Homohuwelijk

De lange weg naar de eerste homohuwelijken in Nederland

Op 1 april 2026 is het precies vijfentwintig jaar geleden dat in Nederland de eerste homohuwelijken werden gesloten. Hierdoor was Nederland even wereldnieuws. Sindsdien zijn er al zo'n 20.000 stellen van hetzelfde geslacht met elkaar getrouwd. Hoe kwamen die eerste homohuwelijken in Nederland tot stand?

Het homohuwelijk werd in de zomer van 1967 voor het eerst in Nederland een publieke kwestie. Het dagblad De Tijd berichtte op 1 juli van dat jaar dat er een 'vreemde plechtigheid' had plaatsgevonden in een Rotterdamse kapel. Op 26 juni hadden twee jongemannen, Harrie Rietra en Jean-Marie Knockaert, een mis laten opdragen, waarbij ze ringen hebben uitgewisseld. Het bisdom gaf toe dat dit was gebeurd, maar zij deden het af als een reclamestunt. De mannen zouden het uitwisselen van de ringen in scène hebben gezet om de foto's te kunnen verkopen aan roddelbladen.

Rietra en Knockaert ontkenden dit; zij wilden naar eigen zeggen alleen 'hun vriendschap bezegelen voor God'. Dit verloor echter snel aan geloofwaardigheid, toen een aantal dagen later een reportage met foto's van hun ceremonie in de Britse tabloid News of the World verscheen. Ze hadden de foto's dus toch verkocht.


Het beste van IsGeschiedenis in je inbox? Schrijf je in voor onze nieuwsbrief! Helemaal niks missen? Volg ons op Facebook!


Het homohuwelijk als actiepunt

Deze actie deed behoorlijk wat stof opwaaien en zorgde ervoor dat het homohuwelijk weer onder de aandacht kwam. Twee jaar later, in 1969, werd het homohuwelijk een actiepunt van Harry Thomas, muziekproducent en openlijk homoseksueel. Aan het einde van de jaren '60 en het begin van de jaren '70 schreef hij hier ook meerdere boeken over. Eind 1969 richtte hij de Nederlandse Homofielen Partij op en trad hij naar voren als voorzitter. Met zijn partij streefde hij naar een wettelijke erkenning van relaties tussen mensen van hetzelfde geslacht.

Hij kreeg echter niet veel steun voor zijn campagne. De homo-emancipatiebeweging COC stond niet achter het homohuwelijk, omdat zij voorstander was van relatievrijheid. De COC wilde dat verschillende soorten relaties, dus het huwelijk, maar ook gesloten en open relaties, werden gezien als gelijkwaardige opties. Maar Thomas liet zich hierdoor niet tegenhouden. In mei 1970 kondigde hij aan dat hij de relatie tussen hem en zijn vriend in juni van dat jaar zou laten inzegenen in een rooms-katholieke eucharistieviering, maar hij kreeg hier uiteindelijk geen toestemming voor van de kerkleiding. Het feest ging dus niet door.

Ontwikkelingen in de jaren '80

Aan het einde van de jaren ’80 werden de eerste juridische stappen voor de legalisering van het homohuwelijk gezet. Dit werd gedaan door jurist Jan Wolter Wabeke, die hiervoor een sterke persoonlijke motivatie had. Hij wilde betere rechten en meer zekerheid voor hem en zijn man, met wie hij al ruim tien jaar samenwoonde. Volgens Wabeke werd zijn relatie in het dagelijks leven wel geaccepteerd, maar bleven zaken als erfrecht, pensioenrechten en adoptie wettelijk onbereikbaar.

Wabeke was echter niet de enige die zich hiervoor inzette. Al vanaf het begin van de jaren ’80 voerden organisaties als de Stichting Vrije Relatie Rechten (SVRR) een lobby voor juridische erkenning. Dit leidde destijds tot een ideologische strijd binnen de homogemeenschap. Waar het COC en de SVRR vreesden dat het ‘burgerlijke’ huwelijk een te nauw keurslijf zou zijn en zij liever zagen dat álle relatievormen erkend werden, koos Wabeke juist voor een pragmatische route: openstelling van de bestaande huwelijkswet.

