Oprichting NAVO

De oprichting van de NAVO

Op 4 april 1949 werd de NAVO opgericht. De Noord Atlantische Verdrags Organisatie moest een groot defensief bondgenootschap worden. Daarmee zochten landen bescherming bij elkaar voor het geval er een Derde Wereldoorlog uit zou breken.

Voorlopers van de NAVO

Al tijdens de Tweede Wereldoorlog zochten de bondgenoten elkaar om op de wereld van na de oorlog te bespreken. Tijdens de conferenties van Jalta en Potsdam richtten de grootmachten Groot Brittannië, de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie Europa in. Maar veel Europese landen zochten een sterkere militaire en economische samenwerking. In 1947 sloten Groot Brittannië en Frankrijk het Verdrag van Duinkerken, waarin Engeland en Frankrijk afspraken elkaar militair te steunen bij een mogelijke aanval van Duitsland. In 1948 werd het verdrag in het Pact van Brussel uitgebreid, ook de BeNeLux-landen sloten zich aan.

De Verenigde Staten waren hier nog niet bij betrokken, ondanks dat zij een grote speler waren bij de bevrijding van West-Europa. De wetten van de VS verboden het land echter om in vredestijd militaire bondgenootschappen aan te gaan. Dat veranderde echter in 1948, toen in Tsjecho-Slowakije de communistische partij de zittende regering omverwierp en de Sovjet-Unie de toegangswegen tot West-Berlijn blokkeerde. De schok die dat teweeg bracht, maakte de weg vrij voor een grotere Amerikaanse deelname aan militaire en financiële verbintenissen met Europa.

oprichting NAVO

Trumandoctrine

Zo’n bondgenootschap paste bij het Trumandoctrine, de plannen van de Amerikaanse president Truman om het communisme –geografisch gezien- in te dammen. De vrees was dat in Europa, dat na zes jaar oorlog in puin lag en financieel aan de grond zat, het communisme makkelijk om zich heen kon grijpen. Met een militair bondgenootschap én met de financiële hulp van het Marshallplan, kon de VS de West-Europese landen, die volgens de conferenties van Jalta en Potsdam binnen de westerse invloedssfeer vielen, aan zich binden. De onderhandelingen resulteerden in een groot verbond, waaraan twaalf westerse landen, deelnamen. Belangrijk in het verdrag was het beroemde artikel 5, waarin wordt gesteld dat een aanval op één van die twaalf lidstaten, wordt gezien als een aanval op alle lidstaten.

Een manier om dat militaire bondgenootschap te coördineren was er echter nog niet. Landen mochten naar eigen inzicht voldoen aan artikel 5. Pas met de Korea-oorlog kwam er een echt NAVO-hoofdkwartier dat eventuele acties van het verbond coördineerde. Hoewel de NAVO niet als bondgenootschap meedeed aan de Korea-oorlog, werd in die periode wel duidelijk dat de lidstaten zich beter moesten organiseren, wilde het bondgenootschap daadwerkelijk effectief zijn bij een aanval vanuit de Sovjet-Unie. Tijdens de Korea-oorlog sloten meer landen zich aan bij de NAVO.

Moeilijkheden voor de NAVO

Toch was er ook veel onenigheid binnen de NAVO. Die onenigheid begon al snel, toen de eventuele herbewapening van West-Duitsland op de agenda kwam te staan. Binnen West-Duitsland, maar ook binnen de NAVO bestond veel argwaan tegen een nieuw sterk Duits leger. Na lang onderhandelen, wikken en wegen werd schoorvoetend besloten dat het voor een effectieve verdediging tegen een aanval vanuit het Oostblok noodzakelijk was dat West-Duitsland een eigen leger bezat. Daarbij werd afgedwongen dat de Duitsers openbaar verklaarden dat zij zelf af zouden zien van de productie van nucleaire, biologische en chemische wapens. In 1955 was de weg voor de Bondsrepubliek vrij om zich aan te sluiten bij de NAVO. Uiteindelijk leverde West-Duitsland zelfs een van de grootste troepenmachten aan de NAVO. Dat had echter wel consequenties. Bevreesd door de groei van de NAVO, besloot de Sovjet-Unie om het Warschaupact op te richten. 

