Ramp van Woerden geschiedenis

De Ramp van Woerden

Op 24 november 1813 voltrok zich in Woerden een tragedie die later bekend werd als de Ramp van Woerden. Tijdens de ramp trokken terugtrekkende Franse troepen plunderend door de stad, waarbij zij grote schade aanrichtten en 26 willekeurige inwoners van de stad ombrachten. De slachtoffers waren tussen de 6 en 84 jaar oud. Wat gebeurde er precies?

Het einde van de Napoleontische overheersing in zicht

In de vroege 19e eeuw maakte Nederland deel uit van het Napoleontische Rijk. Aanvankelijk leek Napoleons opmars niet te stoppen, tot het tijdens Napoleons veldtocht naar Rusland tot een keerpunt kwam. Napoleons Grande Armée leed grote verliezen, waarna hij samen met zijn troepen tijdens de Slag bij Leipzig in oktober 1813 verslagen werd. Napoleon keerde gedesillusioneerd terug naar Frankrijk, terwijl de coalitie die hem bij Leipzig versloeg oprukte door Europa. Vanuit zijn hele rijk, dat op dat moment een groot deel van het Europees vasteland omvatte, trok een groot aantal troepen zich terug. Ook veel troepen die gestationeerd waren in Nederland verlieten hun post.

Vreugde in Nederland

De verliezen van Napoleon bij Leipzig werden in Nederland als een zegen gezien. Hoewel de Fransen in 1795 als helden werden binnengehaald, verloren zij snel hun populariteit. Toen de eerste geallieerde troepen al op 17 november 1813 aankwamen bij de Nederlandse grens en een aantal dorpen en steden bevrijdden, vierden de Nederlanders feest. Hoewel de oorlog op dat moment nog verre van écht voorbij was, zou hun wens van onafhankelijkheid zomaar eens uit kunnen komen. Dat schiep hoop bij de Nederlanders.

Het Driemanschap en het “Soeverein Vorstendom der Verenigde Nederlanden”

De geallieerde opmars ging razendsnel. Russische troepen, eenheden van Kozakken en Basjkieren, drongen binnen enkele dagen door tot in Amsterdam. Door het snelle oprukken van de geallieerde troepen, drong de overtuiging dat de bevrijding en de onafhankelijkheid nabij waren door tot in Den Haag. Op 20 november nam het zogenaamde Driemanschap vanuit daar het bestuur over Nederland over, in afwachting van de terugkeer van de Oranjes, die in 1795 naar Engeland gevlucht waren. Een dag later werd door het Driemanschap, dat bestond uit Gijsbert Karel van Hogendorp, Frans Adam van der Duyn van Maasdam en Leopold van Limburg Stirum, zelfs een “Soeverein Vorstendom der Verenigde Nederlanden” uitgeroepen.

De proclamatie leek de Nederlandse onafhankelijkheid uit te roepen, maar niets was minder waar: de Fransen gaven zich nog lang niet gewonnen. Daarbij waren de geallieerden nog niet sterk genoeg om de Nederlandse gebieden volledig te bevrijden. Het Driemanschap kon op papier een aardig Nederlands leger op de been brengen, maar deze ‘Oranjegarde’ was eigenlijk niets meer dan een volksmilitie, een slecht bewapend en nauwelijks getraind leger dat op het slagveld weinig uit zou kunnen halen.

Oranjekoorts in Woerden

Ook in Woerden was de stemming in eerste instantie hoop- en vreugdevol. De bewoners van de stad hingen na Napoleons nederlaag in Leipzig zelfs oranje en rood-wit-blauwe vlaggen uit, nadat de burgemeester hier toestemming voor had gegeven. Er was op dat moment nog slechts een klein aantal Franse soldaten aanwezig in de stad en met hen werd hier en daar al onschuldige spot gedreven. Deze berichten bereikten de Franse legerleiding in Utrecht, dat op dat moment nog een belangrijk Frans bolwerk was. Uit woede stuurden de Franse bevelhebbers daarom 250 militairen naar Woerden om de Woerdenaren duidelijk te maken dat er nog geen einde gekomen was aan de Franse controle. Zonder bloedvergieten werd de Franse orde in de stad hersteld. Even was er de vrees voor represailles, maar een aantal inwoners wisten de Fransen ervan te overtuigen dat de Woerdense vreugde slechts onschuldig was, waarop de meeste Fransen de stad weer verlieten.


Het beste van IsGeschiedenis in je inbox? Schrijf je in voor onze nieuwsbrief! Helemaal niks missen? Volg ons op Facebook!


