Nucleaire vernietiging

Zes keer dat de wereld op de rand van een nucleaire afgrond stond

Uit het puin van de Tweede Wereldoorlog stonden in 1945 twee wereldmachten op, de kapitalistische Verenigde Staten en de communistische Sovjet-Unie. In een strijd om wereldmacht, en uit angst voor een aanval van elkaar, besloten beide landen zich na de Tweede Wereldoorlog steeds zwaarder te bewapenen. Een wapenwedloop was begonnen. Door de ontwikkeling van nucleaire wapens en intercontinentale raketten konden de Sovjet-Unie en de Verenigde Staten elkaar halverwege de jaren ‘50 bereiken met verwoestende nucleaire wapens. Door het grote arsenaal van beide landen was het concept Mutual Assured Destruction, gegarandeerde wederzijdse vernietiging, een feit. Als een van de landen zijn nucleaire wapens zou gebruiken, zou het andere land terugslaan. Door de enorme verwoestingskracht van de atoombommen zou de hele wereld verwoest worden. Tot een echte oorlog kwam het gelukkig niet, maar de wereld heeft meerdere keren op de rand van totale nucleaire vernietiging gestaan. Hieronder zes momenten waar op de wereld wel erg dicht bij een nucleaire oorlog was;

Een reeks misverstanden tijdens de Suezcrisis op 5 november 1956

In november 1956 vielen Britse en Franse troepen Egypte aan rond het Suezkanaal. De Sovjet-Unie had al gewaarschuwd dat het niet-nucleaire wapens zou gebruiken als Frankrijk en Groot-Brittannië zich niet terugtrokken. De militaire spanningen kwamen tot een hoogtepunt toen het Amerikaanse leger een melding van een waarschuwingssysteem kreeg dat er ‘ongeïdentificeerde vliegtuigen’ over Turkije vlogen. Daarnaast vlogen er zo’n honderd Sovjet gevechtsvliegtuigen over Syrië, was er in Syrië ook een Britse bommenwerper neergestort en was de vloot van de Sovjet-Unie in beweging rond Turkije. Deze voorvallen, in combinatie met de eerdere waarschuwing van de Sovjet-Unie, leken het voorteken van een grootschalig offensief. Voorbereidingen voor een nucleaire tegenaanval zouden snel moeten volgen.

Uiteindelijk bleek een nucleaire tegenaanval niet nodig. De ongeïdentificeerde vliegtuigen boven Turkije bleken zwanen, de Sovjetvliegtuigen in Syrië waren een lucht-escort voor de Syrische president die op bezoek was geweest in Moskou, de Britse bommenwerper was neergestort door technische mankementen en de vloot van de Sovjet-Unie was enkel bezig met een routine oefening. De aanname dat de Sovjet-Unie op het punt stond een grootschalige aanval te beginnen was gebaseerd op een reeks foute informatie. Foute informatie die bijna tot een nucleaire oorlog had geleid.


Het beste van IsGeschiedenis in je inbox? Schrijf je in voor onze nieuwsbrief! Helemaal niks missen? Volg ons op Facebook!


Hoe de Sovjet-Unie op 5 oktober 1960 bijna haar eigen president aanviel

Dat correcte informatie van levensbelang is bleek ook vier jaar later. Voor zowel de Sovjet-Unie, als de Verenigde Staten, waren waarschuwingssystemen die vroeg aan moesten geven of er een nucleaire aanval aankwam essentieel. Een grootschalige nucleaire aanval was niet te verdedigen, maar door raketten aan te zien komen kon men wel terugslaan. Dit was dan ook exact wat het Amerikaanse leger op 5 oktober 1960 van plan was. Een recentelijk gebouwd radarstation in Groenland gaf een urgente waarschuwing. Er zouden tientallen atoomraketten op Amerikaans grondgebied afkomen. Het leger had zo’n twintig minuten om te reageren, voor het compleet vernietigd zou worden.

Nucleaire oorlogDe paniek die op het bericht van het waarschuwingssysteem volgde werd al gauw minder. President van de Sovjet-Unie Nikita Chroesjtsjov was op bezoek in New York, en het leek de Amerikaanse legertop onwaarschijnlijk dat er op dat moment een nucleaire aanval zou plaatsvinden. Maar waarom stuurde het radarstation in Groenland dan toch een waarschuwing? Het computersysteem had het opkomen van de maan boven Noorwegen geïnterpreteerd als een lancering van nucleaire raketten. De maan had onverwachts radargolven gereflecteerd en teruggestuurd naar de radar. Hierdoor zag de radar, correct, dat er iets groots boven de horizon uit kwam, precies waar ook een aanval van de Sovjet-Unie vandaan zou kunnen komen. Gelukkig werden de waarschuwingen uit Groenland snel in twijfel getrokken door Chroesjtsjovs aanwezigheid in New York. Wie weet hoe dit was gelopen als de Sovjetpresident ‘gewoon’ in zijn kantoor in Moskou was geweest.

26 september 1983; het begin van de Derde Wereldoorlog?

