Eeuwig Edict (1667), Johan en Cornelis de Witt

Oranje of Blanje: de gebroeders de Witt tegen de stadhouder

Op 20 augustus 2017 onthulde de vereniging Vrienden van De Witt opnieuw een standbeeld van Johan de Witt. Jort Kelder, die een krans legde bij het beeld, sprak van een goed staatsman die meer erkenning verdient. Ook striptekenaar Jean-Marc van Tol noemde De Witt onlangs een ‘briljante staatsman’. Hij deed dit in het licht van een nieuw project waarbij alle communicatie van de raadpensionaris ontsloten en gedigitaliseerd wordt. Het is inmiddels 347 jaar geleden dat de gebroeders de Witt aan hun einde kwamen. Over wie precies betrokken was bij wiens dood, vindt nog altijd onderzoek plaats. 

Johan de Witt als raadpensionaris

Johan de Witt (1625-1672) kwam uit een machtige regentenfamilie; zowel zijn vader als zijn oom bekleedden hoge posities in het bestuur van respectievelijk Dordrecht en Holland. De Witt sprak meerdere talen en bezat een aanzienlijke wiskundeknobbel. Met een aantal boeken droeg hij sterk bij aan het ontstaan van de verzekeringswiskunde. Gedurende het Eerste Stadhouderloze Tijdperk (1650-1672) vervulde De Witt de positie van raadpensionaris. Ondanks de relatief beperkte macht die deze titel hem in het egalitaire poldermodel verschafte, lukte het hem toch zijn stempel te drukken op de periode.

Van ‘Ware Vrijheid’ tot ‘Rampjaar’

Johan de Witt en diverse andere regenten beschouwden de periode na de dood van stadhouder Willem II in 1650 als ‘de Ware Vrijheid’. Steden en provincies hadden een hoge mate van autonomie en hoefden geen inmenging van de stadhouder te dulden. In 1654 sloot De Witt zelfs een verdrag met de Engelse staatsman Oliver Cromwell waarin de Staten van Holland zworen nooit meer een telg uit het Huis van Oranje tot stadhouder te benoemen. De stadhouder was van oudsher betrokken bij de oorlogsvoering op land en zijn afwezigheid kenmerkte zich door verwaarlozing van het leger. Toen Frankrijk en zijn bondgenoten in 1672 binnenvielen werd dit pijnlijk duidelijk. De economische voorspoed van het stadhouderloze tijdperk viel in het niet bij de impact van het ‘Rampjaar’ op de Republiek.  

Lynchen van gebroeders De Witt

Gedurende het Rampjaar laaide de strijd tussen prinsgezinden en staatsgezinden weer in alle hevigheid op. Veel stemmen gingen op om Willem III tot stadhouder te benoemen om de crisis te bezweren. Johan en zijn broer Cornelis de Witt werden daarentegen aangewezen als zondebok, zwartgemaakt en geïntimideerd. Johan de Witt trad af als raadpensionaris en Cornelis belandde in de Gevangenpoort in Den Haag wegens een aanklacht van landverraad. Op 20 augustus 1672 lynchte een woedende menigte de broers bij de ingang van de gevangenis. 

Moord op de Gebroeders de Witt (1672)

Het vermeende complot van Willem III

Over de precieze gang van zaken rondom het proces en de moord heerst nog enige onduidelijkheid. Zo betoogt historicus Ronald Prud’Homme dat stadhouder Willem III aan de basis stond van de aanslag. Willem III was vlak voor de moord in het geheim in Den Haag aanwezig, in plaats van bij zijn leger. Samen met onder andere de heer van Odijk, admiraal tromp en de heer van Zuylestein beraamde hij een plan om de gebroeders De Witt uit de weg te ruimen. Een aantal leden van de schutterij voerde de executie uit terwijl het volk slechts diende als instrument en rookgordijn. 

Het vermeende complot van Cornelis de Witt

Aan de andere kant waren de gebroeders de Witt wellicht minder schuldig dan vaak beweerd. Panhuysen en Zijlmans merken op dat er tijdens het proces van Cornelis de Witt geen gerechtelijke dwaling plaatsvond. De regent had de veroordeling aan zijn eigen handelen te danken. Hij ontving de barbier Willem Tichelaar bij hem thuis, terwijl diens slechte reputatie wijd bekend was. Vervolgens verzuimde hij de barbier op adequate wijze te vervolgen. Tijdens het proces beschuldigden de twee elkaar van het beramen van een moordplot op Willem III. Door het plegen van meineed – Cornelis beweerde dat hij niet wist wie zijn bezoeker was - had de regent zijn eigen ruiten ingegooid. De rechters moesten wel tot een veroordeling overgaan. 

De Witt’s schuld dan wel onschuld omtrent betrokkenheid bij een mogelijk moordcomplot is nooit definitief bewezen. Net zoals Willem III wellicht betrokken was bij de moord op de gebroeders de Witt, zou de dood van de stadhouder de regenten waarschijnlijk eveneens goed uitgekomen zijn.

Leestip:

Johan de Witt'Redeloos, radeloos, reddeloos' – De geschiedenis van het rampjaar 1672
Auteur: Petra Dreiskämper
ISBN: 9065504435
Uitgever: Verloren
Winkelprijs: €10,–

Bestel 'Redeloos, radeloos, reddeloos'

Bronnen:

Afbeelding:

Door Romeyn de Hooghe (Rijksmuseum) [Public domain], via Wikimedia Commons

By anonymous [Public domain], via Wikimedia Commons
 

Meer weten

Neem nu een abonnement en krijg schitterende cadeau's!

Neem nu een abonnement en krijg schitterende cadeau's!