Twijfel bij de Woerdenaren

Kort na het voorval riep het Driemanschap het Soeverein Vorstendom der Verenigde Nederlanden uit. In Woerden was niet iedereen zo gelukkig met de proclamatie. De bewoners vreesden naar aanleiding van de proclamatie Frans militair ingrepen, dat nadelig uit zou kunnen pakken voor hun stad. Ze waren net ternauwernood ontsnapt aan Franse represailles en verwachtten niet nog eens gespaard te worden. Toen het Driemanschap de Oranjegardes dan ook het land in wilde sturen, protesteerden de Woerdenaren hiertegen, maar tevergeefs: Woerden werd, net als veel andere Nederlandse steden, ingenomen door een van de legerkorpsen. Het kleine aantal aanwezige Fransen bood weinig weerstand tegen de 250 Nederlandse soldaten.

 Een onverwachte omsingeling

De angst van de Woerdenaren was niet ongegrond, want hoewel de Fransen de stad aanvankelijk zonder slag of stoot hadden opgegeven, lieten ze de geallieerde opmars niet zomaar over hun kant gaan. Toen het nieuws van de Nederlandse inname de Franse bevelhebbers bereikte, zouden zij zelfs bevel hebben gegeven om “dood en verwoesting” aan te richten in Woerden. In de nacht van 23 op 24 november keerden de Fransen dan ook terug met een grotere en georganiseerde troepenmacht, bestaande uit ex-gevangenen, deserteurs en armoedige Spanjaarden. De armoedige maar omvangrijke troepen kregen het voor elkaar om de stad ongemerkt te omsingelen. De feestvreugde kreeg hiermee een bittere nasmaak in Woerden.

De Ramp van Woerden

De ochtend van 24 november vielen de Fransen aan. Doordat het nog vroeg was, en bovendien een beetje mistig, had een groot deel van het Nederlandse garnizoen op dat moment nog totaal geen idee dat de stad omsingeld was. De verrassing was compleet. Een groot deel van de Nederlandse troepen was zo geschrokken en onvoorbereid dat zij de stad uit vluchtten, waardoor de Franse soldaten weinig noemenswaardige weerstand ondervonden. Plunderend en moordend trokken de Fransen door de stad. Kolonel van de Oranjegarde Witte Tullingh deed samen met een paar mannen nog een poging de Fransen tegen te houden, maar tevergeefs. Ook hij was na korte straatgevechten genoodzaakt te vluchten. De Fransen maakten voor niemand een uitzondering: bijna alle huizen werden geplunderd en zowel rijke burgers als eenvoudige ambachtslieden werden slachtoffer van de moordpartijen. 24 mensen stierven direct aan hun verwondingen en twee bezweken een paar dagen later. Het jongste slachtoffer was nog maar zes jaar oud. Tegen zeven uur ’s avonds kwam het bloedbad tot een einde, maar het duurde nog drie dagen tot de rust echt wederkeerde in de stad. Vanuit het hele land werd daarna geld ingezameld om de stad in zijn oude staat te herstellen. 

In de vergetelheid

Ramp van Woerden geschiedenisVeel van wat we nu weten over de Ramp van Woerden weten we uit de verslagen van de jurist en stadssecretaris Jan Meulman. Hij was als stadssecretaris nauw betrokken bij het stadsbestuur en een ooggetuige van de ramp. Hij beschreef zijn ervaringen op in het boek Woerden in slagtmaand 1813. De opbrengsten die het boek opleverden schonk hij aan de slachtoffers van de ramp. Ondanks dat dit boek goed bewaard gebleven is, wordt de Ramp van Woerden door slechts enkelen nog goed herinnerd. Sinds de ramp zijn er maar een paar herdenkingen en tentoonstellingen over geweest. In 1838 werd er bijvoorbeeld een herdenkingsmunt uitgebracht. Honderd jaar na de ramp, in 1913, werd de tragedie groots herdacht, maar tegenwoordig is de belangstelling voor de ramp niet groot.

Bronnen:

Afbeeldingen:

Ook interessant: 

Landen: 

Personen: 

Tijdperken: 

Onderwerpen: 

Ga mee op ontdekkingstocht naar archeologische vindplaatsen in binnen- en buitenland!

Ontdek Geschiedenis Magazine!

Lees Ons Amsterdam

Iedere maand meeslepende en prachtig geïllusteerde verhalen over de de geschiedenis van Amsterdam.

Bekijk het gehele programma van de Week van de Koloniale Geschiedenis met thema ‘Aan het Werk’.

Meld je nu aan voor onze nieuwsbrief. Het is gratis!