In 1966 besloot Frankrijk de NAVO goeddeels te verlaten. De Franse president Charles de Gaulle wilde meer vrijheid en invloed voor Frankrijk binnen de kaders van de verdragen. Toen die ruimte er niet kwam, trok Frankrijk zich terug uit de commandostructuur van het verbond. Alle buitenlandse militairen en wapens die zich in Frankrijk bevonden, moesten het land verlaten. Inclusief het NAVO-hoofdkwartier, dat even buiten Parijs gevestigd was. In het diepste geheim sloten Franse en Amerikaanse diplomaten wel verdragen, die er voor zorgden dat Frankrijk militaire steun zou leveren en krijgen als er toch een grote oorlog tussen de NAVO en het Warschaupact zou uitbreken.

Hoe te reageren op de ontwikkelingen in de wereld?

Een andere moeilijkheid was hoe de NAVO moest reageren op gebeurtenissen in de wereld. Bij de Korea-oorlog had de NAVO zich niet militair ingezet, en ook tijdens de Suez-crisis opereerden NAVO-lidstaten buiten het bondgenootschap om. Zelfs bij de Cuba-crisis bleef de NAVO buiten spel, en toen de Sovjet-Unie in 1968 Tsjechoslowakije binnenviel om de anticommunistische opstand daar de kop in te drukken, deed de NAVO eveneens niks, al wel werd overwogen om kernwapens in te zetten, mocht de aanval groter worden. Ook bij de Vietnamoorlog werd er niet in NAVO-verband gevochten.

Dat heeft meer dan eens discussie opgeleverd. Doctrines wisselden elkaar af. Van ‘massive retaliation’ waarbij elke aanval door de NAVO beantwoord zou worden met een totale aanval met alle beschikbare middelen, waaronder atoombommen, ging het naar ‘detente’, een meer ontspannen situatie, tot er in de jaren 80 weer een opleving van de spanningen kwam. Hoewel de NAVO daardoor vaak het mikpunt van kritiek werd, heeft volgens anderen de NAVO daarmee bewezen zich flexibel op te kunnen stellen.

oprichting NAVO

Toekomst van de NAVO

Na de val van de Sovjet-Unie verloor de NAVO haar grootste tegenstander. Met de Sovjet-Unie viel immers ook het Warschaupact uiteen. Voor de NAVO was het zaak om zichzelf opnieuw uit te vinden. De organisatie richtte zich daarbij vooral op vredesmissies, zoals die in voormalig Joegoslavië. Maar ook buiten Europa kwam de organisatie in actie, in Afghanistan en Libië. Opmerkelijk genoeg was het pas tien jaar na de val van de Sovjet-Unie dat artikel 5 voor het eerst van zich deed gelden. Na de aanslagen van 11 september 2001 beriep de VS zich op dat artikel. Op verschillende plaatsen stegen daarna vliegtuigen die door het luchtruim patrouilleerden om een eventuele nieuwe aanslag te voorkomen.

Na de val van de muur groeide de NAVO ook enorm, waardoor het bondgenootschap inmiddels 28 lidstaten heeft. Onder die nieuwe lidstaten zitten ook landen die ooit deel waren van het Warschaupact. Dat levert nieuwe spanningen op, zowel binnen de NAVO als buiten de NAVO. Onder andere Rusland bekijkt de groei van de NAVO met argusogen en houdt met enige regelmaat oefeningen en missies waarmee de alertheid van de NAVO-eenheden wordt getest. Anderzijds zijn er binnen de NAVO ook strubbelingen. Met zo veel deelstaten, is er vaak onenigheid over de belangen van de NAVO. In het conflict in Syrië staan Turkse belangen haaks op die van de Verenigde Staten. Ook is er onenigheid over de financiering van de organisatie. In het Witte Huis is ontevredenheid over de bijdrage, of het gebrek daaraan, van sommige deelstaten in zowel militaire als financiële zin. Zo duikt de vraag op of de NAVO nog wel van deze tijd is. Door een combinatie van interne en externe spanningen, zal de NAVO in 2019, op haar zeventigste verjaardag, nog eens goed na moeten denken over haar functie en toekomst.

 

Bronnen:

Afbeeldingen:

  • Het logo van de NAVO. [Public Domain] via Wikimedia Commons
  • President Truman tekent het NAVO-verdrag (1949) [Public Domain] via Wikimedia Commons
  • Ministers van de NAVO-lidstaten bijeen in Brussel. DOD photo by U.S. Air Force Master Sgt. Jerry Morrison [Public domain] via Wikimedia Commons
Meer weten

Neem nu een abonnement en krijg schitterende cadeau's!

De Barbaren geeft een schitterend overzicht van de voorouders van de hedendaagse Europeanen.