Home » Reportage
Huis Wettin Fürstenzug

Het Huis Wettin, het langst regerende vorstenhuis van Europa?

Wie tussen de oude paleizen in Dresden loopt, kan niet om het grote tegeltableau aan de Augustusstrasse heen. Dit enorme tableau laat de Fürstenzug, een grote optocht van mannen zien, te voet te paard, allen lid van het adellijke Huis Wettin. Die familie leverde honderden jaren de vorsten van Saksen. Wie waren zij?

In de tiende eeuw werd de plaatsnaam Wettin voor het eerst in de archieven opgeschreven. Het ging hier om een stadje aan de Saale met een grote burcht, die over de rivier uit kijkt. De heren die vanuit deze burcht regeerden, zouden bekend worden als de heren van het Huis Wettin.

Fürstenzug Dresden

De vroege geschiedenis van het Huis Wettin is grotendeels in nevelen gehuld. Dietrich I (geschat 925-976) was het oudste lid van het Huis Wettin dat we in de archieven kunnen terugvinden. We weten weinig over hem, zelfs zijn sterfdatum ligt niet exact vast, maar desondanks wordt hij door historici beschouwd als de stamvader van het geslacht. Dietrich I leefde nog niet in Wettin, zijn zoon Dedo zou het kasteel aan de Saale in handen krijgen. Het was pas Dedo’s kleinzoon Thimo die de naam ‘Van Wettin’ aan zou nemen.

Het begin van de macht van het Huis Wettin

In 1089 werd een van Thimo’s nakomelingen, Heinrich I, graaf van Eilenburg, ook benoemd tot markgraaf van Meissen. Dit markizaat zou de bakermat vormen voor het hertogdom en later zelfs voor het Koninkrijk Saksen. Met deze benoeming begon dus de lange heerschappij van het Huis Wettin over Saksen, al was het Heinrichs neef Konrad die de macht van het Huis Wettin echt zou vestigen. Hij kreeg de naam ‘De Grote’ mee, en dankzij zijn positie voert zijn beeltenis de Fürstenzug in Dresden aan. De volgende generaties van het Huis Wettin breidden hun territorium, en dus hun invloed, flink uit. Met die groeiende macht haalden ze zich het wantrouwen van de Heilige Roomse Keizer op de hals, maar die keizers bleken nooit in staat om de inmiddels machtige familie uit het zadel te wippen.

Rijkdom in Saksen

Niet alleen politiek ging het de familie Wettin voor de wind, ook op economisch gebied boerde de dynastie goed. In de twaalfde eeuw kregen grote steden zoals Leipzig, Chemnitz en Dresden stadsrechten, en de ontdekking van zilver bij Freiberg legde de heersers ook geen windeieren. De steden groeiden en zowel burgers als edelen in het gebied lieten zien hoe goed het hen verging door het bouwen van grote huizen, kathedralen en burchten

Luther beschermd én vervolgd door Saksische vorsten

Ondanks (of misschien juist dankzij) deze groeiende invloed van de familie, braken er in de late middeleeuwen verscheidene conflicten rondom de troon uit. Toen Hendrik III van Meissen in 1288 stierf, ontbrandde er een opvolgingsstrijd tussen drie van zijn kleinzoons. Het conflict werd beslecht door de verschillende markgraafschappen van de familie te verdelen, maar in de daaropvolgende jaren stak het conflict meerdere keren opnieuw de kop op.

Freiberg Saksen

In 1485 werd de deling van Saksen definitief, toen de broers Ernst en Albrecht het land verdeelden. Ernst bleef Saksen-Wittenberg houden als keurvorst, Albrecht werd hertog van Meissen. Hoe definitief de scheuring in de familie was, bleek tijdens de reformatie, toen de twee takken van de familie lijnrecht tegenover elkaar kwamen te staan. De Ernestijnse tak van de familie schreef wereldgeschiedenis, toen keurvorst Frederik III de protestantse reformator Maarten Luther onderdak bood op de Wartburg. Daar bleef het echter bij. Maurits, hertog van Saksen en nazaat van Albrecht, koos de kant van de katholieke keizer Karel V. Dankzij deze alliantie wees de keizer in 1547 het Wittenbergse deel van het keurvorstendom Saksen-Wittenberg toe aan de Albrechtijnse tak. De familietak van Ernst moest steeds meer invloed laten gaan.

Nu het Keurvorstendom Saksen weer was herenigd, brak een nieuwe periode van welvaart aan. Niet in de laatste plaats doordat er nieuwe grondstoffen werden gevonden. De mijnbouw en alle bijbehorende ambachten vierden hoogtij en Saksen werd een van de rijkste gebieden van het Duitse Rijk. De Dertigjarige Oorlog gooide echter roet in het eten. Oorlog en epidemieën teisterden het land. De vrede van 1648 bracht rust, maar het duurde nog tot de heerschappij van Frederik Augustus I (1694-1733) voor het land er weer bovenop kwam.