In 1988 schreef Wabeke een concept voor dit burgerlijk huwelijk tussen mensen van hetzelfde geslacht. Hij concludeerde dat dit juridisch mogelijk was door enkele wijzigingen aan te brengen in het bestaande familierecht. Dit concept en de bijbehorende campagnestrategie besprak hij met Henk Krol, destijds hoofdredacteur van de Gaykrant. Samen riepen zij de stichting Vrienden van de Gaykrant in het leven. Hiermee combineerden zij het juridische fundament van Wabeke met de mediamacht van de Gaykrant. Door middel van proefprocessen dwongen zij de politiek en de rechtspraak om kleur te bekennen. Dit leidde in 1989 tot een historische uitspraak van de Amsterdamse rechtbank, die erkende dat de wet het huwelijk weliswaar voor man en vrouw bedoeld had, maar dat nergens expliciet verbood voor koppels van hetzelfde geslacht.

Het paarse kabinet

Mede door de campagne van Wabeke en Krol hadden ruim honderd gemeenten in 1994 inmiddels een voorlopig trouwregister geopend voor mensen met hetzelfde geslacht. In datzelfde jaar trad ook het eerste paarse kabinet aan en staatssecretaris van Justitie Elizabeth Schmitz, meldde dat het nog ten minste vier jaar zou duren voordat er een wetsvoorstel voor een wettelijke relatieregeling zou komen.

En inderdaad vier jaar later, op 1 januari 1998, werd het voor zowel homo´s en lesbiennes als hetero´s mogelijk om een geregistreerd partnerschap te sluiten. De ontbinding van een geregistreerd partnerschap is makkelijker dan de ontbinding van een huwelijk, de overige rechtsgevolgen zijn vrijwel hetzelfde.

Maar het geregistreerd partnerschap was niet voldoende; men wilde trouwen. Het huwelijk heeft voor veel mensen immers toch een bijzondere waarde en symboliek. De nieuwe staatssecretaris van Justitie van het tweede paarse kabinet, Job Cohen, was degene die in 1998 het wetsvoorstel voor openstelling van het burgerlijk huwelijk voor mensen van hetzelfde geslacht door het parlement loodste. In de Tweede Kamer stemden 109 Kamerleden voor het wetsvoorstel van Cohen en 33 leden, voornamelijk van de christelijke partijen, tegen.

De eerste homohuwelijken in Nederland

Op 1 april 2001 was het dan zo ver: de wet die het homohuwelijk regelde, trad in werking. Op 1 april om middernacht zouden de eerste homohuwelijken in Nederland een feit zijn en zou Nederland wereldnieuws worden. Op 31 maart verzamelde de pers vanuit heel de wereld, van Japan tot de Verenigde Staten, in de raadzaal van Amsterdam om dit historische moment vast te leggen. Voorafgaand aan de ceremonie gaf Job Cohen, inmiddels burgemeester van Amsterdam, een persconferentie. Hij was trots op de wereldprimeur die Amsterdam had en noemde de stad de ´gay capital van Europa, en misschien nog wel verder´.

Een groepje zwijgende christenen uitte hun onvrede nog door een kleinschalig protest te beginnen voor het Muziektheater met de boodschap ´Laat ons wederkeren tot de Heere´, maar dit had weinig effect. Net na middernacht op 1 april gaven vier koppels van hetzelfde geslacht, Dolf Pasker en Gert Kasteel, Peter Wittebrood-Lemke en Frank Wittebrood, Louis Rogmans en Ton Jansen, en Hélène Faasen en Anne-Marie Thus elkaar voor een volle raadzaal het ja-woord.

Twintig jarig jubileum

Naast de vier stellen die voor het oog van de wereld werden gehuwd in de raadzaal in Amsterdam, waren er natuurlijk dat jaar nog veel meer stellen die elkaar het ja-woord gaven. In totaal trouwden er zo´n dertienhonderd stellen van hetzelfde geslacht in 2001. Ook zij mogen dit jaar dus hun twintig jarig jubileum vieren.

Bronnen:

Afbeelding:

Ook interessant: 

Rubrieken: 

Landen: 

Tijdperken: 

Ga mee op ontdekkingstocht naar archeologische vindplaatsen in binnen- en buitenland!

Meld je nu aan voor onze nieuwsbrief.