Maurits van Oranje Johan van Oldenbarnevelt stadhouder raadpensionaris

Stadhouders en raadpensionarissen: wie is wie in de Republiek?

In de geschiedenis van de Republiek der Nederlanden kom je vaak de termen ‘stadhouder’ en ‘raadpensionaris’ tegen. Maar wie had nou eigenlijk de macht in handen? Waar hielden de stadhouders zich mee bezig? Wat deed een raadpensionaris? En hoe verhielden de twee zich tot elkaar? In dit artikel zoeken we het voor je uit.

De eerste stadhouders

Als een vorst een groot gebied had waarover hij moest regeren, dan verdeelde hij zijn rijk vaak in delen en stelde mensen aan om die delen voor hem te besturen. Een stadhouder was oorspronkelijk zo iemand. De Nederlanden vielen in de vijftiende en zestiende eeuw gedeeltelijk onder andere vorstendommen: eerst onder de hertogen van Bourgondië en vanaf 1477 onder het Habsburgse Rijk. Zowel de Bourgondiërs als de Habsburgse vorsten stelden voor elk gewest afzonderlijke stadhouders aan om het dagelijks bestuur voor hen uit te voeren. De stadhouders waren altijd mannen uit de hogere adel. Vanaf 1531 hadden zij zitting in de Raad van State, het belangrijkste adviesorgaan voor de vorst en de landsheer of landvoogdes.

Stadhouders tijdens de Tachtigjarige Oorlog

Halverwege de zestiende eeuw groeide onder de Nederlandse edellieden de onvrede over de Habsburgse overheersers. De Habsburgse vorst was op dat moment de Spaanse koning Filips II. Hij had Margaretha van Parma aangesteld als landvoogdes, maar die vroeg nauwelijks om het advies van de stadhouders en betrok hen te weinig in het bestuur. Bovendien onderdrukte de katholieke Spaanse overheerser het protestantisme in de Nederlanden. Daardoor kwamen de edellieden in opstand en brak de Tachtigjarige Oorlog uit. In 1581 zetten de noordelijke gewesten met het Plakkaat van Verlatinghe Filips af als hun vorst. Daardoor werd de functie van stadhouder als plaatsvervanger van de vorst overbodig.

Toch bleven stadhouders ook in de noordelijke provincies bestaan, naast de zuidelijke stadhouders die trouw waren aan het Spaanse gezag. De noordelijke stadhouders werden de belangrijkste machthebbers van de gewesten en kwamen bij elkaar in de Staten-Generaal, waar ook de lokale regenten zitting in hadden. Willem van Oranje was stadhouder van de gewesten Holland, Zeeland en Friesland en is een van de bekendste stadhouders uit de Nederlandse Opstand. Zijn zoon Maurits nam die titel na zijn dood van hem over. Hoewel stadhouderschap dus in het begin niet erfelijk was, zoals bij koninklijke of andere adellijke titels het geval was, zag je in de praktijk vaak dat de functie van vader op zoon overging. Eind zeventiende eeuw werd de titel wel formeel erfelijk. 

Maurits bij de Slag bij Nieuwpoort, 1600 (Wikimedia Commons)

De raadpensionaris in de Republiek

Nadat vergeefs was gezocht naar een vervangende vorst na het afzetten van Filips, werd de  Republiek der Nederlanden in 1588 opgericht. Een republiek heeft per definitie geen vorst. De stadhouders van de gewesten gingen daarom vanzelfsprekend een belangrijke rol spelen.

Maar in de geschiedenis van de vroege Republiek duikt ook vaak de naam van de raadpensionaris op. Een raadpensionaris was de belangrijkste ambtenaar en financieel- en juridisch adviseur van de Staten van Holland en Zeeland. Hij leidde de afgevaardigden van Holland en Zeeland naar de landelijke Staten-Generaal. Een belangrijk verschil tussen de stadhouder en de raadpensionaris is dus dat stadhouders in alle gewesten voorkwamen, terwijl alleen Holland en Zeeland samen één raadpensionaris hadden.

Raadpensionaris trekt de macht naar zich toe: Johan van Oldenbarnevelt

Tot 1617 werd de raadpensionaris nog landsadvocaat genoemd. De eerste raadpensionaris ten tijde van de Republiek was Johan van Oldenbarnevelt. Hij werd in 1586 aangesteld en zou de functie tot zijn dood in 1617 bekleden. In die lange tijd dat Oldenbarnevelt raadspensionaris was, drukte hij zijn stempel op de functie en trok veel macht naar zich toe.

