Bentham

Blijheid berekenen met Bentham

Weegt de gelukzaligheid van de roes op tegen de ellende van de kater? Volgens de Engelse filosoof en jurist Jeremy Bentham kon deze afweging tot universeel principe worden gemaakt. Elk individu en elk instituut zou moeten streven naar zoveel mogelijk geluk voor een zo groot mogelijke groep.  Deze filosofie heet ook wel het utilitarisme. 

Sociaal contract

Jeremy Bentham (1748-1832) kwam tijdens zijn studie rechten in aanraking met ideeën David Hume, Adam Smith en Beccaria. Onder invloed hiervan verwierp hij de zogenaamd natuurlijke basis van het sociaal contract. Deze op dat moment prominente stroming stelde dat staat en burger een impliciete overeenkomst hadden waarin het individu enige vrijheden opzegde of overdroeg aan de gemeenschap in ruil voor bescherming en harmonie van de samenleving. 

Geluk en pijn op de balans

In Bentham’s visie werden mensen gedreven door het verkrijgen van genot en plezier en het voorkomen van pijn. Dit was de basis van geluk. Om te bepalen of een actie wel of niet ‘juist’ was, moest men nagaan in welke mate alle betrokkenen er positief of negatief door beïnvloed werden. Hier had Bentham zelfs een soort calculator voor ontwikkeld, een gelukbalans, waarin onder meer de sterkte, lengte en langetermijngevolgen waren meegenomen. 

Hervorming wetsysteem 

Vanwege zijn achtergrond in rechten richtte zijn vroege werk zich vooral op de wet. Hij vond dat de classificatie van misdaden en straffen opnieuw moest worden opgesteld, gebaseerd op de hoeveelheid kwaad (pijn) die ze aanrichtten. De basisregel was dat de straf zwaarder moest zijn dan het voordeel dat verkregen was zodat misdaad nooit loonde. Daarnaast waren (lijf)straffen op zichzelf nooit goed. Ze waren alleen acceptabel als ze ander - groter - leed voorkwamen. De dader moest gestraft worden tot het punt waarop de straf groter werd dan de opbrengst (in afschrikeffect, rehabilitatie, etc.).

Kritiek op Bentham en het utilitarisme

De stroming van het utilitarisme, waaronder de ideeën van Bentham, kreeg vanaf het begin veel kritiek. De drie belangrijkste punten richtten zich op het centraal stellen van hedonisme, de problemen met een kwantitatieve berekening van geluk, en het morele bezwaar dat utilitarisme niet per se eerlijk of goed is. Zo raken zaken als gelijkheid en rechten van het individu mogelijk ondergeschoven onder het mom van het ‘grotere goed’. Het klassiek utilitarisme heeft zich in de loop der tijd ontwikkeld en is van grote invloed geweest op discussies over economische modellen, ethiek en liefdadigheid. 

Bronnen:

  • Bowie, N.E. & R.L. Simon (1998) The Individual and the Political Order: An Introduction to Social and Political Philosophy (Rowman & Littlefield)
  • Rosen, Frederick (2003). Classical Utilitarianism from Hume to Mill. (Routledge)
  • Slote, Michael (1995). "The Main Issue between Unitarianism and Virtue Ethics". From Morality to Virtue. (Oxford University Press)

 

Afbeelding:

Meer weten

En mis nooit meer de mooiste historische verhalen!

Neem nu een abonnement en krijg schitterende cadeau's!