Residentieslot Dresden

Welvaart en porselein

Dat herstel ging voortvarend. De porseleinindustrie kwam op, een grote bron van inkomsten. Nog altijd is het porselein uit Meissen waardevol. De rijkdom van deze tijd is nog altijd te zien in de barokke gebouwen die Frederik August in Dresden uit de grond liet stampen. Het Residenzschloss werd na een brand als barok paleis herbouwd, het Zwinger verrees en over de Elbe werd de grote stenen Augustusbrücke gebouwd. Buiten de stad verrees Schloss Pilnitz en de Moritzburg werd omgebouwd tot een luxe buitenverblijf in barokke stijl. Die paleizen werden vol gehangen met kunst, waarmee Frederik August een van de eerste Europese vorsten was die actief kunst verzamelde. Frederik August was eveneens koning van Polen (als Augustus II) en hij wist het bezit van beide landen handig te gebruiken om voor beide landen een grote welvaart te creëren.

August II de sterke koning van Saksen

Toen Frederik August I in 1733 overleed, zette zijn zoon het werk voort als keurvorst van Saksen en Koning van Polen. Net als zijn vader ging hij voortvarend te werk. Zo stichtte Frederik August II de Staatliche Kunstsammlungen in Dresden. De Zevenjarige Oorlog (1756-1763) was echter een zware klap voor Saksen. Dresden werd in puin geschoten en Frederik August II trok zich terug naar Polen, waarvan hij net als zijn vader koning was. Aan het eind van de oorlog keerde hij terug, maar moest afstand doen van zijn Poolse bezit. Saksen zou hierna nooit meer zo groot en machtig worden als het ooit was.

Moritzburg

Van keurvorst tot koning

De status van het Huis Wettin kreeg een nieuwe impuls onder Frederik August III Hij werd in eerste instantie in 1763 keurvorst van Saksen, maar in 1806 werd hij tot koning verheven. Saksen was nu een echt koninkrijk, met de telgen van het Huis Wettin op de troon. Daardoor werd de ‘teller’ achter de namen van de Wettiners weer op nul gezet. Keurvorst Frederik August III werd nu koning Frederik August I. De goede relatie die Frederik August met Napoleon Bonaparte onderhield, kwam hem echter duur te staan. Een groot deel van Saksen werd hem op het Congres van Wenen afgenomen, hoewel hij er nog genadig vanaf kwam. In eerste instantie zou Saksen namelijk helemaal verdwijnen. Frederik August had er na de Napoleontische tijd een enorme klus aan om de restanten van zijn koninkrijk, dat weer veel had te lijden had gehad onder de oorlogen, op te lappen. 

Wie dacht dat het koningschap van Frederik August een heel nieuwe tijd inluidde, had het mis. De werkelijke grote veranderingen kwamen eigenlijk pas na zijn dood in 1827. De negentiende eeuw werd een eeuw vol veranderingen. Niet alleen stond die eeuw in het teken van een verregaande industrialisering van Saksen, ook sociale en politieke veranderingen voerden de boventoon.

Koning van Saksen

De laatste koningen van Saksen

De laatste koning die op de Fürstenzug staat, is koning George. Onder zijn heerschappij werd begonnen met de realisatie van de Fürstenzug in 25.000 tegels van Meissener porselein. De regering van George duurde echter maar twee jaar. Zijn zoon Frederik August III volde hem op in 1904 en werd de laatste koning van Saksen. Na de desastreus verlopen Eerste Wereldoorlog brak in 1918 op veel plaatsen in het Duitse Rijk een revolutie uit, die ook Saksen bereikte. Naar verluid deed hij onder de woorden “Macht doch eiern Dreck alleene!” troonsafstand. Dat hij desondanks een grote populariteit genoot, bleek bij zijn begrafenis in 1932, waar een half miljoen mensen op af kwam.

Stamvaders van Europa?

Daarmee kwam het Koninkrijk van Saksen ten einde. Saksen ging op in de Weimarrepubliek. Het Huis Wettin bestaat echter nog steeds als een belangrijke adellijke familie, met nog altijd prinselijke en hertogelijke titels. Maar de stamboom van de familie Wettin rijkt verder dan dat. Wie nauwkeurig kijkt naar de stambomen van bijvoorbeeld het Britse en Belgische koningshuis, komt vanzelf uit bij Ernst, die in 1485 zijn heerschappij met Albrecht moest delen. Zo zou je kunnen zeggen dat Konrad de Grote, die de Fürstenzug in Dresden aanvoert, misschien wel stamvader is van veel Europese vorstenhuizen. 

Meer inspiratie

Neem nu een abonnement en krijg schitterende cadeau's!

Neem nu een abonnement en krijg schitterende cadeau's!