Sint-Elisabethsvloed

De Sint-Elisabethsvloed van 1421

Op 18 november 1421, de naamdag van de heilige Sint Elisabeth ontstond er een zeer zware storm. In Holland en Zeeland braken op verschillende plaatsen de dijken. Duizenden mensen verdronken. De vloed markeert ook het begin van het ontstaan van de Biesbosch.

De Groote of Hollandsche Waard

Tussen wat nu Zuid-Holland en Brabant is, lag in de middeleeuwen een groot poldergebied, de Groote of Hollandsche Waard. Dat gebied was in de dertiende eeuw ontgonnen. Het gebied langs de Maas bleek echter kwetsbaar te zijn. In de polder werd ook zout gewonnen. Bij die zoutwinning werden diepe putten gegraven. Door die putten werd echter wel de hele waterhuishouding van het gebied overhoop gehaald. Het toch al kwetsbare gebied werd zo nog gevoeliger voor overstromingen. Vanuit het westen brak de Noordzee door de kust. Het Haringvliet ontstond. Langzaam maar zeker kwam de zee dichterbij. In 1288 ging het voor de eerste keer mis. De dijken braken en het was bijna onmogelijk ze helemaal te herstellen. Door de overstromingen waren delen van het land zo drassig geworden dat er geen dijken meer gebouwd konden worden. Ondertussen bleef de zoutwinning doorgaan, zowel binnen- als buitendijks. Binnen de polder daalde de bodem daardoor nog meer.


Titel: ‘Nijet dan water en de wolcken’ - De onderzoekscommissie naar de aanwassen in de Verdroncken Waard (1521-1523)
Redactie: Valentine Wikaart , Hildo van Engen en Karel Leenders e.a.
ISBN: 9789070641894
Uitgever: Verloren
Prijs: €39,50

   


De Sint-Elisabethsvloed

Door de storm op de dag van Sint Elisabeth brak de dijk bij het dorpje Broek. De polder stroomde vol. Over het aantal slachtoffers deden de wildste verhalen de ronde. Volgens sommigen zouden honderdduizenden mensen verdronken zijn. Waarschijnlijker is het dat er zo'n tweeduizend mensen verdronken. Net toen de dijk bij Broek weer gedicht was, ging het weer mis. Aan de andere kant van de polder was de dijk langs de Merwede door het water ondermijnd en brak. De rivier stroomde met kracht de polder in. Dit keer konden de dijken niet meer hersteld worden. De rivier stroomde dwars door de polder.  

De Groote Waard wordt verlaten

Niet de hele polder verdween onder de waterspiegel. Delen van de polder bleven droog genoeg voor bewoning. In de jaren daarna lukte niet om deze gebieden te bedijken. Daardoor liepen ze bij hoog water steeds onder. Niet veel later brak nog een dijk bij het dorpje Wieldrecht. Door die doorbraak kwam  de ondergelopen polder in directe verbinding met het Haringvliet en de Noordzee. Onder invloed van het getij kalfde steeds meer land in de polder af. Uiteindelijk was het gebied niet meer bewoonbaar. Twintig dorpen moesten worden prijsgegeven aan het water.

De Biesbosch ontstaat

Het polderland was nu overgeleverd aan het water. Onder invloed van het getij ontstond een gebied van kreken met brak water. De Biesbosch. De rivieren en de zee zetten sediment af, waardoor tussen de kreken zandplaten ontstonden. Pas door de aanleg van de deltawerken nam de invloed van de zee af.

Meer weten

En mis nooit meer de mooiste historische verhalen!

Neem nu een abonnement en krijg schitterende cadeau's!