Scheveningse strand alleen voor de rijken

‘Er is geen strand zo plezant als het Scheveningse strand’. De pier, het Kurhaus en schaars geklede lichamen. Het was gisteren weer een dag mooi weer en Nederlanders trokken massaal richting het Scheveningse strand. Op de wegen naar de kust stond rond het middaguur 60 kilometer file. Sinds 1800 is Scheveningen geliefd als badplaats.

Scheveningen is een oud vissersdorp dat geleidelijk aan ook de functie van ‘Badplaats’ kreeg. De oudste vermelding van de naam Scheveningen is in ca. 1280 opgetekend in een grafelijk register. Het gebied werd beschreven als ‘terram de Sceveninghe’, land van Scheveningen. Een eeuw later, in de 14e eeuw werd ook het dorpje Scheveningen voor het eerst genoemd in grafelijke geschriften. Al sinds de veertiende eeuw waren er nauwe banden tussen het Scheveningse dorp en het aangelegen Den Haag.

Al in 1307 bepaalde de graaf van Holland dat Scheveningen één schepen zou inbrengen in de Haagse schepenbank die zeven vertegenwoordigers telde. De gehele wet- en regelgeving - zelfs tot aan die van de plaatselijke zeevisserij toe - was en bleef een Haagse aangelegenheid. Deze grafelijke beslissing leidde ertoe dat Scheveningen niet zelfstandig werd, maar zich slechts als semi-zelfstandig dorp met één zetel mocht vertegenwoordigen in de Haagse schepenbank. Hoogst waarschijnlijk is de opkomst van het vissersdorp te danken aan de functie van afzetgebied van vis voor de groeiende stad Den Haag. Het dorpje behield haar semi-zelfstandige functie tot aan het begin van de 20e eeuw.

Verbindingsweg

Scheveningen was tot halverwege de zeventiende eeuw met Den Haag verbonden door het Westerduinpad, dat uitkam bij het Haagse Noordeinde. In 1665 kwam daar echter verandering in. Op initiatief van Constantijn Huygens werd er tussen Den Haag en Scheveningen een straatweg aangelegd: de huidige Keizerstraat. De betere bereikbaarheid zorgde ervoor dat Scheveningen gestaag uitgroeide tot hét uitgaansgebied van de Hagenaars. De Keizerstraat was dé weg voor de mensen die naar het strand kwamen. In 1680 telde je er al zeven herbergen en wijnhuizen.

Badplaats

De meeste Nederlandse badplaatsen werden in de 19e eeuw gebouwd om rijke burgers een nieuwe vorm van ontspanning te bieden. Badgasten gingen met badkoetsen in zee of namen een zeebad in een badhuis. Niet alleen de zeelucht werd gezond geacht, maar ook een zeebad. Mensen gingen geheel gekleed en onttrokken aan het zicht van de wereld in een zeebad. Het zou helpen tegen zenuwziektes, zenuwtrekkingen, krampen, zwellingen en huidziektes. De dokter raadde het mensen aan om te baden in zeewater. De zee zou een geneeskrachtige werking hebben op het lichaam.

Gemalin Koning Willem I

Eén voorbeeld daarvan is bij Wilhelmina Hohenzollern, gemalin van koning Willem I. Zij leed aan slapeloosheid. Willem I besloot om speciaal voor haar, boven op een duin, een paviljoen te bouwen. Op 4 april 1826 werd dat volgens Schevenings chroniqueur J.C. Vermaas voor ƒ 53.700,- aanbesteed, inclusief de `thans zeer onooglijke houten stal'.’ Of het verblijf aan zee daadwerkelijk hielp in het geval van Wilhelmina is niet zeker.

Kusttoerisme

Het kusttoerisme kwam dus op. Ook het dorp Scheveningen begon vanaf 1800 als badplaats dienst te doen, zoals blijkt bij gemalin Wilhelmina. De geschiedenis van de badplaats begon met een eerste badhuis van Jacop Pronk in 1818. Dit was een houten paviljoen op de plaats van het huidige Kurhaus aan zee en het bestond uit een wachtkamer en vier badkamers met uitzicht op zee. Alle kamers waren voorzien van een bad met twee kranen, één voor warm - en één voor koud zeewater. Het water werd uit de zee gehaald met paard en wagens en opgeslagen in reservoirs. Het bedrijf van Pronk was een succes. Het eerste jaar kwamen er 1400 baders het jaar daarop 1900 badgasten.

Regels

Een verblijf aan zee werd een moderne aangelegenheid onder de welgestelde klasse. Het baden werd steeds populairder en gluren werd niet geaccepteerd. Het baden door middel van badkoetsen in zee was gebruikelijk. De badgasten werden naar zee gereden en konden in zee uitstappen. De gemeente bepaalde, om pottenkijkers te weren, dat mensen zonder koets die wilden baden `zich daartoe zullen moeten begeven aan de linkerzijde van het Dorp voorbij de vuurtoren'. Op een overtreding stond drie dagen gevangenisstraf. Ook kwamen er strikte regels voor de kleding van de badgasten, zoals bleek uit een bericht van de burgemeester en wethouders van Den Haag in 1819:  ‘Er zal in open zee niet gebaad worden dan met zoogenaamde zwembroeken.’ Ook voor vrouwen kwamen er strikte regels voor de kledij die niets onthullend waren. De invoering van de badmode was hiermee geboren.

Stedelijk Badhuis

In 1820 werd het badhuis van Jacop Pronk vervangen door een stenen gebouw. Acht jaar later, in 1828, kocht de gemeente Den Haag het badhuis over. Jacob Pronk wordt voor zijn verdiensten beloond met een gouden handdruk. De gemeente liet op de plaats van het oude badhuis het Stedelijk Badhuis bouwen. Naast een badhuis werd het nu ook las hotel gebruikt. Het gebouw had een centraal gedeelte en twee vleugels. In het verlengde van het badhuis werd in 1835 de ‘Badhuisweg’ aangelegd. De inwoners van Den Haag konden nu rechtstreeks naar het Stedelijk Badhuis reizen. Rondom het badhuis werden steeds meer hotels, landhuizen en villa’s gebouwd, in tegenstelling tot het oude dorp rondom de Keizerstraat.

Kurhaus en de Pier

Alles werd eraan gedaan om de badplaats van allure en gemak te voorzien. Een particuliere stichting Maatschappij Zeebad bouwde het Stedelijk Badhuis met hulp van de gemeente in 1884 om tot het Kurhaus in de stijl van de Italiaanse Renaissance. Een jaar later  brandde het grotendeels af, maar werd tussen 1886 en 1887 weer herbouwd. Ook werd er toen een pier aangelegd. En die bepaald tegenwoordig nog steeds het beeld van Scheveningen. De eerste pier van Scheveningen werd geopend door Prins Hendrik in 1901. Hij was toen net met Wilhelmina getrouwd en doopte de pier met `de schoonste aller namen': Wandelhoofd Wilhelmina. De houten constructie was gebouwd achter het Kurhaus. Ook werd in 1907 een treinstation geopend die in gebruik was tot 1953.

Pas vanaf de jaren '50 toen ook arbeiders gebruik konden maken van ‘betaald verlof’, kwam de arbeiders- en middenklasse in de zomer naar de badplaats. Tot op heden is Scheveningen een populaire bestemming voor mensen die een vrije zonnige dag willen besteden op het strand.

Meer weten

Neem nu een abonnement en krijg schitterende cadeau's!

En mis nooit meer de mooiste historische verhalen!

Neem nu een abonnement en krijg drie schitterende cadeau's!