Ontdekten de Feniciërs Amerika?

Dat Christoffel Columbus in 1492 waarschijnlijk niet de eerste was die Amerika ontdekte is bij veel mensen bekend. Dat de Vikingen onder leiding van Leif Eriksson rond het jaar 1.000 voet aan wal zetten op het noordelijkste puntje van Newfoundland is bij minder mensen bekend, maar dat de Feniciërs in de Oudheid handel zouden hebben gedreven in Zuid-Amerika, roept bij veel mensen vraagtekens op.

Did the Phoenicians discover Amerika?

Al in de 18e en 19e eeuw deden er verhalen de ronde dat de Feniciërs Amerika zouden hebben ontdekt. In 1913 schreef T.C. Johnston zijn boek Did the Phoenicians discover Amerika? waarin hij beweerde dat de Feniciërs rond het jaar 1000 voor Christus Amerika ontdekten en er jarenlang handel dreven. Volgens hem zou Amerika het Bijbelse Ophir zijn dat door de schepen van koning Salomo werd bezocht.

Opkomst Feniciërs

De Feniciërs (Phoeniciërs) waren een volk dat volgens de Griekse geschiedschrijver Herodotus vanaf 2750 voor Christus in de kuststeden van Fenicië (huidige Libanon) leefden. Pas na de val van het Minoïsche Rijk (Kreta) rond 1450, ontwikkelden de Feniciërs zich tot een groot handelsvolk. Mede door hun bosrijke achterland (de ceders van de Libanon) waren de Feniciërs in staat zeer geavanceerde schepen te bouwen.

Ondergang Feniciërs

Met de schepen dreven de Feniciërs handel in de Middellandse Zee. Ze handelden in hout, purperslakken, glas en wol. Ze wisten verschillende koloniën te stichten, waarvan Carthago (Tunesië) de grootste was. Het Fenicische Rijk ging rond 500 voor Christus ten onder toen het door de Perzen werd veroverd. Carthago bleef wat langer bestaan, maar moest in 150 voor Christus het onderspit delven tegen de Romeinen.

Bijzondere inscripties

Dat de Feniciërs een machtig handelsvolk waren, wordt door veel historici erkend, maar dat ze Amerika ontdekten wordt door de meesten bekritiseerd. Toch lijken een aantal vondsten te bewijzen dat dit volk naar het Amerikaanse continent voer. Zo zijn er in de negentiende eeuw in Brazilië, Amerika en Mexico Fenicische inscripties gevonden die verwijzen naar de koningen van Fenicië.

Paraiba-steen

In 1874 werd er in Brazilië in een steen een Semitische(de taal van de Feniciërs) inscriptie gevonden. Deze steen, ook wel bekend als de Paraiba-steen, werd aanvankelijk als te controversieel gezien en kreeg daarom weinig aandacht. De letterkundige Cyrus H. Gordon onderzocht de steen echter in 1968 en beweerde dat deze authentiek was. De inscriptie ging over de zonen van Kanaän van Sidon en hun koning Hiram. Ze zouden met tien schepen twee jaar lang op zee hebben gevaren, voordat ze in Amerika kwamen. Historische bronnen blijken te bevestigen dat de Feniciërs inderdaad een koning genaamd Hiram hebben gehad. Deze koning leefde rond 970 voor Christus en was daarmee een tijdgenoot van koning Salomo.

Valse inscripties?

Dat deze inscripties later door de kolonisten zijn aangebracht valt te betwijfelen, omdat de vervalsers dan een buitengewone kennis moeten hebben gehad van de Fenicische taal. Sommige inscripties, zoals de Bat Creek Stone zijn echter ontmaskerd en als een vervalsing bestempeld.

Bat Creek Stone

De Bat Creek Stone is aan het eind van de 19e eeuw gevonden in Tennessee. Aanvankelijk dacht men dat de inscriptie op de steen afkomstig was van de Cherokee-indianen, maar toen de al eerder genoemde Gordon de steen in de jaren zeventig onderzocht, bleek dat de inscriptie Hebreeuws was en dateerde uit de eerste of tweede eeuw voor Christus. De eerste vijf letters van de inscriptie zouden te omschrijven zijn als Judea. In 2004 deden Mainfort and Kwas onderzoek naar de steen en beweerden dat de steen helemaal niet zo oud was. De inscriptie zou zijn aangebracht door een artiest en ‘Holy to Yahweh’ betekenen.


Titel: De Lage Landen en de Nieuwe Wereld- themanummer De zeventiende eeuw 21 (2005) 1
Redactie: J. Jansen
ISBN: ISSN_0921142Xla
Uitgever: Verloren
Prijs: €25,-

   


Stammen de Mormonen af van de Feniciërs?

De theorie dat de Feniciërs Amerika hebben ontdekt is in de wetenschappelijke wereld nooit populair geweest. Desalniettemin hield dit de Amerikaanse archeoloog Ross T. Christensen niet tegen er onderzoek naar te doen. Hij was lid van de LDS kerk en ontwikkelde een theorie dat de Mulekieten uit het Boek van Mormon van de Feniciërs afstamden. Volgens de Mormonen was Mulek (de stamvader van de Mulekieten) de enig overgebleven zoon van de Judeese koning Sedekia. Mulek vluchtte na de Babylonische verovering van Juda naar Amerika en bouwde daar een nieuw bestaan op. Hoewel er niets over de Feniciërs in het boek van Mormon geschreven staat, gelooft Christensen dat de Mulekieten gerelateerd zijn aan de Feniciërs. Hoewel deze theorie nauwelijks serieus genomen kan worden, is het voor de Mormonen een uitgelezen mogelijkheid hun theologie kracht bij te zetten.

Bronnen

 

Afbeeldingen

Beschavingen: 

Tijdperken: 

Onderwerpen: 

Lees het extra dikke Maand van de Geschiedenis-nummer van Geschiedenis Magazine. Neem vóór donderdag 30 september 16:00 u. een abonnement.

Lees het extra dikke Maand van de Geschiedenis-nummer van Geschiedenis Magazine. Neem vóór donderdag 30 september 16:00 u. een abonnement.

Lees het extra dikke Maand van de Geschiedenis-nummer van Geschiedenis Magazine. Neem vóór donderdag 30 september 16:00 u. een abonnement.

Lees het extra dikke Maand van de Geschiedenis-nummer van Geschiedenis Magazine. Neem vóór donderdag 30 september 16:00 u. een abonnement.

Lees het extra dikke Maand van de Geschiedenis-nummer van Geschiedenis Magazine. Neem vóór donderdag 30 september 16:00 u. een abonnement.

Lees het extra dikke Maand van de Geschiedenis-nummer van Geschiedenis Magazine. Neem vóór donderdag 30 september 16:00 u. een abonnement.