Home » Reportage
De hangende tuinen van Babylon in een 19e-eeuwse interpretatie

De geschiedenis van het Babylonische Rijk

‘Geen één stad benadert de glorie van Babylon’, aldus de Griekse geschiedschrijver Herodotus in de vijfde eeuw v.Chr. Omdat deze beroemde stad eeuwenlang de hoofdstad was van het zuidoostelijke Mesopotamische gebied (in het huidige Irak), verwijst het Babylonische Rijk (ook wel Babylonië genoemd) nu naar een hele cultuur die zich in deze regio vestigde en ontwikkelde tussen 1800 v.Chr. en 539 v.Chr. De hoofdstad Babylon zou een van de belangrijkste en invloedrijkste steden in deze periode worden.

Oud-Babylonische Rijk

In 2300 v.Chr. werd Babylon gesticht door het Akkadische volk uit Zuid-Mesopotamië. Dat ligt in het huidige Irak, in de buurt van Bagdad. In de 19e eeuw v.Chr. werd het toen nog onbekende stadje Babylon opgenomen in het Amoritische rijk (21e eeuw v.Chr.-17e eeuw v.Chr.) van Sûmû-Abûm, een prins die dit onafhankelijke koninkrijk stichtte. Hij maakte van Babylon de hoofdstad van zijn imperium, waardoor dit ook wel als het Oud-Babylonische Rijk bekendstaat. De Amorieten, oorspronkelijk een half-nomadische stam uit de noordwestelijke grensregio van Mesopotamië, namen na de Soemeriërs en de Akkadiërs het stokje over als de machtigste staat in Mesopotamië. Al deze rijken lieten een uitgebreid cultureel erfgoed achter. Zo bedachten de Soemeriërs en Akkadiërs onder andere het eerste schrijfsysteem (het pictografische schrift) en de vroegst bekende wetboeken.

Aan het belang van Babylon veranderde echter lange tijd niets, totdat de zesde Amoritische koning aan de macht kwam: Hammurabi, die regeerde van ca. 1795 tot 1750 v.Chr. Hij maakte diplomatie een belangrijk onderdeel van zijn heerschappij, waar hij enorm succesvol in was. De combinatie van geslaagde oorlogvoering met diplomatie zorgde ervoor dat hij 1755 v.Chr. heel Mesopotamië had verenigd onder Babylonisch bestuur. Zo werd Babylon al snel een wereldstad.

Nieuw-Babylonische Rijk

Het Oud-Babylonische Rijk was echter maar van korte duur, want na de dood van Hammurabi raakte het in verval. Het werd in de 16e eeuw veroverd door de Kassieten, een volk afkomstig uit het Zagrosgebergte in het huidige Iran. Zij vestigden een dynastie die meer dan 400 jaar lang het Babylonische RIjk zouden overheersen, waarin Babylon niet langer de hoofdstad was.

Na de val van de Kassieten in 1155 v.Chr. verviel het Babylonische Rijk in een rommelige staat, met af en toe een kort overheersend koninkrijk en veel conflicten met omliggende beschavingen. Zo vielen Aramese stammen uit het westen vaak binnen, en wilde het opkomende Assyrische Rijk steeds meer invloed verkrijgen. Babylonië werd dan ook vanaf de 11e eeuw v.Chr. lange tijd overheerst door Assyrië, een rijk in het noorden van Mesopotamië. De Assyrische heersers hadden eerbied voor de oude Babylonische cultuur en namen veel aspecten van hen over. De Assyrische koning Tiglat-Pileser III (745-727 v.Chr.) liet zich zelfs tot koning van Babylon kronen. Toen het Assyrische Rijk in 626 v.Chr. echter verzwakt raakte door een burgeroorlog, kwam Babylon onder leiding van Nabopolassar in opstand. De rebellie was succesvol, en Nabopolassar werd de eerste koning van het Nieuw-Babylonische Rijk (626 v.Chr.-538 v.Chr.). Nadat dit nieuwe rijk de Assyriërs in 612 v.Chr. versloeg werd het de machtigste staat van de wereld.

Het Babylonische Rijk in de 6e eeuw v.Chr.

