Home » Reportage
Geschiedenis van de uitvaart

De geschiedenis van de uitvaart in Nederland

De Nederlandse uitvaartcultuur heeft door de eeuwen heen nogal wat veranderingen moeten ondergaan. In de geschiedenis waren begrafenissen heel lang de norm. Pas sinds 2003 worden er in ons land meer mensen gecremeerd dan begraven. Wist je dat crematie pas sinds 1955 legaal is in Nederland?

Verbod op crematie

Tot de zevende eeuw was lijkverbranding de meest gebruikelijke wijze om om te gaan met de doden. Christenen zagen het verbranden van overledenen echter als een heidens gebruik. Door de kerstening van Europa werden er steeds meer mensen begraven in plaats van gecremeerd. In 785 stelde Karel de Grote een verbod in op het verbranden van de doden. Het duurde een aantal eeuwen voordat het heidense gebruik grotendeels was verdwenen. Pas in de dertiende eeuw werd er nauwelijks meer gecremeerd.

‘Stinkend rijk‘

In de middeleeuwen werden doden begraven in en rondom de kerk. De plaatsen in de buurt van de heiligste plek van de kerk, het altaar, waren geliefd, want deze brachten de dode zo dicht mogelijk bij God. Deze dure plaatsen waren echter alleen voor de rijken weggelegd. De graven bevonden zich onder de kerkvloer en waren niet altijd even goed afgesloten. Hierdoor hing er vaak een stinkende lijkenlucht in de kerk en omgeving. Een theorie is dat de uitdrukking ‘stinkend rijk’ hiervandaan komt.

Dodenbussen

In de zeventiende en achttiende eeuw ontstonden de eerste voorlopers van de uitvaartverzekering. Begrafenissen kostten veel geld en niet iedereen kon dit betalen. Daarom begonnen gildebroeders of dorpsgenoten uitvaarten te verzorgen met behulp van ‘dodenbussen’. Dit waren speciale fondsen om de kosten van begrafenissen mee op te vangen.

Verbod op kerkbegrafenissen

Eind achttiende eeuw verwierf men meer kennis over het belang van hygiëne en vond men het niet meer verantwoord om doden in de kerk te begraven. Steeds vaker werden begrafenissen verplaatst naar een locatie buiten de kerk en buiten de bebouwde kom. In 1804 verbood Napoleon kerkbegrafenissen in Frankrijk en Nederland volgde een paar jaar later. Kerkbegrafenissen bleken echter erg sterk te zijn geworteld in de Nederlandse cultuur, daarom werd in 1813 het officiële verbod weer ongedaan gemaakt. In 1829 stelde Willem I alsnog opnieuw een verbod in om op het kerkhof te worden begraven. Vanwege ruimtegebruik en hygiëne moesten nieuwe begraafplaatsen voortaan buiten de stad komen te liggen.

Vereeniging tot invoering der lijkverbranding

In juni 1874 werd er door een groep van de Haagse literaire sociëteit de Witte een vereniging opgericht die zich inzette voor een wettelijke toestemming voor crematie: de Vereeniging tot invoering der lijkverbranding in Nederland. Het zou echter nog tientallen jaren duren voordat de Begrafeniswet werd gewijzigd. Eduard Douwe Dekker, ook wel Multatuli, wordt vaak genoemd als de eerste Nederlander die zich liet cremeren. Deze crematie in 1887 gebeurde niet in Nederland maar in Duitsland, omdat het in Nederland nog illegaal was.

Eerste crematorium van Nederland

Het eerste succes van de in 1874 opgerichte vereniging was de bouw van het eerste crematorium van Nederland in 1913: crematorium Westerveld. Op 1 april 1914 werd hier het hoofdbestuurslid van de vereniging gecremeerd. Hiermee was de eerste crematie op Nederlands grondgebied een feit. Van deze crematie werd na afloop een proces-verbaal opgemaakt: cremeren was nog steeds verboden in Nederland. De crematie werd echter gedoogd en een strafrechtelijke vervolging werd niet ingezet.

Crematie eindelijk legaal

In de tweede helft van de twintigste eeuw bleef de vereniging - omgedoopt tot de Koninklijke Vereniging voor Facultatieve Crematie - zich wijden aan haar doel om crematie gebruikelijk te maken. In 1942 kocht de vereniging een stuk grond in Zwolle om een tweede crematorium op te bouwen, maar een gebrek aan bouwmaterialen door de oorlog zorgde ervoor dat dit crematorium nooit werd gebouwd. Pas in 1954 opende in het Gelderse plaatsje Dieren het tweede crematorium van Nederland. In 1955 was er dan eindelijk een wetswijziging ingevoerd die crematie legaliseerde. Acht jaar later besloot de katholieke kerk dat het niet langer verplicht is voor katholieken om zich te laten begraven.

Professionalisering van de uitvaart

Professionalisering van de uitvaart heeft ertoe geleid dat de zorg voor de doden steeds meer uit handen wordt gegeven aan externe partijen. Uitvaartondernemers, uitvaartverzekeringsbedrijven en leveranciers van kisten, grafstenen en urnen maken van de uitvaart een ware economische sector. Voorbeelden uit de uitvaartbranche zijn Uitvaartcompact.nl en Elkeuitvaartverzekeringvergelijken.nl.

Bronnen

Afbeeldingen

  • Oorlogsgraven op de gemeentelijke begraafplaats Rusthof (Amersfoort), via Nationaal Archief
Meer inspiratie

Neem nu een abonnement en krijg schitterende cadeau's!

Neem nu een abonnement en krijg drie schitterende cadeau's!

En mis nooit meer de mooiste historische verhalen!