Molukse gijzeling Bovensmilde

Misstanden binnen het Nederlands-Moluks huwelijk

Nog altijd vechten voormalige KNIL-strijders voor erkenning van de Nederlandse staat. Militairen die naar Nederland kwamen, moesten sommige van hun kinderen achterlaten.Door ambtelijke achteloosheid van Nederlandse en Indonesische regeringen zijn de gezinnen na 60 jaar nog steeds niet herenigd. De controverse past in een patroon van misstanden tussen de Nederlandse overheid en de Molukse gemeenschap.

Vechten voor Nederland

In maart 1951 voeren de eerste 12.500 Molukkers naar Nederland. Aan boord zaten vooral KNIl-militairen, en hun gezinnen, die in de Indonesische Onafhankelijkheidsoorlog (1945-1949) hadden gestreden voor Nederland. Nu de oorlog verloren was, gingen de Nederlanders gingen naar huis en behield Indonesië zijn onafhankelijkheid. De Molukkers hadden op het verkeerde paard gewed.

Op bevel naar Nederland

De Indonesische president Soekarno maakte duidelijk dat hij zijn land niet wilde opdelen. Met militair geweld maakte hij in 1950 een einde aan Republik Maluku Selatan, de autonome deelstaat van de Molukkers op Ambon. De aanwezigheid van gewapende KNIL-militairen maakte de situatie op de eilanden voor niemand veiliger.  Den Haag besloot de Molukkers met een dienstbevel te ontwapenen en tijdelijk naar Nederland te halen.  Al maakten premier Drees en minister van Financiën Lieftink bezwaar tegen de plannen, omdat  de militaire status van de Molukkers zou betekenen dat zij eisen konden stellen aan de Nederlandse regering. De problemen, verwachtten de regeringsleiders, zouden al beginnen bij aankomst in Rotterdam. Niet alleen werden de KNIL-strijders bij aankomst ontslagen uit militaire dienst, tevens werd hun duidelijk gemaakt dat zij in Nederland waren aangewezen op de verzorging van de staat. Omdat de Molukkers maar tijdelijk zouden blijven, kregen zij geen vaste  woning, werk, of identiteitsbewijs. Wel maakten zij kennis met krentenbollen.

Misverstanden tussen Molukkers en Nederland

Na een half jaar, echter, veranderde de situatie. Nederland zou niet bemiddelen in het oprichten van een Molukse staat op Ambon. De Molukkers moesten hun droom over onafhankelijkheid terzijde schuiven. Wel stond het hen vrij op eigen initiatief naar Indonesië terug te keren. Onbegrip groeide aan beide zijden. Terwijl de Molukkers zich afvroegen waarom Nederland zich niet aan zijn beloftes hield, begreep Den Haag niet waar de onrealistische verwachtingen vandaan kwamen. Nederland was uitgespeeld in Indonesië en kon, zelfs als het wilde, niets voor Ambon betekenen. Wat de regering betreft, zat er voor de Molukkers niets anders op dan hun lot te accepteren en te integreren in de Nederlandse samenleving.

Molukse woonwijken

Om KNIL-militairen te helpen beseffen dat zij in Nederland zouden blijven, creëerde de overheid overal in het land aparte woonwijken voor Molukkers. Het idee was dat de Molukkers vanzelf het idee zouden laten varen op een terugkeer naar de eilanden. Hoewel het klimaat minder zonnig was, moesten de Molukse vlaggen en geurige gerechten de buurten veranderen in klein Ambon.Molukse betoging in Den Haag 1970

Radicale acties

Echter, de droom over de terugkeer naar Ambon bleef. In de jaren 1960 leidden politieke ontwikkelingen in Indonesië, waar een militaire dictatuur honderdduizenden slachtoffers maakte, tot radicalisering onder Molukse jongeren in Nederland. Veel van deze jongeren hadden thuis een strenge opvoeding meegekregen: Vroeg opstaan, gedisciplineerd werken, geen rommel maken en met twee woorden spreken. Op ongehoorzaamheid stonden klappen, al dan niet met een stok.  De Spartaanse opvoeding, claustrofobische woonomstandigheden en hiërarchische familiestructuren droegen bij tot een gevoel van onbehagen binnen Nederland. Het maakte voor de nieuwe generatie Molukkers het verlangen naar een thuisland alleen maar groter. Grepen sommigen naar overmatig drugsgebruik, anderen gingen over tot terreuracties, meer dan eens met dodelijk afloop.

Zucht naar erkenning

In de jaren 1980 ondernam de Nederlandse regering toenaderingspogingen tot de Molukse gemeenschap. Voormalige KNIL-militairen kregen, naast een uitkering van 20000 gulden, militaire onderscheidingen uitgereikt.  Tegelijkertijd maakten zelfstandige karakters in de Molukse wijken de weg vrij naar open verhoudingen met de Nederlandse staat. De zucht naar erkenning, echter, is nog altijd gebleven.

Bronnen:

  • Henk Smeets en Fridus Steijlen, In Nederland gebleven. De geschiedenis van Molukkers 1951-2006. Tijdschrift voor Sociale en Economische Geschiedenis/ The Low Countries Journal of Social and Economic History. 5(1), pp.130–132.
  • geheugenvannederland.nl - geheugen/pages
  • mens-en-samenleving.info - molukkers-in-nederland
  • venstersmoluksegeschiedenis.nl- index.php
  • mighealth.net - Molukkers.pdf

Afbeeldingen:

 

 

Meer weten

Neem nu een abonnement en krijg schitterende cadeau's!

Kijk op www.romeinenweek.nl voor activiteiten bij jou in de buurt!

En mis nooit meer de mooiste historische verhalen!

Neem nu een abonnement en krijg drie schitterende cadeau's!