Babylonische cultuur

Het Nieuw-Babylonische Rijk luidde een periode van culturele bloei in voor Babylon. Er werden veel prachtige bouwwerken opgetrokken onder de zoon van Nabopolassar, Nebudkadnezar II. Deze koning regeerde van 605 v.Chr. tot 562 v.Chr., en liet onder andere de beroemde Ishtar-poort bouwen. Deze stadspoort was de mooiste toegang tot de binnenstad Babylon, en gedecoreerd met blauwe tegels die allerlei mythische dieren afbeelden. De poort werd gewijd aan Isjtar, de Babylonische godin van de vruchtbaarheid.

De Babyloniërs staan er bovendien om bekend dat ze het eerste georganiseerde astrologische systeem ter wereld creëerden. Zo voorspelden ze maan- en zonsverduisteringen, en identificeerden ze verschillende planeten: Jupiter, Venus, Saturnus, Mercurius en Mars. De vijf planeten werden geïdentificeerd met goden uit het Babylonische geloof. Deze goden werden verantwoordelijk gehouden voor de bewegingen van deze planeten, en de zon en maan. Ook introduceerden ze als een van de eerste beschavingen de toegepaste meetkunde.

De Ishtar-poort in het Pergamon museum in Berlijn

De hangende tuinen van Babylon

Een van de bekendste mythes rondom de Babyloniërs zijn de hangende tuinen van Babylon, één van de klassieke zeven wereldwonderen. De eerste beschrijvingen van deze tuinen zijn afkomstig van de Babylonische priester Berossus, die zijn verhaal optekende rond 290 v.Chr. Hij beschreef hoge stenen terrassen die leken op bergen, en beplant waren met vele soorten grote bomen en bloemen. De tuinen zouden worden onderhouden door een ingenieus irrigatiesysteem. Volgens Berossus werden ze gebouwd voor een koningin die heimwee had naar het bergachtige gebied waar ze vandaan kwam. Ondanks de overgeleverde beschrijvingen, is er tot nu toe nooit fysiek bewijs gevonden van het bestaan van de hangende tuinen, en het wordt zelfs betwist of deze wel in Babylon stonden. Deze legende blijft dus een mysterie.

Ondergang

Na de dood van Nebudkadnezar II in 562 v.Chr. bleef het Babylonische Rijk nog even voortbestaan. Onder zijn opvolgers Nabonidus en Belsazar nam de ontevredenheid onder de bevolking echter toe, vooral omdat beide vorsten met de Babylonische geestelijken in conflict raakten. Hier maakte het oprukkende Perzische rijk onder Cyrus de Grote handig gebruik van. In 538 v.Chr. wist Cyrus het Babylonische Rijk te veroveren, na zijn verpletterende overwinning in de Slag bij Opis. Ook onder de Perzische heerschappij bleef Babylon een centrum van kunst en onderwijs, maar het Babylonische Rijk verloor zijn onafhankelijkheid. Twee eeuwen later, in 331 v.Chr. kwam de stad in handen van Alexander de Grote. Hij wilde er zijn hoofdstad van maken, maar na zijn dood in 323 v.Chr. werd de stad verlaten door de Griekse Seleuciden, die als opvolgers van Alexander over Mesopotamië heersten. Het weinige wat van Babylon overbleef werd door de Islamitische veroveringen in de 7e eeuw vernietigd. Zo bleven de resten van Babylon eeuwenlang verlaten, totdat de ruïnes van de stad in de 19e eeuw werden blootgelegd door de Duitse archeoloog Robert Koldewey. Dit leidde tot een hernieuwde belangstelling voor de Babylonische geschiedenis. Sindsdien is er dan ook steeds meer bekend geworden van de eens zo invloedrijke en beroemde stad en de bijbehorende beschaving.

Bronnen

Afbeeldingen

Ook interessant: 

Beschavingen: 

Tijdperken: 

Ontdek Geschiedenis Magazine!

Meld je nu aan voor onze nieuwsbrief. Het is gratis!

Lees Ons Amsterdam

Iedere maand meeslepende en prachtig geïllusteerde verhalen over de de geschiedenis van Amsterdam.

Ga mee op ontdekkingstocht naar archeologische vindplaatsen in binnen- en buitenland!