Ook de systemen van de Sovjets lieten zich wel eens door de natuur in de luren leggen. Op 26 september 1983 kreeg wachtcommandant Stanislav Petrov namelijk de schrik van zijn leven. De Sovjets hadden eerder die maand op verdenking van spionage een onschuldig passagiersvliegtuig neergeschoten. Alle 269 inzittenden kwamen om en spanningen tussen Amerika en de Sovjet-Unie stegen snel. Nu zag Petrov de alarmen van zijn waarschuwingssysteem afgaan. Als wachtcommandant was Petrov verantwoordelijk voor het beoordelen van inkomende waarschuwingen en gegevens. Vanuit zijn bunker nabij Moskou was hij nu verplicht zijn superieuren in te lichten. De legertop van de Sovjet-Unie kon dan met hun eigen nucleaire wapens terugslaan

Na vijf minuten besloot Petrov dat hij zijn superieuren toch beter niet kon inlichten. Volgens zijn waarschuwingssysteem kwamen er vijf raketten op de Sovjet-Unie af. Het leek Petrov echter niet logisch dat de Amerikanen met ‘maar’ vijf raketten zouden aanvallen. Met zijn ongehoorzaamheid wist Petrov een nucleaire oorlog te voorkomen. Later bleek namelijk dat het waarschuwingsapparatuur door zonlicht op hoge wolken onterecht een lancering had waargenomen.

De autoriteiten in Moskou besloten Petrov voor zijn ongehoorzaamheid niet te straffen, maar ook niet te belonen. Het incident bleef jarenlang geheim. Toch kreeg de Russische wachtcommandant bijna 30 jaar na het incident nog zijn welverdiende waardering. In 2013 ontving hij de Dresden-prijs, een prijs die jaarlijks aan iemand wordt gegeven die zich inzet in het voorkomen van conflicten. Een welverdiende prijs, Petrov voorkwam waarschijnlijk een nucleaire oorlog.

Een belangrijke nucleaire oefening in 1979

Tijdens de wapenwedloop had de Verenigde Staten niet alleen haar arsenaal aan nucleaire wapens sterk uitgebreid, het had ook een groot netwerk aan waarschuwingssystemen opgebouwd. In november 1979 gaven deze systemen een doemscenario aan. Er was een grootschalige nucleaire aanval van de Sovjet-Unie gestart. De waarschuwing kwam binnen op verschillende plekken en bij verschillende afdelingen van het Amerikaanse leger. Het was dus onwaarschijnlijk dat er ergens iets met één systeem mis was. Het Amerikaanse leger maakte zich klaar om zijn eigen nucleaire wapens te gebruiken.

Omdat data van Amerikaanse satellieten niet overeenkwam met de meldingen van de waarschuwingssystemen, besloot de Amerikaanse legerleiding toch nog te wachten met een nucleaire tegenaanval. Dat was maar goed ook, want later werd ontdekt dat een technicus per ongeluk een oefenprogramma dat een volledige nucleaire aanval simuleerde had gestart. Deze gesimuleerde nucleaire aanval was echter bijna gewraakt met een echte nucleaire aanval.

De Cubacrisis van 1962

Nog beter dan het installeren van, soms falende, waarschuwingssystemen, is het voorkomen dat je mogelijke vijand nucleaire raketten bij jou in de buurt kan plaatsen. In 1962 was de Sovjet-Unie van plan nucleaire raketten in Cuba te plaatsen, een eiland vlak voor de Amerikaanse kust. Om deze dreiging te voorkomen besloot Amerika tot een volledige zeeblokkade van het Caribische eiland, hiermee was de Cubacrisis begonnen.

Nucleaire oorlog Cuba CrisisOp 27 oktober 1962 bereikte deze crisis haar hoogtepunt. In de ochtend van die dag was een Amerikaans verkenningsvliegtuig al boven Cuba neergeschoten. Later die dag kwam het tot een conflict tussen een Sovjet onderzeeër en de Amerikaanse marine. Een onderzeeër van de Sovjet-Unie besloot zo diep mogelijk te duiken nadat de Amerikaanse boot USS Beale enkele dieptebommen had laten afgaan in de hoop de onderzeeër zo naar het watervlak te forceren. Het gevolg was echter dat de duikboot buiten het bereik van radiosignalen was terecht gekomen. Hierdoor kon het niet weten of er oorlog was uitgebroken of niet. In zo’n geval kon een onderzeeër van de Sovjet-Unie zelfstandig beslissen om nucleaire wapens te gebruiken, mits drie officieren daar unaniem mee akkoord gingen. Van de drie officieren aan boord was de meerderheid van mening dat het afvuren van een nucleaire torpedo de juiste stap was. Alleen onderbevelhebber Vasili Arkhipov was tegen de lancering van de torpedo. Hij was er, in tegenstelling tot zijn twee collega bevelhebbers, van overtuigd dat de dieptebommen niet het teken van een oorlog waren, maar een manier om de onderzeeër naar het watervlak te forceren. Zo hield Arkhipov onder grote druk een nucleaire aanval op de VS tegen.  

