De Afsluitdijk

De aanleg van de Afsluitdijk

De Afsluitdijk, 1932- “De zee pruttelt tegen. De laatste aanval op de bedwinger. De kranen zijn onverslaanbaar. Voortvarende bewoners van Wieringen staan gereed om even naar Friesland over te wippen”, zo klonk het polygoonjournaal op 28 mei 1932. De Zuiderzee was veranderd in het IJsselmeer.

Einde aan overstromingen

Het was één van de belangrijkste gebeurtenissen van de jaren ‘30 in Nederland. De afsluiting en de gedeeltelijke drooglegging zou het einde betekenen van vaak rampzalige overstromingen. Bovendien kon er op deze manier veel land gewonnen worden. In 1932 werd het laatste gat gedicht in de afsluitdijk tussen Noord-Holland en Friesland. Tegenwoordig herinnert slechts het koffiehuis op de afsluitdijk nog aan de woeste zee in het hart van Nederland. Minister Reimer van Waterstaat opende de dijk: “de voltooiing van de afsluitdijk zal naar ik wens en verwacht voor een verre toekomst een zee gerijkte onderneming blijken.”

Een maakbare wereld

Ooit voeren VOC-schepen over de Zuiderzee naar Hoorn en Amsterdam. Maar in de loop der eeuwen had de Zuiderzee voor de internationale handelsvaart in belang afgenomen. De Zuiderzee was te ondiep voor de steeds groter wordende schepen, het Noord-Hollands Kanaal en later het Noordzeekanaal waren de nieuwe toegangsweg tot de haven van Amsterdam. Een andere aanleiding tot het sluiten van de Zuiderzee, waren de overstromingen die vaak voor veel doden zorgden. Eind negentiende eeuw was de tijd van de Industriële revolutie en van de ‘maakbare wereld’. Inpoldering paste in dit straatje. Er werd dan ook serieus nagedacht over drooglegging van de gehele Zuiderzee. Landbouwgrond was immers belangrijk en waardevol. Een drooglegging zou veel nieuwe landbouwgrond opleveren waar de Nederlandse economie, zo verwachtte men, flink van zou kunnen profiteren.

Cornelis Lely

Het gevaar van de overstromingen, het afnemende strategische belang van de zee en bovendien het oog op meer agrarische grond, zorgde voor de oprichting van de Zuiderzeevereniging in 1886. Cornelis Lely, ingenieur en latere Minister van Waterstaat, ontwierp het eerste plan voor de afsluiting van de Zuiderzee. Na een watersnoodramp in 1916 werd besloten om tot actie over te gaan en de kustlijn in te korten. In 1918 werd de Zuiderzeewet aangenomen en 1927 werd begonnen met de bouw van de dijk die de Zuiderzee definitief af zou sluiten. De open doorgang naar de zee werd op 28 mei 1932 afgesloten en een binnenmeer gecreëerd: het IJsselmeer was een feit geworden. 

Einde van de visserij

De aanleg van de Afsluitdijk maakte de Zuiderzee dus kalm, waardoor overstromingen vermeden konden worden. Toch waren de inwoners in de omliggende dorpjes absoluut niet tevreden over de aanleg van de dijk. Door de dam werd het water in het IJsselmeer zoet en daarmee verdwenen ook de vissen waar de meeste vissers uit de dorpen aan de oevers van de voormalige Zuiderzee hun inkomen mee verdienden. Dat betekende voor velen het einde van hun inkomen, wat tot hevige protesten op verschillende plekken leidde. De overheid stelde hierop de Zuiderzeesteunwet in, die de vissers in het gebied financieel moest compenseren. Ook werden de vissers geholpen bij het vinden van nieuw werk. De compensatie was absoluut geen vetpot, maar de vissers konden niets meer tegen het plan voor de afsluitdijk inbrengen.

Bron

Andere Tijden. De Afsluitdijk

Afbeelding:

Wikipedia.org: Afsluitdijk

Ook interessant: 

Rubrieken: 

Landen: 

Personen: 

Tijdperken: 

Onderwerpen: 

Meteen op de hoogte van de nieuwste historische verhalen!

Lees Ons Amsterdam

Iedere maand meeslepende en prachtig geïllusteerde verhalen over de de geschiedenis van Amsterdam.

Bekijk het gehele programma van de Week van de Koloniale Geschiedenis met thema ‘Aan het Werk’.

Ga mee op ontdekkingstocht naar archeologische vindplaatsen in binnen- en buitenland!

Meld je nu aan voor onze nieuwsbrief. Het is gratis!