De Aanbidding van het Lam Gods

Het Lam Gods en het mysterie van het gestolen paneel

Het altaarstuk ‘Aanbidding van het Lam Gods’, zoals het kunstwerk volledig heet, werd geschilderd door de Vlaamse primitieven Hubert en Jan van Eyck. Het hele kunstwerk kent een roerige geschiedenis. In het bijzonder het paneel De Rechtvaardige rechters. Dit paneel werd in 1934 gestolen en is nog altijd niet terecht.

Het Lam Gods is een veelluik, dat bestaat uit twaalf panelen waarvan de er acht met scharnieren gesloten kunnen worden. De acht panelen aan de zijkant zijn aan beide kanten beschilderd. Hubert van Eyck nam de opdracht voor het schilderij aan van de vooraanstaande koopman Johannes Vijd uit Gent. in 1426 overleed Hubert van Eyck echter  het werk werd voortgezet door zijn jongere broer Jan van Eyck die het schilderij in 1432 afmaakte, niet wetende wat het nog allemaal te wachten stond.

Beeldenstorm

De stormachtige geschiedenis van het schilderij begon in 1566 toen het nipt ontsnapte aan de Beeldenstorm. Katholieken uit Gent hadden de panelen verstopt in de klokkentoren van de Sint-Baafskathedraal voordat een woedende menigte binnenstormde. Vervolgens werd het veelluik verstopt in het stadhuis totdat in 1584 het katholicisme weer de bovenhand kreeg in Gent.

In 1781 werden op voorspraak van de toenmalige keizer van het Heilige Roomse Rijk Jozef II, twee panelen weggehaald waarop Adam en Eva naakt te zien waren. Volgens de keizer was deze naaktheid overbodig en de panelen werden opgeslagen in het archief van de Sint-Baafskathedraal.

Dertien jaar later in 1794, tijdens de Franse Revolutie, werden negen van de tien overgebleven panelen ook in het archief van de kathedraal opgeborgen. Alleen het paneel waarop het lam afgebeeld stond werd met paard en kar naar Parijs vervoerd waar het één van de kopstukken werd van Musée Napoléon (het huidige Louvre). Na de slag bij Waterloo in 1815 kwam het paneel weer terug naar Gent. Het kunstwerk was daarmee weer (voor even) compleet.

Verkoop aan koning van Pruisen

Slechts enkele maanden na de terugkeer van het middenpaneel werd het hele kunstwerk, met uitzondering van de panelen van Adam en Eva, verkocht voor slechts 3000 gulden aan een kunsthandelaar. Dat was een opmerkelijk laag bedrag aangezien het stuk toen al beroemd was over heel Europa. Via een omweg kwam het vijf jaar later in handen van de koning van Pruisen. Die stond de panelen vervolgens weer af aan een museum in Berlijn. Daar werden delen van het werk zelfs doorgezaagd om beide zijdes van de zijpanelen tentoon te kunnen stellen.


Het beste van IsGeschiedenis in je inbox? Schrijf je in voor onze nieuwsbrief! Helemaal niks missen? Volg ons op Facebook!


De twee panelen die achtergebleven waren in Gent bleven rond diezelfde tijd ternauwernood intact nadat er brand was ontstaan in de Sint-Baafskathedraal. In 1861 kocht de Belgische staat de panelen waar Adam en Eva naakt op te zien waren. Om ze vervolgens tentoon te stellen in het nationale museum in Brussel.

Eerste Wereldoorlog

Toen Duitsland tijdens de Eerste Wereldoorlog België binnenviel ontstond er angst dat de Duitsers de overige panelen van het Lam Gods zouden komen halen. Kanunnik Van den Gheyn van de Sint-Baafskathedraal verzon een list samen met twee Belgische ministers. Ze stelden een valse brief op waarin stond dat het Lam Gods verplaatst zou zijn naar Engeland. In werkelijkheid werden de panelen die nog in België waren in het geheim verplaatst in houten kisten naar twee woonhuizen in Gent. Daar werden ze tussen de muren gemetseld en onder vloerplaten gestopt. Na de oorlog moesten de Duitsers de rest van de panelen, die nog in Berlijn waren, teruggeven aan België als onderdeel van de herstelbetalingen. Daarmee was het altaarstuk weer compleet na ruim een eeuw.