Omdat de gewesten Holland en Zeeland aan het einde van de zestiende eeuw door de handel relatief rijk waren geworden en daardoor veel overwicht hadden in de Staten-Generaal, werd de raadpensionaris net als de stadhouder een belangrijk bestuurder in de Republiek. Maurits, de stadhouder van Holland en Zeeland, was een militair genie en voerde het Staatse leger dat tegen de Spanjaarden vocht aan. Hij was meer geïnteresseerd in oorlogsvoering en liet het bestuur van het gewest daarom liever over aan Oldenbarnevelt. Die had overal een mening over en werkte zich op gezette wijze op tot meest invloedrijke persoon van de Republiek der Nederlanden. Hij bereidde vergaderingen en besluiten van de Staten-Generaal voor en kon zo zijn eigen zin doordringen.

Het conflict tussen de stadhouder en de raadpensionaris

De raadpensionaris en de stadhouder van Holland en Zeeland werkten in de eerste jaren nauw samen en hadden in het landelijk bestuur van de Republiek veel in te brengen. Later raakten Maurits en Oldenbarnevelt verwikkeld in een conflict. Ze waren het oneens over strategieën in de oorlogsvoering tegen Spanje, over vredesbesprekingen en een wapenstilstand en stonden bovendien tegenover elkaar in de geloofscrisis tijdens het Twaalfjarig Bestand. Dat leidde uiteindelijk tot de arrestatie en onthoofding van Oldenbarnevelt. Doordat hij als raadpensionaris zoveel macht naar zich toe had getrokken, had hij bestuurders van andere gewesten tegen zich in het harnas gejaagd. Stadhouder Maurits genoot daarentegen als succesvol legerleider en edelman veel aanzien, en trok aan het langste eind.

De bedreigde zwaan, stadhouder raadspensionaris

Stadhouders en raadpensionarissen in de geschiedenis van de Republiek

Omdat Maurits en Oldenbarnevelt de toon hadden gezet in de relatie tussen de stadhouders en de raadspensionaris van Holland en Zeeland, was hun conflict zeker niet het enige in de geschiedenis van de Republiek. Een ander beroemd conflict is bijvoorbeeld de ruzie tussen stadhouder van Holland, Zeeland en Utrecht Willem III, en raadpensionaris Johan de Witt. Omdat stadhouders zich in de zeventiende eeuw vaak als vorsten gingen gedragen, wekten zij veel irritatie op bij regenten. Daardoor werden er in verschillende gewesten in de Republiek zogenaamde ‘stadhouderloze tijdperken’ door regenten bepleit en doorgedrukt. Raadpensionaris De Witt werd beschuldigd van het doorvoeren van de Acte van Seclusie in 1654, waardoor Willem III geen stadhouder kon worden en het Eerste Stadhouderloze Tijdperk inging, maar het is nooit helemaal duidelijk geworden wat zijn precieze rol daarin is geweest.

Tijdens de stadhouderloze tijdperken was er geen stadhouder, maar hadden de raadpensionaris en de regenten het voor het zeggen. Hoewel in de geschiedenis van de Republiek der Nederlanden raadpensionarissen en stadhouders soms ook goed konden samenwerken, bleef de strijd om de macht tussen de twee altijd een soort kat-en-muisspel.

Leestip:

Stadhouder versus RaadspensionarisHet stokje van Oldenbarnevelt
Auteur: Geert H. Janssen
ISBN: 9065504559
Uitgever: Verloren
Winkelprijs: €10,–

Bestel Het stokje van Oldenbarnevelt

 

Bronnen:

  • J. C. H. Blom en E. Lamberts, Geschiedenis van de Nederlanden (Baarn 2006).
  • B. Knapen, De man en zijn staat: Johan van Oldenbarnevelt 1547 – 1619 (Amsterdam 2013).
  • A. van der Lem, De Opstand in de Nederlanden 1568 – 1648. De Tachtigjarige Oorlog in woord en beeld (Nijmegen 2014).

Afbeeldingen:

  • Oldenbarnevelt brengt met enkele Statenleden Maurits het bericht van zijn aanstelling tot stadhouder, 1585. Paul Tétar van Elven, 1838. [Public Domain via Wikimedia Commons]
  • Prins Maurits tijdens de Slag bij Nieuwpoort (1600). Henri Ambrosius Pacx, datum onbekend. [Public Domain via Wikimedia Commons]
  • De Bedreigde Zwaan. Jan Asselijn, circa 1650. [Public Domain via Wikimedia Commons]

Wie was raadspensionaris Johan van Oldenbarnevelt, waarom was zijn invloed zo groot en waarom werd hij wegens landverraad terechtgesteld? Lees het allemaal in ons dossier.

Meer weten

Museum Bronbeek organiseert van 20 t/m 27 oktober 2019 in de ‘Week van de Koloniale Geschiedenis’ lezingen, films, muziek, dans, theater, talkshow en exposities rond het thema ‘Zij/hij’. Deze ‘Week’ is deel van de landelijke Maand van de Geschiedenis. Het gedetailleerde programma is vanaf 1 oktober als PDF te downloaden.

 

Neem nu een abonnement en krijg schitterende cadeau's!