderwerpen: 

Bekijk het gehele programma van de Week van de Koloniale Geschiedenis met thema ‘Aan het Werk’.