pauselijk conclaaf

Historische achtergrond van het pauselijk conclaaf

"Ik verkondig u met grote vreugde: we hebben een Paus!” Zo werd paus Benedictus XVI in 2005 vanaf het balkon van de Sint-Pieter kerk aan de toegestroomde mensenmassa gepresenteerd. Op dinsdag 12 maart 2013 zijn 115 kardinalen bijeengekomen in Vaticaanstad om in besloten sfeer zijn opvolger te kiezen. Pausen worden van oudsher gekozen, maar het ‘conclaaf’ vindt zijn oorsprong pas in de 13e eeuw na Christus.

Tot en met de 11e eeuw waren de richtlijnen voor de pauselijke verkiezing erg willekeurig. Naast een handjevol kardinalen hadden ook andere geestelijken en zelfs Romeinse aristocraten inspraak bij de benoeming van een nieuwe paus. Pauselijke verkiezingen stonden daarom vrijwel altijd in het teken van familiaire machtsspelletjes en vriendjespolitiek. Hier kwam in 1059 verandering in, toen paus Nicolaas II de pauselijke bul Nomine Domini uitvaardigde. Daarin bepaalde hij dat alleen kardinalen bevoegd waren om de leider van de Rooms-katholieke kerk aan te wijzen.

Herkomst van ‘conclaaf’

Gedurende de lange middeleeuwen was het niet ongebruikelijk dat pausverkiezingen buiten Rome werden gehouden. Zo kwam het kardinaalscollege, dat meestal bestond uit enkele tientallen kardinalen, ook vaak samen in Italiaanse steden zoals Perugia of Viterbo. In Perugia vond in 1216 het eerste echte ‘conclaaf’ plaats. Het begrip ‘conclaaf’ is afgeleid van het Latijnse cum clave: wat ‘met sleutel’ betekent. Dit verwijst naar het kardinaalscollege dat tijdelijk achter slot en grendel verdwijnt om afgesloten van de buitenwereld een weloverwogen keuze te kunnen maken. In 1216 lieten de kardinalen zich door de inwoners van Perugia opsluiten in het Palazzo delle Canoniche, in de hoop op die manier tot een snellere keuze gedwongen te worden.

Langdurige conclaven

Pas in 1276 werd de conclaafvorm voor het eerst verplicht gesteld, naar aanleiding van het Ubi Periculum die in 1274 door paus Gregorius X was uitgevaardigd. Deze bul, die strenge richtlijnen voor de pausverkiezing bevatte om zo de procedure te verkorten, volgde op de langste pausverkiezing uit de geschiedenis. De verkiezing van Gregorius X tot paus duurde van 1268 tot 1271, waardoor er bijna drie jaar sprake was van een sede vacante. Andere dieptepunten waren het conclaaf van 1292 tot 1294 en een conclaaf op Franse bodem tijdens de ‘Babylonische Ballingschap der Pausen’ (1305-1378), die respectievelijk 822 en 828 dagen duurden.

Kardinaalscollege

Tussen de 13e en de 16e eeuw groeide het aantal kardinalen dat deel mocht nemen aan het conclaaf aanzienlijk. In 1241 bestond het kardinaalscollege nog uit slechts tien personen, waarvan er bovendien één overleed als gevolg van slechte hygiënische omstandigheden in het Septizonium in Rome. In 1588 zag paus Sixtus V zich echter genoodzaakt de maximale omvang van het college vast te stellen op zeventig kardinalen. Vervolgens duurde het nog bijna drie eeuwen voordat het kardinaalscollege een vaste ruimte kreeg toegewezen voor het conclaaf. Vanaf het driedaagse conclaaf in 1878, waarna Leo XIII de Heilige Stoel mocht bekleden, vindt het conclaaf plaats in de Sixtijnse kapel. Tijdens het pontificaat van paus Paulus VI (1963-1978) werd het maximumaantal kardinalen vastgesteld op 120. Dit geldt tot op de dag van vandaag. Paulus VI bepaalde in 1970 eveneens dat alleen kardinalen die jonger zijn dan tachtig jaar deel mogen nemen aan het conclaaf.

Domus Santa Martha

Tot en met 1978 was de Sixtijnse kapel van binnen en buiten op slot, waardoor de kardinalen op provisorische houten veldbedden de nacht door moesten brengen. Tegenwoordig is het de kardinalen echter toegestaan van hun nachtrust te genieten in de nabijgelegen Domus Santa Martha. Op de eerste dag van het conclaaf lopen ze vanaf deze locatie naar de Sint Pieter om de mis Pro Eligendo Summo Pontifice (‘Voor de keuze van de nieuwe paus’) bij te wonen. Vervolgens volgt de processie naar de Sixtijnse kapel. Traditiegetrouw wordt het conclaaf daar met de woorden “Extra Omnes” (“Iedereen naar buiten”…behalve de kardinalen), ceremonieel ingeluid.

Conclaaf van 2013

Wanneer één van de kardinalen daadwerkelijk 77 of meer stemmen heeft vergaard, dient hij door het uitspreken van “Accepto” zijn ambt te aanvaarden en de naam die hij als paus aan zal nemen bekend te maken. Met zowel witte rook als het luiden van de klokken wordt dit vervolgens aan de buitenwereld kenbaar gemaakt. Zo kan er bij de toegestroomde mensenmassa geen twijfel over bestaan dat de volgende woorden weer uitgesproken mogen worden: “Habemus Papam” (We hebben een paus”). Na de introductie van de nieuwe paus op het balkon van de Sint-Pietersbasiliek geeft hij meteen zijn eerste zegen: Urbi et Orbi (‘Voor stad en wereld’).

Wie dat na het huidige conclaaf mag gaan doen is vooralsnog onduidelijk. Volgens deskundigen zijn er namelijk wel tien tot twintig papibili, potentiële pausen, waardoor zowel niet-Europese als zwarte kardinalen nog steeds kans maken om de 266e pontifex maximus (‘grote bruggenbouwer’) te worden.

Bronnen

 

Afbeelding

- Nationaal Archief, Gravures die het conclaaf (...)

Meer weten

De Barbaren geeft een schitterend overzicht van de voorouders van de hedendaagse Europeanen.

Neem nu een abonnement en krijg schitterende cadeau's!