Het Noorse raketincident van 25 januari 1995

Bijna dertig jaar na het einde van de Cubacrisis, leek ook de Koude Oorlog afgelopen te zijn. De Sovjet-Unie was in 1991 gevallen en de kansen op een nucleair conflict tussen Amerika en Rusland leken hierdoor afgenomen. Toch bleven spanningen tussen het nieuwe Rusland en de Verenigde Staten bestaan. Ook hadden beide landen nog altijd toegang tot grote nucleaire arsenalen.

Raketlancering Nucleaire oorlogIn 1995 dreigde dat op een drama uit te lopen. In Noorwegen werd een zogenaamde Black Brant raket afgevuurd. Het doel van de raket was onschuldig; aan boord waren geen kernkoppen, maar instrumenten om het noorderlicht te bestuderen. Voor het afvuren van de raket, die vlakbij Rusland de lucht ingeschoten zou worden, waren de autoriteiten in Moskou ingelicht, om misverstanden te voorkomen. De Noorse wetenschappers dachten vanzelfsprekend dat de raket veilig gelanceerd konden worden. Op een militaire basis in het Russische Olenegorsk brak kort na de lancering toch paniek uit, daar wist men namelijk niks van de Noorse raketlancering en de raket leek op de radar sprekend op een Amerikaanse nucleaire raket.

Dit misverstand had voorkomen kunnen worden als de militairen waren ingelicht over de Noorse raketlancering. Het probleem was echter dat dit nooit was gebeurd. Niemand binnen het Russische leger wist van de lancering af. Nadat de Noorse Brant raket een van zijn motoren had losgemaakt en een volgende had aangezet, leek de Brant nog meer op een Amerikaanse nucleaire raket. De Russische militairen wisten het nu zeker; ze werden aangevallen.

Russische president Boris Jeltsin werd geïnformeerd en kreeg de Cheget in handen, een apparaat waar hij nucleaire wapens mee kon lanceren. Als Jeltsin de informatie van het Russische leger als waar had aangenomen, had hij een tegenaanval in moeten zetten. Jeltsin was alleen niet overtuigd dat de VS op dat moment Rusland zou aanvallen. Na vijf minuten wachten kreeg hij nieuwe informatie van zijn legertop. Het bleek dat de raket in zee was terecht gekomen, zonder enig gevaar te vormen. Een snellere reactie van Jeltsin had in dit geval kunnen leiden tot de uitbraak van een nucleaire oorlog, met de verwoesting van de aarde als gevolg.

Dicht bij het einde van de wereld

Het lot van de wereld heeft meerdere keren in de handen van falende waarschuwingssystemen of enkele militairen gelegen. De Koude Oorlog was bijna een echte oorlog geworden. De bovengenoemde verhalen zijn niet eens de enige voorbeelden. In 1961 mankeerde één computerchip waardoor de Amerikaanse legerleiding dacht dat er een Russische aanval zou volgen. Een jaar later werd een beer op een luchtbasis in Minnesota aangezien voor een saboteur uit de Sovjet-Unie. Het Amerikaanse leger dacht opnieuw dat er een aanval zou komen. Drie jaar later werden zonnevlammen door een waarschuwingssysteem aangezien voor nucleaire raketten. Kortom; de wereld heeft schrikbarend vaak op het randje van een nucleaire afgrond gestaan. Gelukkig was er altijd iemand om op het laatste moment de vrede te bewaren, want zonder mensen zoals Arkhipov en Petrov was een nucleaire oorlog misschien wel realiteit geworden.

Bronnen:

Afbeeldingen:

  • Afbeelding 1: "Baker" explosie, onderdeel van een nucleaire test van het Amerikaanse leger in 1946. [Public Domain] via Wikimedia commons
  • Afbeelding 2: Atoombom gebruikt tegen op Japan 6 augustus 1945, genomen vanaf "Enola Gay". [Public Domain] via Wikimedia Commons
  • Afbeelding 3: Sovjet B-59 duikboot met op de achtergrond een Amerikaanse legerhelikopter, oktober 1962. [Public Domain] via Wikimedia Commons
  • Afbeelding 4: Black Brant raketlancering 2007. [Public Domain] via Wikimedia Commons

Ook interessant: 

Ideologieën: 

Landen: 

Tijdperken: 

Onderwerpen: 

Lees het extra dikke Maand van de Geschiedenis-nummer van Geschiedenis Magazine. Neem vóór donderdag 30 september 16:00 u. een abonnement.

Lees het extra dikke Maand van de Geschiedenis-nummer van Geschiedenis Magazine. Neem vóór donderdag 30 september 16:00 u. een abonnement.

Lees het extra dikke Maand van de Geschiedenis-nummer van Geschiedenis Magazine. Neem vóór donderdag 30 september 16:00 u. een abonnement.

Lees het extra dikke Maand van de Geschiedenis-nummer van Geschiedenis Magazine. Neem vóór donderdag 30 september 16:00 u. een abonnement.

Lees het extra dikke Maand van de Geschiedenis-nummer van Geschiedenis Magazine. Neem vóór donderdag 30 september 16:00 u. een abonnement.

Lees het extra dikke Maand van de Geschiedenis-nummer van Geschiedenis Magazine. Neem vóór donderdag 30 september 16:00 u. een abonnement.