De Rechtvaardige Rechters

In de nacht van 10 op 11 april 1934 werden twee panelen van het Lam Gods gestolen: De Rechtvaardige Rechters en Johannes de Doper. Op de lege lijsten hing een briefje met de tekst: ‘Van Duitsland afgenomen door het Verdrag van Versailles’. In de weken die volgde ontving de Bisschop van Gent afpersingsbrieven van iemand die zich D.U.A. noemde. Deze persoon eiste een miljoen Belgische frank aan losgeld. Om te bewijzen dat hij of zij de panelen echt bezat liet deze persoon één paneel, Johannes de Doper, terugvinden op het Brusselse Noordstation.

Hierna begonnen de onderhandelingen over het tweede paneel, De Rechtvaardige Rechters. Het losgeld zou opgehaald moeten worden bij pastoor Meulepas van de Sint-Laurentiuskerk in Antwerpen. Een taxichauffeur verscheen bij de kerk, kreeg het losgeld (slechts 25.000 frank van de een miljoen die was geëist) en verdween. De dief was niet tevreden met slechts 25.000 frank en er volgde een briefwisseling met de Minister van Financiën. Dit liep uiteindelijk op niets uit.

Arsene Goedertier

Zes weken na de laatste brief gebeurde er iets geks. Arsene Goedertier, eigenaar van een klein bankkantoor in Wetteren in de buurt van Gent, kreeg een hartaanval en bekende op zijn sterfbed aan zijn advocaat dat hij de enige was die wist waar het vermiste paneel zou zijn. Goedertier verwees naar een map die in zijn bureau lag. In de map werden dertien kopieën gevonden van de afpersingsbrieven, maar van de Rechtvaardige Rechters was geen spoor te bekennen.

De brieven zouden wel de zoektocht naar het paneel blijven voeden in de jaren die volgden. Tot op de dag van vandaag wordt er nog gezocht naar het paneel door (amateur)speurders, maar ook de Belgische politie werkt nog vaak mee als er nieuwe theorieën aan het licht komen. De meeste theorieën zijn ontstaan uit de brieven van Goedertier, die codes zouden bevatten. Maar het paneel is tot op heden nog niet teruggevonden.

Tweede Wereldoorlog

Zes jaar na de roof, werden de elf panelen die nog in de Gent verbleven door Hitler naar een zoutmijn in het Oostenrijkse Altaussee gebracht. Daar lagen ze in afwachting van de bouw van een museum waar Hitler alle grote kunstschatten wilde onderbrengen. In 1944, onder druk van de geallieerden die oprukten, wilde de Duitsers alle kunst in de zoutmijn opblazen met een grote hoeveelheid dynamiet. Dit werd maar ternauwernood voorkomen door lokale mijnwerkers in Altaussee. Het kunstwerk overleefde daarna ook op het nippertje de vlucht naar België toen het vliegtuig in een zware storm terechtkwam en een noodlanding moest maken.

Na een voorzichtige conservatie- en restauratiebehandeling in 1950 waren de elf panelen weer terug in de Sint-Baafskathedraal. In 2012 begon een nieuwe restauratie van het meesterwerk. Deze restauratie zou in drie fases gedaan worden en werd in 2020 onderbroken voor het Van Eyckjaar. In 2022 gaat de derde fase van de restauratie in en op de achtergrond gaat de zoektocht naar het ontbrekende paneel verder.

Bronnen:

Afbeeldingen:

  • Gebroeders Van Eyck, Web Gallery of Art, Publiek Domein

Ook interessant: 

Landen: 

Personen: 

Religie: 

Onderwerpen: 

Bekijk het gehele programma van de Week van de Koloniale Geschiedenis met thema ‘Aan het Werk’.